NEO-NAZISME EN HERLEVEND ANTI- SEMITISME
Antisemitisme nu
Het antisemitisme, of de jodenhaat, bereikte in de tweede wereldoorlog een afschuwelijk hoogtepunt. Naar schatting zes miljoen Joden vonden in vernietigingskampen, in gaskamers en voor exekutiepelotons de dood. Sedertdien is het antisemitisme een meer sluimerend verschijnsel geworden, maar verdwenen is het nooit. In dit verband zijn er twee zaken waar we de aandacht op moeten vestigen: de positie van de Joden in de Sovjet-Unie en de arabische haat tegen de Joden en de staat Israël.
Officieel zijn de Joden in Rusland na de revolutie gelijkgesteld aan hun medeburgers. In de praktijk kregen ze echter steeds meer de status van tweederangs burgers. De vrije uitoefening van hun godsdienstige riten is hen evenmin als christenen toegestaan. Tal van plagerijtjes moeten zij ondervinden. Echt ondraaglijk wordt hun positie vaak als zij een uitreisvisum aanvragen voor de emigratie naar de staat Israël. Slechts onder pressie van de publieke opinie in het Westen laten de Sovjets deze Joden — waaronder veel intellektuelen en andere vooraanstaanden — gaan naar het land van hun keuze. Het antisemitisme is in Oost-Europa altijd sterker geweest dan in het Westen, vandaag de dag is het in de U.S.S.R. weer springlevend.
Vanaf 1948 — het jaar van de stichting van de staat Israël — kwam het arabische nationalisme in botsing met de 'jonge staat. Voor die tijd waren er al botsingen met de zionisten .om hun streven deze staat van de grond te krijgen. De staat Israël kan een schepping worden genoemd van het joodse nationalisme of zionisme. Tegen dat zionisme en tegen die staat Israël richtte zich dat arabisch nationalisme, dat na een aantal nederlagen steeds meer werd gevoed vanuit minderwaardigheidsgevoelens.
Officieel gaat het bij de aanvallen van arabische buurstaten en palestijnse arabieren, verenigd in de P.L.O., niet om de Joden zelf, maar om hun staatkundige schepping, waarvan de Arabieren de rechtmatigheid betwisten. In werkelijkheid ging echter na verloop van tijd de afkeer van de staat Israël zich ook meer richten op de Joden zelf. In arabische staten werd voor Joodse burgers de toestand steeds meer onhoudbaar, zodat geen andere mogelijkheid als vertrek overbleef. Een aktuele vorm van dit arabisch antisemitisme zien we in de z.g. niet-joodverklaringen. In een land als bijvoorbeeld Saoedie-Arabië konden bedrijven uit het Westen — ook uit Nederland — hun diensten alleen maar bewijzen als zij van de daar geplaatste werknemers wilden verklaren dat er geen Joden tussen zaten. Een doopbewijs of een door de burgerlijke gemeente afgegeven niet-joodverklaring, moest dan worden overlegd. Gelukkig bleven protesten in ons land van Joodse en nietjoodse zijde tegen deze onwaardige praktijken niet uit. Openlijk mogen dergelijke verklaringen dan ook niet (meer)
worden afgegeven, al zijn er waarschijnlijk nog sluipwegen genoeg om toch aan de arabische eisen te voldoen. Openlijke diskriminatie van joodse burgers wordt in ons land gelukkig niet geaksepteerd. In arabische staten helaas maar al te zeer!
Rabbijn Soetendorp is een aktieve aktievoerder tegenover allerlei vormen van herlevend antisemitisme in onze tijd. Hij biedt petities aan bij het. russisch konsulaat, trekt te velde tegen arabisch antisemitisme en waarschuwt ook voor signalen van weer opduikend antisemitisme in West-Europa. Dit laatste komt op ons soms wat overdreven over. Je kunt ook overgevoelig zijn op dit punt — dat geldt begrijpelijkerwijs voor de Joden zelf —, maar elke onvoorzichtige uitlating aan het adres van Joden en hun staat kan nog geen antisemitisme worden genoemd. Antisemitisme zal zeker door heel Europa heen aanwezig zijn, maar ik geloof nog niet meteen dat het een beweging van betekenis is. Een duidelijke uitzondering daarop zien we wel in We'st-Duitsland.
