DE SGP EN DE PRAKTISCHE POLITIEK
Aan het einde van de werkweek begaven wij ons naar het historische provinciehuis in Middelburg, waar we volgens afspraak een gesprek zouden hebben met de heer R. van Ommeren, die bijna vier jaar lid is van het dagelijks bestuur van de provincie, van Gedeputeerde Staten dus.
Na ons bij de portier te hebben aangemeld, worden we naar de kamer van de heer Van Ommeren gebracht. Deze blijkt juist in gesprek te zijn. Maar na enkele minuten reeds verlaat, de bezoeker de kamer en worden we door de gedeputeerde verwelkomd in zijn moderne, zakelijke, maar toch niet ongezellige werkkamer. Daar spraken we over de (Zeeuwse) politiek, maar wierpen ook een blik vooruit op de komende statenverkiezingen.
U hebt binnen cle S.G.P. geschiedenis gemaakt, doordat u de eerste gedeputeerde bent van deze partij. Er is xdteraard wel het een en ander aan vooraf gegaan, maar hoe bent u er toe gekomen lid te worden van de S.G.P.?
Lid van de S.G.P. ben ik, je zou haast zeggen, van de geboorte af. Ik ben kerkelijk bij de reformatorische groeperingen opgevoed en daar heb ik altijd onder verkeerd en zodoende ben ik vanzelf in S.G.P.-kringen terechtgekomen. Dat ik daadwerkelijk me in de S.G.P. ben gaan bewegen, is eigenlijk pas gebeurd na de watersnoodramp, nadat ik in Zeeland terecht gekomen was.
Wanneer werd u lid van provinciale staten?
In 1966. Ik was dus reeds twaalf jaar statenlid, toen. déze periode inging (1978) en ook tot mijn eigen verbazing gaf dat de mogelijkheid om G.S.-lid t.e worden.
Hoe kwam het zover, dat u door de staten tot G.S.-lid werd gekozen? Het was toch eigenlijk wat wonderlijk, dat juist toen de S.G.P. een zetel verloor en het G.P.V.
uit de statenzaal verdween, dat toen voor de S.G.P. een G.S.-zetel beschikbaar kwam.
Dat is inderdaad juist. Ik was in 1978 voor de periode '78-'82 lijsttrekker voor de S.G.P. Daarom werd ik van de S.G.P.-fraktie betrokken bij het fraktievoorzitteroverleg na de verkiezingen om met elkaar te praten over de kollegevorming. Het toen zittende kollege bestond uit drie C.D.A.-gedeputeerden, twee PvdA-gedeputeerden en een VVD-gedeputeerde, terwijl de kommissaris van de koningin ook CDA is. De verkiezingen gaven te zien, dat CDA en PvdA elkander op een neuslengte volgden. Het CDA kon dus moeilijk drie CDA-gedeputeerden vragen en daarbij slechts twee zetels aan de PvdA toedenken. De PvdA evenwel dacht aan een ander spel. Die zag met 26 nietconfe'ssionelen (16 PvdA, 8 VVD en 2 D'66) een meerderheid in de staten. De PvdA was er op uit de konfessionele meerderheid van het kollege te breken. De PvdA ging zelfs zo ver, dat. zij zelf genoegen nam met 2 G.S.-zetels en daarbij 2 G.S.-zetels aan de VVD beloofden, die half zo sterk is als de PvdA. En daarbij hielden ze dan nog de mogelijkheid open voor 2 CDA-zetels. Daar was dus bepaald niet gedacht aan de SGP. Maar het CDA zag voor zichzelf ook wel de moeilijkheid zitten om drie zetels te claimen. Men was dus uit dien hoofde min of meer verplicht naar de SGP te kijken.
Dat tuas de enige konfessionele partij nog.
Precies. En wij gezamenlijk konden 2-zetels (17 CDA, 4 SC-P) leveren. Als men dus aan ons dacht, zat er niet anders op, dan dat men ook ons een GS-zet.el toeschoof. Onze fraktie was en is van mening, dat als je aan de politiek gaat deelnemen, de konsekwentie is, dat je eventueel ook aan het dagelijks bestuur van gemeente of provincie deelneemt. De fraktie was dan ook unaniem, van oordeel akkoord te gaan en dat ik dan GS-lid moest, worden.
Verwacht u nog vier jaar te kunnen blijven zitten als GS-lid?
Dat is afhankelijk van allerlei omstandigheden. ïk geloof met enige bescheidenheid te mogen zeggen, dat ik de afgelopen ruim 3Vs jaar bewezen heb, dat de SGP bereid is om aan het bestuur deel te nemen. Dat zeg ik, omdat naar de SGP nog wel eens het verwijt wordt gemaakt, dat dat niet gebeurt. Ik heb getracht, dat waar te maken met handhaving van de SGP-beginselen. Die SGP-beginselen heb ik, voorzover dat mogelijk is, op gepaste wijze ook in het dagelijks bestuur van de provincie tot uitdrukking gebracht.
