HEEFT LEREN NOG WEL ZIN?
Ieder jaar komen ongeveer 250.000, dat is een kwart miljoen, jongeren van school. Enkele jaren geleden was het voor deze schoolverlaters meestal niet zo moeilijk om op korte termijn aan de slag te kunnen gaan. Soms moest je dan wel eens genoegen nemen met een baan die niet je eerste keus was, maar in ieder geval kan je iets gaan verdienen en was je niet afhankelijk van een uitkering.
De laatste jaren wordt het vinden van een baan, nadat je van school gekomen bent, veel moeilijker. Het kan zelfs zo zijn — en dat is ook afhankelijk van de plaats waar je woont — dat er maanden en maanden verstrijken zonder dat je werk kunt vinden. En dat ondanks driftig zoeken en solliciteren.
Gelukkig is dit met de meesten met, het geval, zoals de statistieken ons vertellen. Dit sombere beeld dat ik jullie schets —• want dat is het toch wel — zal bij de één heel andere reakties opwekken, dan bij de ander. Als je nog op school zit, ervaar je het' probleem, nog niet aan den lijve, misschien pieker je er daarom nog maar niet over en ga je rustig je gang. Je maakt er (nog) geen enkel probleem van. Maar anderen die een diploma op zak hebben, vragen zich misschien in paniek na de zoveelste sollicitatie af waarom hij of zij weer werd afgewezen.
Heeft leren zin?
Heeft leren zin? Onwillekeurig komt nu de gedachte bij je op: „Heeft leren dan nog wel zin? Doet het er eigenlijk nog wel iets toe, of ik mijn best doe om iets te bereiken? Of is alles wat ik nu: doe, nutteloos voor de toekomst? ”
Deze vragen kunnen des te meer op je af komen als je om je heen, in je vrienden-en vriendinnenkring, telkens hoort dat het inderdaad allemaal geen zin heeft: „Wat maakt het nu uit of je geleerd hebt of niet? Als je werkloos blijft, kun je toch altijd nog een uitkering krijgen!”
Toch zou ik achter deze opmerkingen wel heel grote vraagtekens willen zetten. Hoe nijpend het probleem van de jeugdwerkloosheid dan ook is, toch vinden de meeste jongeren na kortere of langere tijd zoeken wel een baan. En bij het vinden van die baan is het juist van zo'n groot belang of je geleerd hebt of niet. Juist in deze tijd, nu de werkgevers een ruime keus kunnen maken uit de vele gegadigden, letten ze wel degelijk op je opleiding. En als je eenmaal aan de slag bent, kan de kennis die je in de schoolbanken hebt opgedaan, je tot enorme steun zijn. Vakken waarvan je op school nauwelijks het nut inzag, blijken nu soms van grote waarde te zijn. Dit is nog meer het geval als je een wat hogere positie zou
(willen) krijgen. De met moeite erin gestampte talen, de wiskundige en technische formules, de biologie-en scheikundelessen, blijken nu ineens van pas te komen. Op dat moment konstateer je: „Ik had veel meer moeten leren.”
Leren, een basis voor verdere studie
De één beëindigt zijn studie na een aantal jaren mavo op 16-jarige leeftijd, de ander is al dik in de twintig als hij de H.T.S. of een universiteit verlaat. Nu kent Nederland in tegenstelling tot de meeste van onze buurlanden, een behoorlijk uitgebreide mogelijkheid om 's avonds iets bij te leren. Deze avondstudie is voor velen reeds de methode geweest om. vooruit te komen in de maatschappij. Of dit nu een kursus handelskorrespondentie of boekhouden betreft, ze bieden de mogelijkheid om wat je op een dagschool hebt geleerd, verder uit te bouwen. Zo dikwijls hoor ik spijt in de stemmen van degenen die er bijvoorbeeld op de mavo de pet naar gooiden cn nu — noodgedwongen — avondmavo volgen. Gelukkig dat die avonmavo er is voor degenen die, om welke reden dan ook, het mavo-diploma niet eerder konden halen.
Rentmeesterschap
We hébben het nu alleen nog maar gehad over het leren om een goede baan te krijgen. Maar er is nog meer.
De Heere heeft ons het vermogen gegeven om te leren. De één kreeg in dit opzicht vijf talenten, de ander twee en een derde één talent. En nu mag je, zoals je kunt lezen in Mattheus 25, deze talenten niet in de aarde stoppen, maar je moet er mee woekeren. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat je je helemaal op je studie moet werpen, zodat er geen tijd meer overschiet om naar de catechisatie of de klub te gaan, of om 's avonds vóór je naar bed gaat een hoofdstuk uit de Bijbel te lezen. Nee, het gaat hier om de verantwoording die je hebt om de gaven die je ontving, te gebruiken tot eer van God.
Calvinisten staan in en buiten ons vaderland als arbeidzaam en plichtsgetrouw bekend. Daar mag je wel dankbaar voor zijn, maar verhef je er niet op, want we schieten ten opzichte van wat de Heere van ons eist, in alles schromelijk tekort.
Ik hoop daarom dat de bede uit de Morgenzang ook jouw bede is:
Dat wij ons ambt en plicht, o Heer Getrouw verrichten tot Uw eer. Dat Uwe gunst ons werk bekroon', Uw Geest ons leid' en in ons woon’.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 november 1981
Daniel | 28 Pagina's