Turkse christenen in ons land
Bij het gereedmaken van dit artikel voor „Daniël" vernam ik dat de Christenen uit Turkije die nog steeds in de St. Jans-kerk te 's Hertogenbosch zijn tot 1 september a.s. in ons land mogen blijven.
De Staatssecretaris van Justitie, mevrouw Mr. E. A. Haars, deelde aan de Tweede Kamer mee dat de Turkse Christenen intussen naar een verblijfplaats elders kunnen zoeken. Ook al komt er dus wellicht een einde aan hun verblijf in de St. Jans-kerk, toch blijft hun aanwezigheid in ons land vragen oproepen. Onbegrijpelijk! Als het gaat om een aantal vluchtelingen uit Chili, of om Marokkanen die links georiënteerd zijn en daarom moeilijkheden in hun land hebben te wachten, dan springt immers ogenblikkelijk een deel van ons. volk voor deze mensen in de bres! Maar gaat het om Christenen, die vanwege hun geloof worden gediscrimineerd en vervolgd, en daarom hun land ontvluchtten, dan is het maar een enkeling die zich om hun lot bekommert. Terwijl ik de Sint Jan verlaat, vraag ik me af in hoeveel kerken zou er zondag voor deze geloofsgenoten in-de-verdrukking zijn gebeden? Hoeveel Christenen hebben in hun gebed de nood van deze mensen voor Gods troon gebracht?
Suryani Kadim'ler
Al deze mensen zijn. afkomstig uit zuid-oost Turkije , het gebied rond de Tour 'Abdin, de berg van de knecht (Gods). Ze worden „de kerk van Antiochië" genoemd , of Syrisch-Orthodox, terwijl zij zichzelf aanduiden als Suryani Kadim'ler, hetgeen betekent „de oudste Christenen" . Waarschijnlijk hebben ze in de eerste tijd van het Christendom reeds kontakt gehad met die volgelingen van de Heere Jezus, dank zij de Joden uit hun gebied die jaarlijks ter bedevaart naar Jeruzalem gingen. Het is wel zo' goed als zeker dat dit volk is gekerstend vanuit Antiochië, de plaats waar de volgelingen van Jezus voor het eerst Christenen werden genoemd. Volgens hun overlevering moet dit omstreeks het jaar 38 zijn geweest.
Temidden van veel onderdrukking zijn de Suryani Kadim'ler hun geloof steeds trouw gebleven. De geschiedenis van dit volk is echter getekend door bloed, en tranen, ze hebben zeer veel om het Evangelie moigen lijden, en door alle eeuwen heen hebben martelaars hun leven voor hun geloof gegeven. Feitelijk wisten we weinig van hun bestaan; tot vóór een twintig jaar geleden leefden ze nagenoeg geïsoleerd van de: buitenwereld, maar tóén liftte één van hun geestelijken naar West-Europa en vertelde hier dat de toestand in zijn woongebied soms deed denken aan de Christen-vervolgingen in de tijd van Nero'. Sindsdien zijn we er steeds meer over te weten gekomen.
Koerden
De pogroms, de discriminatie, het ontvreemden van vee en goederen, het toebrengen van lichamelijk letsel, het roven van vrouwen en meisjes door de omringende Koerden hebben hun het leven de laatste jaren zeer zwaar gemaakt. Zowel de strijd tegen de Christen-Grieken om Cyprus en niet minder de oorlog in Libanon tussen Christenen en Moslims hebben de altijd moeilijke omstandigheden, waaronder ze moesten leven, tot een climax gedreven. Het is met zozeer het Turkse volk als geheel dat men voor dit alles verantwoordelijk moet stellen. De grondwet van Turkije kent godsdienstvrijheid, hoewel men daar dadelijk d'e vraag aan kan verbinden waarom in dit land Christenen uitgesloten zijn van functies bij de overheid. Zo kan een Chrisiten-jongeman nooit politie-agent worden, of een andere ambtelijke loopbaan kiezen. Ik wil daar mee zeggen dat het gehele klimaat in Turkije uitgesproken Islamitisch is, terwijl de Koerden in het oosten en zuiden van het land uitmunten in hun fanatisme. Zij zijn vanouds fel gekant tegen ieder die niet „van het ware geloof" is en wanneer men tegelijk bedenkt dat ze bij uitstek vechtlustig zijn, , dan wordt de situatie van de Christen-minderheid in hun landstreek duidelijk. Dan is het geen zeldzaamheid dat een Christenjongen door een stel Koerdische pubers wordt vastgegrepen en door hen op hun manier besneden. Of dat een Christenmeisje door Koerden wordt geschaakt en tot een huwelijk gedwongen. Het voordeel daarvan is dat men in zo'n geval geen „basjlik" of bruidsschat aan de vader van het meisje hoeft te betalen, zoals bij het sluiten van een Turks huwelijk in die streken de gewoonte is.
Een kreet om hulp
Of de onderdrukte Christenen zich dan niet bij de overheid kunnen beklagen tegen degenen die hun onrecht aandoen? Men moet de omstandigheden in een land als Turkije niet m, et die in ons land vergelijken. In de zuid-oostelijke provincies heeft de centrale regering zo goed als niets in te brengen, Ik maak me zelfs sterk dat de president van het land het momenteel niet eens waagt zich daar te laten zien. En een beklag bij de lokale overheid haalt totaal niets uit; daar loopt de klager kans zélf te worden bestraft.
Is het te verwonderen dat veel christenen uit deze streken alles in de steek hebben gelaten om hun toevlucht te zoeken in een land, dat bekend staat om zijn vrijheid van geloof, en als een traditioneel toevluchtsoord voor vervolgden omwille van het Evangelie?
Zij hoopten hier een nieuw bestaan te kunnen opbouwen, in vrede en vrijheid; hun geloof te belijden zoals Christus dat van de Zijnen vraagt.; hun kinderen op te voeden naar de wil van God. Maar een vergunning om dit alles te realiseren, wordt hun ontzegd. Een Christelijk land weigert mede-gelovigen de toegang en wenst hen terug te sturen naar hun land van herkomst, waar voor Christenen géén plaats is.
Uit de diepte van hun nood roepen zij tot God, en in hun wanhopige situatie zochten ze een plaats waar ze zich in deze omstandigheden het veiligst voelen: in een Kerk. Niet in d : e zin alsof ze een kerkgebouw bezet houden, maar ze zijn dit gebouw binnengegaan omdat ze zich geheel wensen over te geven in de hand van God. Onder Zijn hoede voelen zij zich veilig.
Ook wanneer hun verblijf in de St. Jan van Den Bosch bij het verschijnen van dit nummer van „Daniël" voorbij is, dan blijft tóch het probleem van die Christen-vluchtelingen bestaan: mensen van hetzelfde geloof doen een beroep op ons, hen niet in de steek te laten. De nood van Christenen uit een ver land' is tot binnen onze grenzen gekomen — en zou dit ons onberoerd mogen laten?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 juni 1979
Daniel | 23 Pagina's