Dat is dan meteen een volgende vraag: is het mogelijk om als GS-lid uw principes te handhaven en hoe wordt dat door uw kollega's, mede-GS-leden, opgevat?
Toen het zover was, dat ik werd aangewezen tot mede-gedeputeerde, heb ik in de eerste vergadering van het kollege, waar officieel de portefeuilleverdeling wordt bekrachtigd, gemeend te moeten zeggen, dat ik bereid was. aan het dagelijks bestuur van de provincie mede gestalte te geven, Maar dat ik dat uiteraard zou doen vanuit de SGP-beginselen. Ik heb ook gemeend in die eerste vergadering t.e moeten stellen, dat de principiële zaken, waar onze SGP-fraktie in de staten altijd tegen heeft moeten stemmen, ik me óók aan die gedragslijn zou houden.
17 hebt enkele portefeuilles die nogal wat problemen kunnen opleveren, lijkt mij, wat principiële zaken betreft. Ik denk aan maatschappelijk iverk, volksgezondheid, welzijnsplanning. Hoe hebt u dat ervaren?
Ten aanzien van welzijnsplanning, daar horen verschillende zaken onder. Dan moet u denken aan maatschappelijke dienstverlening, die heb ik in de portefeuille gehouden. Daar hoort echter ook bij: kuituur en sport. De kollegae hebben wel ingezien, dat dit heel moeilijke zaken kunnen zijn. Die portefeuilles zijn toen aan anderen toebedeeld, zodat er uiteindelijk drie welzijnsgedeputeerden. zijn, waarvan ik de koördinerend gedeputeerde. Dat is enerzijds wel gemakkelijk, dat je die niet hebt, maar dat neemt anderzijds niet weg, dat je medeverantwoordelijkheid draagt voor de totaliteit. Wat de volksgezondheid betreft moeten we voor ogen. houden wat de taak van het provinciaal bestuur in deze is. En ik kan me indenken, dat dan de gedachten uitgaan naar de affaire in het Gasthuis in Middelburg, waar enkele verpleegsters niet wilden meewerken aan abortus. Mijn standpunt over die zaak zal wel duidelijk zijn. Aan de affaire zelf heb ik niets kunnen doen. Wij hebben op dit terrein, als provinciaal bestuur niet
anders dan met planning en de bouw van nieuwe ziekenhuizen te doen, niet met de beoefening van de volksgezondheid in die ziekenhuizen. De gemeenteraad van Middelburg heeft via het bestuur van het Gasthuis meer invloed, dan wij via het provinciaal bestuur.
Dat geldt dan voor het maatschappelijk werk in gelijke mate?
Inderdaad, Behalve dat je bij het maatschappelijk werk nog wel eens te maken krijgt met het subsidiëren van instellingen, en daar zijn dan zaken bij waar je vraagtekens bij kunt zetten.
Is het voor de fraktie niet lastiger werken nu er een partijgenoot in GS zit, dan vroeger?
Het is inderdaad lastiger. Het fraktiewerk b.v. gebeurde voorheen door vier personen en nu door drie personen, dus een vermeerdering van werk. Het kommissiewerk moet nu ook over drie verdeeld worden. Bovendien is het zo, dat je als-fraktie, die niet aan het kollege deelneemt wat meer bewegingsvrijheid hebt.
De provinciale verkiezingen koinen in zicht. D.V. 24 maart gaan de stembureaus weer open. Is het kiezen van provinciale staten nu eigenlijk belangrijk?
Ja, en het is zelfs belangrijker geworden. In het verleden hebben de provinciale verkiezingen aanzienlijk minder belangstelling genoten dan de kamerverkiezingen en de raadsverkiezingen. Dat was ook merkbaar aan de opkomst, al is dat aan het wijzigen. Met name door de decentralisatie van de overheidstaken is het werk van de provinciale staten belangrijker geworden. Daardoor komen de planningstaken veelal op provinciaal niveau en die zijn op zich al erg belangrijk. Nu zal in de komende vier jaar die uitbreiding nog wel enigszins beperkt blijven door de financiële perikelen, waar ons goede land in terecht gekomen is.
Zou het niet verstandiger zijn op een grote partij te stemmen, die meer invloed heeft, dan op een kleine partij als de SGP?
