WAAROM DE CURSUS GODSDIENSTONDERWIJS VOLGEN?
In gedachten zien wij dr. Maarten Luther zitten in zijn kloostercel. Hij is een gekwelde, een onrustige: koortsachtig is hij op zoek naar rust voor zijn ziel, Zijn mede-kloosterlingen begrijpen hem daarin niet. Het is toch voldoende als je trouw bent in het vervullen van je kerkelijke verplichtingen? De kerk biedt toch de garantie van het eeuwige behoud aan alle trouwe en gehoorzame zonen en dochters van de kerk? Misdadigers behoren zich zorgen t, e maken over hun eeuwige toekomst, en mensen die durven te breken mét de kerk. Is Luther dan niet een opvallend mens, als hij ondanks alle kerkelijke middelen die hij ter zaligheid kan gebruiken, toch nog uitroept: „O, mijn zonden, mijn zonden"? Later zal hij het zelf bekennen: „Als er ooit een monnik, door monnikerij zalig was geworden, dan had ik het moeten zijn." Luther blijft evenwel gekweld door zonde-en schuldbesef. En wat doet hij nu? Hij neemt het Boek des Levens en leest. En zoals eens Augustinus verpletterd werd onder de woorden van de Schrift, zo gaat ook bij Luther het juiste zicht komen op de woorden: „Maar de rechtvaardige zal uit het geloof leven." Niet door goede werken wordt dit verkregen, niet door de valse rust die de kerk van zijn dagen biedt, maar het is een genadegift van God. Zijn gehele verdere leven heeft, Luther gewerkt aan preken, bijbelverklaringen en - kommentaren om dit inzicht te verbreiden. En wat bleek nu? Er bestond een geweldige honger naar dit woord. Velen zagen in dat er een kloof bestond in de prediking over een arme Christus, rijdende op een ezelin, en de machtsaanspraken van de rijke paus, hoog te paard gezeten, wiens voeten gekust werden door de menigte.
En wij?
Misschien herkent u in het bovenstaande iets uit uw eigen leven. Er is zoveel dat onze aandacht gevangen houdt. Wij zijn zo druk bezet. Het leven is zo jachtig dat we amper denken aan dat centrale punt dat door Luther weer met alle kracht naar voren is gebracht: sola gratia. Droevig was het gesteld met de kennis van de Bijbel. In onze dagen is er eveneens veel onkunde. Dat zou, nu er zoveel gelegenheid is om in vrijheid te studeren, niet het geval mogen zijn. Laten we ons realiseren: nü kan het nog. Het is niet denkbeeldig dat er een tijd komt dat die gelegenheid wordt weggenomen. En nu is het zo, dat ons in dit leven veel ontnomen kan worden: ons geld, onze aardse goederen, onze baan, ja zelfs onze ouders of onze kinderen, maar met kennis ligt het anders. Men kan een nieuwe generatie indoe-
trineren, maar van de bestaande generatie zal men moeten dulden dat zij hun eigen opvattingen hebben kunnen vormen. Ik las daarover eens een ontroerend verhaal. Het ging over twee vrienden, Gereformeerden, die in de oorlog in een verschrikkelijk concentratiekamp waren ondergebracht. En als ze de hele dag geteisterd en mishandeld waren en neerlagen op de betonnen vloer, dan gaven ze elkaar de hand en hadden geen woorden meer om te bidden. En het ene christelijke lied na het andere fluisterden zij elkaar toe: „Houd Gij mijn handen beide met kracht omvat. Wees mij een vast geleide op het smalle pad. Alleen kan ik niet verder, geen enkele schreê, neem trouwe Zieleherder, mij, arme mee." En dan was het hen alsof het ene lied na het andere hen toevloeide.
Wij willen u, gezien het belang van de zaak, vragen in ernst te overwegen de Cursus Godsdienstonderwijs te gaan volgen. Misschien zegt u wel: ik heb geen tijd. Onderzoekt u dan eens hoeveel tijd er aan nutteloze zaken verspild wordt. Ik wil maar liever geen voorbeelden noemen, omdat het voor een ieder weer anders zal liggen. Tijd is er heus wel te vinden, mits wij bereid zijn een einde te maken aan onnodige zaken. Misschien zegt u wel: de kursus is voor mij te moeilijk, ik zal het vast niet volhouden. Inderdaad, de kursus stelt wel eisen, er moet gericht gestudeerd worden. Maar er zijn al slappelingen genoeg in onze tijd. Daar hoort u toch niet bij? Moet het ons dan allemaal in de schoot geworpen worden? Ik daag u uit uw doorzettingsvermogen te tonen. U ontwikkelt zodoende een positieve eigenschap. En de docenten zijn er voor om u zoveel mogelijk te helpen.
De kursus heeft de naam dat het er gezellig is, maar wij kunnen u natuurlijk geen suksesvolle studie garanderen. Ongetwijfeld kleven er ook vele fouten aan ons werk. Onze docenten zijn overbezet en komen soms vermoeid op de kursus om hun lessen te geven. Met name voor de predikanten onder onze docenten valt het niet mee. Zij doen dit werk echt niet voor hun eigen plezier. Er zijn er onder die hun medewerking alleen maar aan de kursus geven omdat zij het belang van dit werk inzien en wij al een groot gebrek aan mankracht hebben. Dat mag wel eens gewaardeerd worden. Maar, al zijn er gebreken te noemen, wij doen onze best om het geheel zo goed mogelijk te laten verlopen. Het grootste zou zijn als de studie gezegend zou worden, zodat wij het opnieuw zouden verstaan: De rechtvaardige zal uit het geloof leven" (Rom. 1 : 17).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 mei 1981
Daniel | 32 Pagina's