JEUGD EN AGRESSIE
Marjolijn was een lief meisje van acht, dat thuis geleerd had dat je niet mag stelen. Toen ze in een warenhuis een paar grote jongens drie kassettebandjes zag achterover drukken, waarschuwd, e ze de chef.
Toen Marjolijn dit thuis vertelde, werd haar grote broer erg boos: „Wil je dat nooit weer doen Marjalijn, want morgen slaan die grote jongens jou in elkaar.”
Geweld, ja natuurlijk, want onze samenleving zit er vol van. En het wordt niet alleen gepleegd door halfdronken lieden op zaterdagavond, of door helemaal dronken voetbalfans in de trein.
Bij de warme bakker moet een nummertje getrokken worden, omdat keurige dames het niet meer opbrengen om gewoon te wachten op hun beurt. En in het oerwoud van het moderne verkeer wijzen nette heren bij een verkeersfout van een inedeweggebruiker eerst op hun voorhoofd, daarna schelden ze en soms slaan ze er nog op ook.
Bij wethouders worden ramen ingegooid. Publieke gelegenheden worden systematisch afgebroken. De banken in de trein worden met messen bewerkt. En alles wat beschrijfbaar is wordt viilgekliederd.
Mensen slaan elkaar het ziekenhuis in, waarbij een kapotte fles als wapen niet geschmod ivordt. Ambtenaren van sociale zaken moeten beschermd worden tegen boze bijstandstrekkers, om van huisvestingsambtenaren mo.ar helemaal te zwijgen. Vrouwenhuizen, als toevluchtsoord voor vrouwen, die door hun mannen in elkaar zijn geslagen, voorzien in een duidelijke behoefte. En vertrouwensartsen aan wie men kindermishandeling in het gezin kan doorgeven hebben het druk.
Een triest verhaal. Maar er is nog meer.
Wanneer boeren iets dwars zit loorden wegen afgesloten; wanneer schippers hun zin niet krijgen worden havens geblokkeerd; garagehouders dreigen de komende verkiezingen in de war te schoppen en ondervoijzers demonstreren in de tijd van de kinderen. Krakers barrikaderen huizen, anti-kernenergiestrijders proberen kerncentrales te bezetten en Onkruit plundert en vernielt een rekruteringsburo voor het leger.
Het komt erop neer, dat wensen, die langs de normale weg van de parlementaire demokratie niet haalbaar zijn, nu via de weg van geweld en intimidatie en chantage gerealiseerd dienen te worden.
Uit: ds. Ype Schaaf: Afgoden van deze tijd, Kok, Kampen.
Het woord „agressie" kom je tegenwoordig om de haverklap tegen. De maandagkrant, vermeldt allerlei uitingen en gevolgen van agressie: thuis, op straat en in de jeugdsozen, op de voetbalvelden en in openbare middelen van vervoer, in de telefooncellen en de wachthokjes voor de bus. Onschuldige (? ) vormen van geweld komen niet in de krant: als de deur niet gemakkelijk genoeg open gaat, als je niet op je wenken bediend wordt, als (vul zelf maar aan). Allemaal uitingen van onmacht!
Seneca heeft aan het begin van de christelijke jaartelling al gezegd: „De welvaart bevordert de woede." Dat zou kunnen verklaren dat, in 1980 één op de drie mensen slachtoffer geworden is van kriminaliteit.
Mogelijke oorzaken
Agressief gedrag kan veroorzaakt worden door bijvoorbeeld te weinig aandacht door leermoeilijkheden, door angst, door diskriminatie. Aandacht krijg je immers als je de klas op stelten zet. Door het telkens falen op school roepen de frustraties agressie op en alle middelen heiligen het doel om in de gunst van de klas te komen. Rood haar, een andere huidskleur, een handicap, kunnen er de oorzaak van zijn dat je het wordt van spot.