Dat lijkt getalsmatig inderdaad zo. Iiet is evenwel zo, dat een rekenkundig model in de praktijk niet altijd blijkt op te gaan. Ik verwijs hiervoor naar de kollegeverkiezing bij de vorige statenverkiezing. Hoewel wij dan niet de zwaarste portefeuilles hebben gekregen, hebben we toch in het dagelijks bestuur van de provincie een relatief grote invloed gekregen. Ik ervaar zelf regelmatig tekort te schieten. En dan is het belangrijk, dat je ook in deze funktie op het gebed gedragen wordt. Maar het is onmiskenbaar dat. je aanwezigheid als SGP-er in een kollege een. bepaalde invloed doet uitgaan, ook al zou je niets zeggen. Ik denk zelfs ook een invloed op de wijze van uitdrukken van anderen.
Hoe ziet u de taak van de-SGP in deze tijd?
Te trachten datgene wat ons beginselprogram zegt, de beginselen gegrond op Gods Woord, tot meerdere erkenning te brengen. En ik denk, dat die taak door deel te nemen aan het dagelijks bestuur nog beter tot zijn recht kan komen, dan als statenlid door uitsluitend daar getuigend bezig te zijn. Als je toont niet, wars te zijn van de praktische politiek, kunnen onze beginselen, van grote invloed zijn. Dat wil niet zeggen dat je het getuigen moet laten liggen, nee, dat moet je zowel j.n de staten als in GS tot uitdrukking: brengen. En ik denk, dat je op deze manier bezig zijnde, de niet-SGP-ers toch ook in het geweten aanspreekt op hun doen en laten. En ik denk dat daar zowel vcor het statenlid als voor het GS-lid een heel grote taak ligt. Misschien nog wel een grotere taak in 1982-1986 dan in de tijd daarvoor, omdat de dekonfessionalisering schrikbarende vormen aanneemt. Als we dan op gepaste wijze nog kunnen terugroepen naar de beginselen gegrond op Gods Woord, dan hebben wij juist nu een grote taak. Zolang wij de mogelijkheid hebben zo bezig te zijn, hebben wij dat als een plicht te zien om die te aanvaarden.
Hoe staat u tegenover de andere reformatorischs partijen, GPV en RPF? Moet er in deze tijd niet meer samenwerking zijn?
Waar het mogelijk is met anderen een bolwerk te betrekken, geloof ik, dat je moet trachten dat te doen. Wel is heel duidelijk waar de scheidingslijnen lopen. Dan komt het bekende onverkorte artikel 36 al heel snel om de hoek kijken.
We moeten ons heel duidelijk bewust, zijn, dat die scheiding er is. Dat neemt niet weg, dat je op bepaalde terreinen met deze partijen toch het beste samen kunt werken, waar dat mogelijk is. En in d.e praktijk blijkt dat ook mogelijk. We hebben in de vorige statenperiode eens vragen gesteld over subsidieverlening'aan de Vereniging Milieuhygiëne Zeeland over de godslasterlijke wijze waarop zij zich in hun blad uitten. Het toen zittende GPV-statenlid heeft met die vraagstelling meegedaan. En dat heeft er toe geleid, dat de subsidie op dat moment werd ingetrokken.
De vergaderingen van provinciale staten worden nog altijd met gebed geopend. Hoe ervaart u dat?
Dat ervaar ik als een erkenning van het Goddelijk gezag dat boven ons staat en wij hebben een daarvan afgeleid gezag. En ik hoop dat dat gebed in stand zal blijven, maar ik vrees dat daar wel weer een aanval op gedaan zal worden.
Om nog even op de verkiezingen terug te komen: kunt u de lezers van „Daniël" duidelijk maken, waarom zij zouden moeten gaan stemmen en waarom dan bij voorkeur SGP?
Wij kennen in Nederland de demokratie. Dat is een staatsvorm, die hier ingang heeft gevonden en ook aanvaard is. Dat betekent dan dat zich politieke partijen presenteren om aan die demokratie deel te nemen. Welnu de Staatkundig Gereformeerde Partij neemt deel aan deze demokratische vorm. En probeert op die manier de beginselen op grond van Gods Woord tot meerdere erkenning te brengen in het land. Als we dit stellen en we willen leven volgens de christelijke normen, dan hebben we op grond van die normen ook de plicht om aan de verkiezingen deel te nemen en om staatkundig gereformeerd te stemmen!
Hebt u nog een slotopmerking?
Ik hoop dat dit gesprek mag bijdragen tot verheldering van zaken onder de jongeren die „Daniël" lezen. Als er nog vragen overgebleven zijn, dan ben ik ten allen tijde bereid daar nader op in te gaan.
Namens de lezers wil ik u hartelijk bedanken voor dit gesprek en ik hoop dat de SGP in de provincie een goede verkiezingsuitslag mag hebben!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 maart 1982
Daniel | 28 Pagina's