ISRAëL NA DE YOM KIPPOER OORLOG
Vooral na de Yom Kippoer oorlog, toen de arabische landen het oliewapen voor het eerst hanteerden en zich daardoor hun macht bewust werden, is de wereldopinie meer pro'-arabisch en daarmee ook meer pro-PLO geworden. Eigenlijk was die kentering al iets ingetreden na de Zesdaagse oorlog van 1967 toen Israël veruit superieur bleek aan de arabische landen. De Arabieren en natuurlijk vooral de Palestijnen kwamen daarmee in de underdog-positie terecht. En het is e: en normaal menselijk verschijnsel dat de sympathie uitgaat naar de onderliggende partij: in dit geval dus dë Palestijnen.
Yassir Arafat heeft van het gestegen arabisch prestige een handig gebruik weten te maken. De Verenigde Naties erkenden de PLO als: de wettige vertegenwoordiger van het palestijnse volk en Yassir Arafat werd. uitgenodigd de Algemene Vergadering van de VN in haar zitting van 1974 toe te spreken. Hij kreeg daar een staande ovatie.
Het palestijnse vluchtelingen-vraagstuk was daarmee tot een politiek vraagstuk geworden. Het was voor iedereen duidelijk dat er geen echte vrede in het Midden-Oosten zou komen zonder een voor de PLO aanvaardbare oplossing. Ook de VS, de trouwste en machtigste bondgenoot van Israël, ging dit beseffen. Zij begon dan ook druk op Israël uit te oefenen om een toegeeflijker houding aan te nemen. Hoewel nog nooit' openlijk uitgesproken, hopen de amerikaanse politici dat er vrede in dit gebied zal komen als Israël de bezette gebieden teruggeeft, zodat er een palestijnse staat gesticht kan worden. De PLO zal op haar beurt overtuigd moeten worden, dat er voor haar meer niet inzit.
Henry Kissinger, de minister van buitenlandse zaken van de VS, begon aan zijn pendeldiplomatie in de jaren 1973 - 1975. Zo'n tien maal bracht hij bezoeken aan de hoofdsteden in het Midden-Oosten. In 1974 reeds wist hij een beperkt troepenscheidingsakkoord tussen Israël en Egypte te bewerken en een jaar later wist hij de Israëliërs te bewegen een gedeelte van de Sinaï, met name langs het Suez-kanaal, aan Egypte terug te geven. Het kan niet ontkend worden dat de stap-voor-stap-politiek van Kissinger resultaten afwierp die de spanning in het Midden-Oosten verminderde.
Camp David
De grote doorbraak in het Midden-Oosten kwam pas tijdens de regering van president Carter. Dat had niemand verwacht. In mei 1977 was immers in Israël premier Begin aan de regering gekomen. Hij stond algemeen bekend als een felle „havik", die van geen enkele teruggave aan de arabische landen wilde weten.
In november 1977 deed president Sadat van Egypte echter een stap die het hele Midden-Oosten in rep en roer bracht: hij ging op bezoek in Israël en sprak daar de Knesseth, het israëlische parlement, toe. Sadat wilde vrede. Begin kon deze uitgestoken hand natuurlijk niet afslaan en zo begonnen de onderhandelingen die uiteindelijk geleid hebben tot het beroemde Camp David akkoord. Sadat kreeg hiervoor de Nobelprijs voor de vrede, maar haalde zich wel de woede op de hals van de hele arabische wereld.
In ruil voor vrede met Egypte beloofde Begin aan Sadat binnen drie jaar de hele Sinaï terug te zullen geven. Sadat kon het zich echter niet veroorloven alleen maar aan zichzelf te denken. Daarom werd er in Camp David ten aanzien van de andere bezette gebieden, de Westbank en de strook van Gaza,
afgesproken dat zij na een overgangsperiode van 5 jaar autonomie zullen krijgen.