Antisemitisme en neo-nazisme
In de Bondsrepubliek is het neo-nazisme de laatste jaren weer enigszins in opmars. Zeker, de neo-nazi's treden (nog) niet — als eenmaal de nazi's in de dagen van Hitier — openlijk naar buiten in het politieke krachtenveld. Nog minder zijn ze in staat, de politieke situatie te gaan beheersen. Maar ondergronds speelt er zich toch meer af dan een oppervlakkige toeschouwer waarneemt.
Er zijn zo van die berichtjes die je opschrikken en toch te denken geven. Enkele jaren geleden kreeg ik een artikel in handen over een zekere Hofmann, die ergens in de bossen van Duitsland een trainingskamp voor een partikulier legertje had gesticht. Hij toonde zijn schepping aan enkele geselekteerde journalisten die voor publikatie zorg droegen, Hofmann imiteerde in alles Hitier en wilde zich inzetten voor de verwezenlijking van diens ideeën. Een warhoofd? Zeker, maar geen ongevaarlijke! Kennelijk zijn er in Duitsland nog van die dwazen die voor zulke ideeën warm lopen. Deze mensen noemen we neo-nazi's. Dat neo-nazi'sme is niet, te negeren. Van tijd tot tijd lees je in de krant iets over een hooggeplaatst legerofficier, een topambtenaar, een bekend politikus die wordt ontmaskerd als neonazi. Je vraagt je dan af: hoeveel zijn er, waar zitten ze? Meer ingewijden wijzen er op dat het neo-nazisme in de Bondsrepubliek groeit en toch weer een kracht van betekenis aan het worden is. De neo-nazi's hebben de wind nog niet mee, maar niemand kan voorspellen wat er gebeurt bij een ernstige ekonomische recessie.
Een van de dingen waaraan het neonazisme gemakkelijk te herkennen is, is het antisemitisme. Het fascisme in Italië had — en het neo-fascisme heeft — dat antisemitisme niet als kenmerk, In Duitsland lees je weer van antisemitische uitingen. Ik denk aan het ontwijden van joodse begraafplaatsen, waar grafstenen worden omgetrokken, vernield en besmeurd. Hakenkruisen laat men als visitekaartje achter op synagoges en andere joodse gebouwen. In de pers — vooral het rechtse weekblad „Der Spiegel" heeft in dit verband al een bepaalde naam gemaakt—dringt zo af en toe een artikeltje van antisemitische strekking door. Veel zijn grove antisemitische leuzen op openbare ge-
bouwen e.d. te zien. Hakenkruisen zijn er veelal bijgeklad. Het is overduidelijk dat dit antisemitisme en het neo-nazisme onlosmakelijk aan elkaar zijn verbonden. De indruk bestaat dat het neonazisme niet alleen een getalsmatige groei doormaakt, maar daarbij ook steeds driester gaat optreden.
Neo-nazisme en nazisme
De neo-nazi's kijken met bewondering terug naar de tijd van Hitiers „Dritte Reich". Toen was er orde en tucht, toen was Duitsland groot, toen was er voor flinke kerels toekomst, toen werd het kommunisme bestreden en het joodse gespuis aangepakt... Het nationaal-socialisme was principieel antisemitisch van karakter Via de Neurenberger wetten, die „rassenschande" verboden, werd gewaakt voor de zuiverheid van het arische ras. Joden werden uit het openbare leven geweerd en zo werd een definitief einde gemaakt aan de vermeende joodse overheersing. Het nazisme trok zijn uiteindelijke, dodelijke konsekwenties uit zijn visie op „het joodse vraagstuk". De „Endlösung", de eindoplossing, werd gevonden in de totale vernietiging van het joodse ras.