Verder wordt ter verklaring voor een agressief gedrag ook een aantal maatschappelijke faktoren genoemd: geweld op de televisie en radio én in de krant, toenemend verkeer, woningnood, werkeloosheid (denk aan de rellen in Engeland), verveling, alkoholisme en het gebrek aan speelgelegenheid.
Uit de omgeving van het kind
Mijns inziens is het zo, dat al deze zaken meewerken aan een agressief leefklimaat, voor zowel volwassenen als kinderen. En dat er in de direkte omgeving van het kind ook nog het een en ander te noemen zou zijn is duidelijk. Denk eens aan: een te kleine speelruimte thuis en op school voor het spel; de houding van een leerkracht, erg autoritair of zeer toegeeflijk; een erg strenge opvoeding thuis, waarbij alles voor je wordt gedacht en gedaan, waar je mening niet wordt gevraagd, ook niet bij het „klimmen van je jaren"!; een onevenwichtige situatie thuis door spanningen tussen de ouders, moeilijkheden in de werkkring van vader, het ontbreken van één van de ouders.
Als je op sommige situaties in gezinnen, op scholen en in de fabrieken ziet, dan begrijp je dat het een wonder zou zijn, als vooral jongeren dat allemaal gelaten over zich zouden laten komen.
Een aantal verklaringen
Het zal duidelijk zijn dat er ook verklaringen gezocht zijn voor het verschijnsel van agressie. Drie theorieën zal ik kort aan de orde stellen:
Volgens Freud, een bekend psycholoog uit het begin van deze eeuw, is agressie een aangeboren kracht, die in elk mens aanwezig zou zijn. Die kracht zoekt een uitweg, er moet een gelegenheid zijn om je te ontladen. Kinderen moeten op een onschuldige wijze hun agressie kunnen afreageren. De gymles op school kan door bijvoorbeeld voor dienen!
Een andere stroming zegt dat agressief gedrag aangeleerd is. De mens zou in wezen goed en sociaal zijn, maar de omgeving brengt de mens in kontakt met agressie. Je zou dus als mens het agressieve gedrag af kunen leren.
De derde richting gaat ervan uit, dat wanneer een mens gefrustreerd wordt in het bevredigen van een bepaalde behoefte, dit tot agressie leidt. De ene mens kan meer frustraties aan dan de
andere. En het is bij deze theorie ook zo: hoe meer frustraties, hoe meer agressie.
Deze verklaringen zijn op zich wel aardig maar ze geven geen oplossing voor de agressie. Er wordt uitgegaan van een mensvisie, volgens welke de mens goed is. Soms heeft hij wat in zich dat in goede banen geleid moet worden, in andere gevallen wordt de mens verknoeid door zijn omgeving: bouw scholen, sluit de gevangenissen!
Be zonde en de agressie
De Bijbel leert ons dat de agressie een gevolg is van de zonde. Wij wilden zelf de koers van ons leven bepalen. De gevolgen ervaren we dagelijks in allerlei verbanden! En juist in onze tijd zien we de onderlinge liefde verflauwen en soms wegvallen. En de gevolgen? De mens is een wolf voor zijn medemens, als God het niet verhoedt. En dat het leven nog leefbaar is, dat hebben we niet te danken aan de in ons gebleven mogelijkheden, maar aan de algemene goedheid Gods. Dat weet de vorst van de duisternis en daarom, doet hij pogingen om ons te verblinden, zodat we totaal in beslag genomen worden door het dagelijkse leven, de dagelijkse beslommeringen. Hij wiegt ons in slaap en richt onze aandacht op onze individuele behoeften, op het hier en nu.
In de toekomst zal dit allemaal niet minder worden. De Bijbel spreekt over toenemende wetteloosheid, kulminerend in de komst van de mens der wetteloosheid. En die heeft allerlei pijlen op zijn boog. Maar die zijn altijd vergiftigd en dodelijk.
Aan de andere kant ligt er de eis van God om zo getrouw als de engelen in de hemel ons werk te doen, om onze talenten zo goed mogelijk te gebruiken. En dat kan alleen tot eer van God zijn en tot heil van de naaste, als we oprecht God liefhebben en die liefde geeft in ons leven de vrucht van naastenliefde.
