WAT HEB JE AAN?
Wat een vraag boven dit stukje... Misschien kijk je wel omlaag: „Wat ik aan heb? Nou gewoon... een trui, een rok, een er kan zo een hele opsomming volgen van allerlei kledingstukken.
Het is inderdaad een vraag naar je kleding; daar wil ik het in dit stukje over hebben; eens nadenken over de manier waarop we ons kleden of behoren te kleden.
Niet, zoals in allerlei tijdschriften gebeurt, boordevol adviezen over wat je beslist moet dragen om precies bij de tijd te zijn; maar een zoeken naar gedachten, naar overwegingen, die toch heel belangrijk zijn bij het kiezen van de kleding, die jullie dragen.
— Jullie, jongens en meisjes, die gedoopt zijn en .leven onder de verkondiging van Gods Woord.
— Jullie, jongens en meisjes, die leven te midden van de gemeente, onder een volk waaruit de Heerè Zijn kinderen vergadert door Geest en Woord.
— Jullie, die mogen leven onder het gebed van Gods kinderen.
Zie je, hoe je het ook wendt of keert, door al deze dingen ben je anders, kun je niet onder één noemer geplaatst worden met dè jeugd van Nederland. Je leeft temidden van hen... en toch... je bent niet van hen. De Heere.Zelf zette je apart. Dat heeft konsekwenties voor je manier van leven, je levenswandel; daar hoort ook je stijl van kleden bij. De Heere vraagt jou toch te leven zoals Hij dat ons in Zijn Woord gebiedt? Dat Woord moet de regel zijn voor je leven.
Wat zegt Gods Woord dan over mijn. kleding?
Voorin de Bijbel vinden we al een belangrijk gegeven, Genesis 3 : 21. We lezen dat de Heere Adam en Eva kleren geeft als, na de zondeval, hun gevoel van schaamte ontwaakt is. Er bestaat verband tussen kleding en zonde, dat mag je nooit vergeten bij het beoordelen van kleding. Door de zonde en om de zonde is kleding noodzakelijk geworden.
Verder lezen we in Deut. 22 : 5 dat de kleding de herkenning van man en vrouw mogelijk moet maken. De Heere heeft man en vrouw geschapen, dat onderscheid mogen we door kleding niet wegnemen of verdoezelen.
Gods Woord heeft geen bezwaar tegen het verfraaiende karakter van kleding. Lees maar Psalm 45 en Openb. 21 : 2. Dat, betekent niet dat je hierin onbeperkt je gang kunt gaan. Lees maar hoe Jesaja de dochters van Sion bestraft en Gods oordeel uitspreekt over hun pronken met kleding en sieraden. In het Nieuwe Testament wordt herhaaldelijk aangedrongen op eerbare kleding en soberheid in het gebruik van sieraden (1 Petr. 3 : 3; 1 Tim. 2 : 9).
In het licht van de Schrift is dan een groot deel van de kleding, die de tegenwoordige mode ons biedt, onaanvaardbaar. Veel kun je niet dragen omdat met het schaamtegevoel geen rekening wordt gehouden; omdat het verkeerde, onreine gedachten oproept of het onderscheid tussen man en vrouw wegmoffeld... Je kunt dit toch zelf wel met voorbeelden aanvullen? De Heere eiöt niet van ons, dat we ons aan de wereld onttrekken, dat we in kloosterachtige gewaden rond gaan lopen, maar wel .dat we door de stijl waarmee we leven, getuigen dat we anders zijn. Dat we geen slaven zijn van wat ons door de wereld voorgeschreven wordt, maar ons kritisch opstellen en ons steeds afvragen: at zegt de Heere in Zijn Woord? Sla ook eens in je Bijbel Rom. 14 : 13 op. Daar waarschuwt Paulus tegen het geven van ergernis. Onze kleding kan daar toch ook aanleiding toe geven. Wat veroorzaakt het veel verdriet in de gemeente, als de grenzen tussen kerk en wereld steeds meer worden uitgewist.
Door de verwereldlijking wordt de gemeente geschaad. Als je de wereld kritiekloos navolgt, in een levenswandel die niet is naar Gods Woord en ergernis wekt, ben je daar ook schuldig aan.
Laat je wandel eerlijk zijn onder de mensen, durf een persoonlijkheid te zijn binnen de grenzen die de Heere je stelt;
uit liefde voor Hem en Zijn dienst en uit liefde voor de gemeente.
Ik weet, dat het niet altijd even gemakkelijk is; je zult misschien uitgelachen en bespot worden. Maar heeft de Heere Jezus ooit beloofd dat we het makkelijk zullen hebben? Hij heeft wel beloofd dat Hij zal bemoedigen in de strijd die we moeten voeren en gezegd: Die Mij eren, zal Ik eren, maar die Mij versmaden zullen licht geacht worden. Het is heel wat beter vanwege de dienst van de Heere versmaadheid te worden aangedaan, dan in het verlaten van Gods weg de twijfelachtige, nietige eer van aan God vervreemde mensen te ontvangen.
Maar verlies bij dit alles het belangrijkste niet uit het oog. We kunnen, ook in onze kleding, nauwgezet leven; dat behoren we te doen. Toch, de Heere kijkt verder, de Heere kijkt naar het hart. Is dat hart nog onvernieuwd? Dan kun je nooit Gods eer op het hoogst bedoelen. Dan kun je, ook met je keurige kleren, niet voor God bestaan.
Nicodemus had een onberispelijke levenswandel; maar wat zegt de Heere Jezus tegen hem? „Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: tenzij dat iemand weder geboren worde, hij kan het Koninkrijk Gods niet zien. Bid dan de Heere of Hij je leven wil vernieuwen; vraag of Hij je wil leren naar Zijn wil te handelen, of je Hem mag vrezen vanuit een oprecht hart. De vreze des Heeren is altijd het beste sieraad.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 maart 1982
Daniel | 28 Pagina's