VERWIJDERING
KORT VERHAAL
In dikke stralen plenst de regen uit een egale grauw-grijze lucht. Spat neer in kleine fonteintjes op het glimmend zwarte wegdek. Striemt, in vaart meegenomen door de windvlagen, een groepje fietsers, dat zwijgend stug doortrapt op het lange fietspad. Gehuld in oranje en geel plastic kunnen ze er wel tegen.
„Als het maar niet zo waaide", denkt Rita, die achteraan fietst. Brrr, wat zal ze blij zijn als ze thuis zijn. Nog een paar kilometer van de zestien... Het is een hele rit elke dag. Vorig jaar had het haar nog wel eens moeite gekost, maar ze is nu helemaal aan de tocht gewend. De eerste maanden van dit schooljaar zijn ook prima gegaan, bedenkt ze. Ze hebben veel mooi weer gehad en dan is het best leuk met zo'n stel. Ook, al is haar vriendin er dan niet bij.
Ja, dat was heel wat geweest: vanaf de kleuterschool hadden ze altijd naast elkaar gezeten. Tot en met de zesde klas van de lagere school. Nel en zij, ze hóórden gewoon bij elkaar. Ze waren ook allebei getest voor de havo, dus konden ze gezellig bij elkaar blijven. Dat dachten ze. Totdat ja, totdat ze zich moesten opgeven.
Vlakbij hun dorp, nog geen vijf kilometer verder, was ook een havo. De ouders van Nel vonden, dat zij daar best naar toe kon. Het was ook een christelijke school en je hoefde zo'n kind elke dag toch niet zo'n eind te laten fietsen, als het niet nodig was? Verschrikt en helemaal overstuur was Rita thuisgekomen. Want haar ouders hadden haar voor een andere school opgegeven.
Hoe moest dat nu? Haar beste vriendin zou ze kwijtraken.
Ze weet nog goed, hoe vader en moeder met haar hadden gepraat. „We hebben beloofd ook je te dóen onderwijzen naar Gods Woord, Rita. En al heeft de school waar Nel naar toe gaat, dan nog de naam christelijk, het is helaas maar een vlag
die de lading moet dekken. We weten er té veel van. We kunnen je daar niet naar toe laten gaan. Al is die andere school dan een stuk verder, er gaan er toch meer? Een stuk fietsen is gezond hoor. En je zult je er, wat het milieu betreft, zeker beter thuis voelen. Wat geeft het dan, dat het wat verder is? Er wordt wel eens een offer van ons gevraagd..."
Ziezo, de laatste bocht... daar is het dorp al. De wind rukt de poortdeur uit haar handen, zodat deze met een klap dichtslaat. Zo, nu weet moeder meteen dat ze thuis is. Zie je wel, daar is haar vertrouwde gezicht al voor het keukenraam. Vlug de natte plunje uit.
Even later zit ze heerlijk met een kop koffie aan de keukentafel. Praat nog wat. Nog cijfers gehaald? Ja, een zes voor engels... viel een beetje tegen...
Nog even naar ; de kleine puk in de box kijken en dan naar boven. Er staat weer heel wat in haar agenda.
Op een zaterdagmiddag fietst Rita naar Nel. Als ze even kunnen, zitten ze toch nog bij elkaar. Ze loopt meteen achterom, door de keuken, waar het heerlijk ruikt.
„Mmm! Dag mevrouw Boer! Het ruikt hier goed 1 !"
„Hallo Rita. Snoeperd! Zullen we straks bij de thee kijken, of er wat kruimels overschieten? Je wordt er niet dikker op. Kun je dat fietsen wel volhouden? " „Natuurlijk, leuk hoor!" zegt Rita luchtig. Laat ze daar nu wéér niet over gaan zeuren... „Is Nel boven? " „Ja, ga maar kijken hoor!"
„Ha Nel, zit je nog huiswerk te maken? " „Ik moet nog iets voor een werkstuk klaar hebben, 't Is bijna af hoor." „O, ik val wel ergens neer. Heb je wat te lezen voor me? Dan hou ik tenminste mijn mond."
Nel lacht en wijst naar haar bed.
„Daar ligt de schoolkrant. Verdiep je daar maar in. Het is niet veel bijzonders hoor, ik waarschuw je van te voren. De krant van jullie degelijke school is natuurlijk heel anders."
Rita kijkt even scherp naar haar vriendin. Maar die werkt ijverig door. Toch ... die klank in Nels stem...
Ze bladert het krantje wat door. Mededelingen een filmavond lekker lachen jongens... en nog voor een goed doel ook... Volksdansen.
Dan een verslag van een werkweek, geschreven door de leerlingen: „Met het hele stel gingen we 's avonds naar de disko-bar. Om één uur rolden we eindelijk slaapdronken (dus nog niet echt dronken, hoor) in bed. En een lol dat we hadden "
Er staat een foto in van een stel meisjes. Allemaal in lange broek, ziet Rita. „Zijn die van jouw klas, Nel? "
Nel kijkt op. „Nee, dat is een andere klas. Maar die dragen ook allemaal een lange broek, als je dat soms bedoelt."
Weer die scherpe klank in Nels stem... Rita schuift wat onbehaaglijk heen en weer. Ze voelt zich niet zo erg op haar gemak. En dat is nog nooit gebeurd.
Dan, zonder enige aanleiding, zegt haar vriendin bitter: „Alleen ik loop er natuurlijk met een rok tussen. Bespottelijk. Maar ik zal wel net zo lang zeuren, tot ik er ook één aan mag."
Rita weet niets te zeggen. Nel verwacht ook geen antwoord, maar ze springt op en zegt: „Kom op! Gaan we 'kijken of moeder thee heeft. Met iets lekkers misschien."
Haar toon is weer gewoon. Dit is de oude Nel weer.
Maar al's Fata aan het eind van de middag naar huis fietst, denkt ze: en toch is het anders geworden. Ze kan het niet goed een naam geven, maar ze voelt de verwijdering. En ze weet ook, dat die alleen maar groter zal worden... Het valt ook niet mee voor Nel.
Dan gloeit er een warme blijdschap door haar heen: blij, dat vader en moeder iets anders voor haar hebben uitgezocht. Blij, dat haar ouders het beste met haar voor hadden, al zag ze dat toen niet!
Benthuizen
A. Vogelaar-van Amersfoort
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 februari 1982
Daniel | 28 Pagina's