Onze gezinnen
Het is een eerste vereiste dat het in onze gezinnen goed is tussen de ouders onderling èn tussen de ouders en de kinderen. Hoe belangrijk is het dat ouders belangstelling tonen voor hun kinderen; dat ze meeleven met wat er op school, op de vereniging en in de vrije tijd gedaan wordt. Daar is tijd voor nodig!
Helaas speelt het materialisme ook bij ons een grote rol. Een groot deel van ons leven is gericht op geld verdienen. Maar proberen we wel eens iets voor een ander te doen? Er zijn zoveel mensen in de samenleving voor wie we iets kunnen betekenen, met wie we misschien iets van onze overvloed kunnen delen.
Laten ouders ook hierin hun kinderen het goede voorbeeld geven.
Tegen het toenemend geweld zou een dam van liefde opgeworpen moeten worden.
Strijd tegen vervreemding
Er is in onze tijd sprake van een ontstellende vervreemding. De lopende band kan er de oorzaak van zijn dat een werknemer nauwelijks weet waar hij aan bezig is.
Hoeveel kinderen weten wat voor werk hun vader doet. Hoe kan er dan belangstelling voor zijn?
In steden wordt alles zo funktioneel mogelijk opgezet. De gemeenschapsruimten worden zo gebouwd dat er voor iedereen — zelfs voor de kerken — ruimte is. Maar wie voelt zich er echt thuis?
In veel stadswijken is te weinig ruimte waar de jongeren gewoon met pijl en boog kunnen schieten, hun tent mogen opzetten, waar ze gewoon voor zichzelf mogen rommelen, hun eigen gang kunnen gaan. Op zoveel plaatsen staat „verboden toegang" of „alleen toegankelijk voor....”
Het zakelijke belang gaat in allerlei werksituaties steeds meer het persoonlijke kontakt verdringen. Mensen (ambtenaren) achter het loket zijn uitvoerders van regelingen geworden.
Door deze vervreemding ontstaan op den duur allerlei frustraties, die soms tot agressie leiden.
We weten het, maar wat kunnen we er aan doen..... ?
Oplossingen? Ja!
Harder aanpakken, zeggen sommigen. Meer politie, zwaardere straffen, meer wapens. Soms wel.
Maar we moeten er wel rekening mee houden dat dit bestrijding is van de gevolgen. Het is zelfs mogelijk dat de gewelddadigheid hierdoor toeneemt.
De oplossing van krakers en hun aanhangers: „Ram de samenleving maar in elkaar, er valt toch niet te praten", is ook levensgevaarlijk. Immers het antwoord daarop is de roep om de sterke man die de nationale veiligheid herstelt. Dat zal dan echter ten koste van onze demokratie, van onze vrijheid gaan.
We moeten zoeken naar mogelijkheden om de spiraal van geweld te doorbreken. Daar is moed voor nodig van bestuurders van gemeenten, provincies en van de landelijke overheid. Maar het zal moeten beginnen in de gezinnen en op de scholen.
Hoe gaan we met elkaar om, maar ook met ons materiaal, met onze boeken. Hoe behandelen we het buitenbeentje in de klas? Hoe ga je met'je leraren om, ook met hen die slecht orde kunnen houden? Wat gaat er van de kerk uit?
Waar liefde woont, daar gebiedt de Heere Zijn zegen. Die maakt werkelijk rijk en zo wordt vrijmoedigheid ontvangen om in woord en daad te tonen dat we geheel anders zijn, omdat we leven onder het gezag van Gods Woord.
Zijn we een zoutend zout? Een lichtend licht? Een stad op een berg?
Dat zijn vruchten — en met minder kan het niet — van de waarachtige bekering en geloofsgemeenschap met het vleesgeworden Woord, de Heere Jezus. Lees Matth. 5 : 12-48 er maar eens op na.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 september 1981
Daniel | 28 Pagina's