Neo-nazisme en „het Achterhuis” van Anne Frank
De neo-nazi's zitten toch wel een beetje met het z.g. Auschwitzsyndroom. De nachtmerrie van Auschwitz klaagt, aan, Auschwitz schrikt af, Auschwitz is een sta-in-de-weg bij het werven van een massale aanhang. De neo-nazi's willen best weten dat ze antisemieten zijn, maar van een Auschwitzimage willen ze toch wel graag af. Steeds weer zijn er echter dokumenten, boeken, films-, die de massa schokken en verbijsteren. We hoeven maar te denken aan de — nog vrij recente — reakties op de verfilming van het boek „de Holocaust" en we begrijpen dat de neo-nazi's de publieke opinie tegen hebben.
Ook het dagboek van Anne Frank is zo'n dokument dat tot veler verbeelding spreekt. „Het Achterhuis" roept aangrijpende beelden op van de oorlog en brengt de jodenvervolging levensecht en indringend bij de lezer. Vooral bij veel jonge lezers — ook en vooral in Duitsland - — heeft het boek een reaktie bewerkstelligd van: „dat nooit meer!" Vanuit neo-nazistische bron zijn verscheidene aanvallen op dit boek gericht. Men heeft geprobeerd de echtheid van dit boek aan te vechten en zelfs een verschijningsverbod af te dwingen. In „Der Spiegel" verschenen smaadartikelen, processen werden uitgelokt. De vader van Anne — Otto Frank — heeft tot zijn dood — nog zeer onlangs — tegenartikelen moeten schrijven, processen moeten voeren, betogen moeten afsteken om de echtheid van het dagboek van zijn dochter te bewijzen. Gelukkig zijn tot nu toe alle aanvallen op dit boek — en eigenlijk van het historische feit van de vernietiging van de Joden door de nazi's — afgeslagen en blijft het zijn invloed uitoefenen in de strijd tegen neo-nazisme en antisemitisme.
Neo-nazisme en antisemitisme in de toekomst
Vooralsnog heeft het neo-nazisme — naar het zich laat aanzien — in Duitsland nog niet veel kans een massabeweging te worden. Ook de pogingen de antisemitische konsekwenties van het nationaal-socialisme te verdoezelen hebben nog steeds gefaald. Voorgoed? Laten we het hopen. De herinnering aan de oorlog zal steeds meer verflauwen. De „Holocaust" mag korte tijd schokken en verbijsteren, de levende herinnering gaat, steeds meer verdwijnen. Het levenswerk van Otto Frank, Simon Wiesental en anderen is afgebroken of wordt weldra afgebroken. Zullen met het sterven van de ooggetuigen de boeken over de oorlog tot, versteende monumenten worden? De neo-nazi's zullen niets liever willen. De ontkenning van de gruwelijke konsekwenties van het principiële antisemitisme — gebaseerd op een heidense rassenleer — komt ze in hun kraam te pas. Maar daarom is het neo-nazisme niet minder antisemitisch dan het nazisme ooit was!
Even principieel als het neo-nazisme zich antisemitisch opstelt, zullen wij iedere vorm van antisemitisme moeten afwijzen. Ook een schijnbaar onbetekenende niet-joodverklaring moet daarbij beslist worden afgewezen. Alleen dan krijgt het neo-nazisme met zijn antisemitisme, ook bij het vervagen van de herinnering aan Auschwitz; , geen kans als we elke aanval op Joden om hun Jood-zijn beslist afwijzen. Voor ons kan en mag het Jood-zijn nooit een negatieve klank hebben. Integendeel, „Want het is openbaar dat onze Heere uit Juda gesproten is" (Hebr. 7 : 14a).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 juni 1981
Daniel | 28 Pagina's