Bij een internationaal verdrag is het. niet alleen zaak goed te lezen wat er staat, maar vaak ook wat er niet staat, waarover gezwegen is. Dat geldt zeker ook voor het Camp David akkoord. Zo> op het eerste gezicht lijkt. Egypte veel gewonnen te hebben en Israël heel weinig. Toch heeft Sadat enkele grote konsessies gedaan. In de eerste plaats heeft hij het bestaansrecht van Israël erkend, iets wat noig geen enkel arabisch land gedaan heeft. Het duidelijkst komt dit wel tot uiting in het feit dat onlangs wederzijds ambassadeurs werden benoemd. Daarnaast is het opvallend dat in de afspraak over autonomie niet gesproken wordt over Jeruzalem (wat .de arabische landen terugeisen) en ook niet over de PLO. Er wordt alleen gesproken over zelfbestuur voor de Palestijnen en dat is nog niet hetzelfde als. een eigen staat. In de arabische wereld beschouwt men dit toegeven van Sadat dan ook als verraad aan de palestijnsarabische zaak. Sadat is volkomen ge 1 - isoleerd komen te staan van zijn arabische broeders. Ekonomische boycotmaatregelen en zelfs het verbreken van de diplomatieke banden zijn er het gevolg van geweest.
Begiiis problemen met zijn achterban
In Israël zelf is het enthousiasme over Sadats historische bezoek intussen ook wat geluwd. De grootste tegenstand ondervond premier Begin zelfs binnen de regeringscoalitie. Dat is niet verwonderlijk. Juist binnen dit Likoed-blok is men zeer gekant tegen het afstand doen van de Westbank, en wel op grond van een religieuze verbondenheid. Dit gebied behoort immers bij het door God beloofde land Kanaan? Zijn partijgenoten verwijten Begin, dat hij zijn verleden verloochend heeft. Begin was immers, voordat hij premier werd, de felste tegenstander van konsessies aan de Palestijnen wat betreft de Westbank. Geen vierkante centimeter mocht er ooit teruggegeven worden, stelde hij eens.
Om zijn eigen partij tevreden te stellen, stemde hij toe in de stichting van diverse nederzettingen op de bezette Westoever van de Jordaan. Bovendien is Begin een hard standpunt in gaan nemen in de autonomie-besprekingen met Egypte. Binnenlands moge hij op deze manier nog net in het zadel kunnen blijven zitten, ten opzichte van het buitenland zijn de problemen alleen maar groter geworden. Want juist door de vrede met Egypte werd de toekomst van de nog bezette gebieden hèt voornaamste onderwerp van gesprek op internationaal niveau. Begins harde standpunt in de autonomie-kwestie wordt uitgelegd als woordbreuk aan Camp David. Bovendien wekt de nederzettingen-politiek grote weerstand op in het buitenland, ook in de VS en in Europa.
Dayan treedt af
Begin heeft zich in Camp David onvoldoende gerealiseerd dat wie A zegt, ook B moet zeggen. Hierin zit tevens het verschil tussen Begin en zijn (ex)minister van Buitenlandse Zaken Mosje Dayan. Oorspronkelijk was Dayan een even felle havik als Begin. Weliswaar met één verschil: Dayans gehechtheid aan de Westbank en de strook van Gaza had niets met historisch-religieuze gevoelens te maken, zoals bij Begin, maar berustte louter op militair-politieke overwegingen. Dayan is echter
een realist. De Yom Kippoer oorlog heeft hem geschokt en doen inzien dat Israël, wil het vrede bereiken, konsessies zal moeten doen. Dayan is dan ook de grote motor in Israël geweest bij de vredessluiting met Egypte (gesteund door de minister van defensie Ezer Weizman).
In de autonomie-onderhandelingen met Egypte wilde Dayan dan ook veel meer tegemoetkomendheid tonen dan Begin. Ook tegen de nederzettingen-politiek protesteerde Dayan binnen het kabinet regelmatig. Begin nam het Dayan kwalijk dat deze gesprekken voerde met vooraanstaande Palestijnen van de Westbank en uit de Gazastrook. Vooral omdat Dayan ook sprak met PLO-aanhangers. Dayan deed dit om zich precies op de hoogte te stellen van wat er onder de Palestijnen leefde en hoe zij zich de toekomstige autonomie voorstelden. Om al deze zaken benoemde Begin niet Dayan, maar de minister van binnenlandse zaken Joseph Burg als leider van de onderhandelingsdelegatie met Egypte. Dayan voelde zich buiten spel gezet en trad af.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 maart 1980
Daniel | 28 Pagina's