JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

GEDIENSTIGE GEESTEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GEDIENSTIGE GEESTEN

4 minuten leestijd

Dit was het onderwerp waarover de heer A. van Boehove van Rotterdam-Zuid sprak op de regionale vergadering van de Bond van Vrouwenverenigingen in het kerkgebouw te Waardenburg op woensdag 1 oktober j.l.

Met het laten zingen van Ps. 25 : 2 opende ds. M. Mondria deze vergadering; hij las vervolgens Handelingen 10 : 1 - 22 en ging daarna voor in gebed. Na de vele belangstellenden en in het bijzonder de heer Van Boehove welkom geheten te hebben, wenste dominee ons voor het bondswerk en het werk op de verenigingen, gedaan in alle eenvoud, Gods zegen toe.

Ds. Mondria stond in zijn openingswoord stil bij het leven van Cornelius. Er was in het leven van deze man een breuk gekomen. Voor hem was zonde zonde geworden. En daar hij was geboren om wedergeboren te worden, zond de Heere een middel tot hem. Zo werkt de Heere nog. Hij brengt de zondaar tot het middel of het middel tot de zondaar. „Godvrezende", zo staat er van hem, „met geheel zijn huis".

Wat groot als er zoveel van ons leven uitgaat, dat het beslag legt op onze naaste omgeving. Hij bracht aalmoezen aan het volk en was God gedurig biddende. Hij had dus een binnenkamer leven. De Heere zendt een engel, een gedienstige geest, tot hem met de boodschap, dat zijn aalmoezen en gebeden bij God bekend geworden waren. Zo zet de Heere het stempel op zijn eigen werk. We moeten niet werken — hoe nuttig en noodzakelijk dat werk ook mag zijn — om onszelf een naam te maken. Dat kan het stempel Gods niet dragen. Maar als de Heere ervan afweet en er Zelf getuigenis aan geeft, zoals bij Cornelius, dan mogen we ook de uitkomst aan Hem overlaten. Draagt ons werk het stempel van Gods Geest? De Heere doe ons jaloers worden op het leven van Cornelius.

Na het zingen van Ps. 103 : 10 krijgt dhr. Van Boehove het woord en hij begint zijn referaat met een vraag: aarom wordt er zo weinig over de engelen gepreekt? Het antwoord is: mdat Christus centraal moet staan in de prediking. Een evangelie, waarin Christus niet centraal staat, daar is het hart uit. Engelen hebben niet voor ons betaald, horen onze gebeden niet en kennen onze noden niet. Ze hebben echter wel een grote plaats van de Heere gekregen. Maar toch niet die plaats van de grote Engel des Verbonds. Paulus zegt: e worden uitgezonden om dergenen wil, die de zaligheid beërven zullen. Hun naam betekent ook bode of gezant.

Vele bijbelheiligen hebben door middel van een engel bezoek gehad uit de hemel. Denk aan Adam, Abraham, Jacob, Zacharias, Maria, Jozef en ook Cornelius. De engelen staan in de eerste plaats in dienst van God de Vader. Maar evenzo in dienst van God de Zoon. Hoe hebben ze gezongen in Efratha's velden. Door heel de heilsgeschiedenis heen lezen we van het werk van de engelen. Doch hoe hebben ze inzonderheid de Borg en Middelaar ondersteund in Zijn diepste lijden. En bij het graf namen de wachters de vlucht bij het verschijnen van de engel.

Het werk van de engelen zal doorgaan tot de jongste dag. De Heere beschut en beschermt Zijn uitverkorenen .door middel van de engelen. En als straks de laatste zal zijn toegevoegd aan het koor der gezaligden, zullen de engelen een stapje terug doen. Hoe schoon ze ook kunnen zingen, ze kunnen niet zingen het lied der gezaligden: „Gij hebt ons Gode gekocht met Uw dierbaar bloed".

En hoe staat het nu met ons? Altijd met veel ijver voor de Heere bezig geweest en nooit tot God bekeerd? Dat zal vreselijk zijn. Haast u, spoedt u om uws levens wil, zo besloot de heer Van Boehove zijn ernstige lezing.

Tijdens het zingen van Ps. 69 : 7 - 9 mochten we het mooie bedrag van ƒ 1640, — koliekteren voor het gehandicaptenwerk. In de pauze werd een kopje koffie gebruikt. Na de pauze las mevr. H. Visser-Pellegrom het gedicht: De brand van Brakel" voor, waarna de inleider de binnengekomen vragen op duidelijke wijze beantwoordde. Na een slotwoord van ds. Mondria eindigde de heer Van Boehove met dankgebed. Het was een goede en leerzame avond.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 november 1980

Daniel | 28 Pagina's

GEDIENSTIGE GEESTEN

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 november 1980

Daniel | 28 Pagina's