JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

ONZE JAARLIJKSE BONDSDAG

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ONZE JAARLIJKSE BONDSDAG

8 minuten leestijd

Het is 5 april weer een drukte van belang in en om „De Doelen" in Rotterdam.

Zowel met trein en bus, als met eigen vervoer zijn veel van onze leden naar de bondsdag gekomen. Uit alle delen van het land zien we bekende gezichten: uit Vlissingen en Lemmer, Doetinchem en Oosterend, uit stad en dorp, door grote en kleine verenigingen is er gehoor gegeven aan onze uitnodiging.

Voor het eerst in „De Doelen". (Hoe zou het gaan, hebben we ons als bondsbestuur afgevraagd). Er is echter weinig te merken van onwennigheid. Voor de vergadering, om tien uur precies, wordt geopend, worden er al heel wat handen geschud en „praatjes" gemaakt.

Opening

Onze bondsvoorzitter Ds. H. Rijksen opent de vergadering met het laten zingen van Psalm 118 : 1 en 8. De door zoveel honderden gezongen lofpsalm klinkt erg mooi, wat mede veroorzaakt wordt doordat we worden begeleid door het indrukwekkende Doelen-orgel.

Na gebed en schriftlezing spreekt Ds. Rijksen, na enkele woorden van welkom, over het zesde kruiswoord: „Het is volbracht”.

Ds. wijst er ons op dat de eeuw waarin wij leven, ligt tussen dit kruiswoord: „Het is volbracht" en het woord dat eens klinken zal als Christus, op de wolken wederkomt: „Het is geschied”.

De grote vraag voor ons is of wij deel mogen hebben aan het volbrachte: werk en we met verlangen mogen uitzien naar het tweede-woord.

Het zesde kruiswoord is alleen tot behoud van hen die in zichzelf niets hebben. Voor hen gaf de Middelaar Zich in de dood. Voor hen is alles volbracht en zij mogen uitzien naar de nieuwe hemel en de nieuwe aarde.

Na dit openingswoord wordt ook vandaag een telegram verzonden aan H.M. Koningin Juliana, waarin we Haar Gods onmisbare zegen toewensen. Vervolgens wordt staande het eerste en zesde couplet van het Wilhelmus gezongen.

Er worden nog drie telegrammen verzonden:

Aan de kamerleden. Abrna en Verburgh om hen te danken voor hun wetsontwerp Levenbescherming menselijke vrucht en hen Gods zegen toe te wensen bij de verdediging van dit ontwerp.

En een telegram aan de Bijzondere Kommissie belast met het voorbereidend onderzoek van de abortuswetsontwerpen om instemming te betuigen met het ontwerp Levensbescherming menselijke vrucht en afwijzing van het ontwerp Afbreking'zwangerschap.

„Via Dolorosa”

Een gedicht van Mevr. F. v. d. Schoot-van Dam wordt op gevoelvolle wijze voorgedragen door Mevr. G. Uyl-Groenendijk. Er wordt met stille aandacht geluisterd naar het gedicht waarin over de lijdensweg van de Heere Jezus wordt gesproken.

Jammer dat er voor het prachtig er op aansluitende orgelspel niet de aandacht is die het verdient.

„Het merkteken van het beest" Ds. A. Moerkerken

(Deze keer slechts een paar zinnen. D.V. gaan we er in onze volgende Pagina's wat dieper op in, evenals op het inleidend woord van Ds. Rijksen en de meditatie van Ds. Driessen.)

Heel stil is het in de zaal tijdens het referaat dat door de Nieuw-Beijerlandse predikant wordt gehouden. Het is ook nodig om er de aandacht bij te houden, wil het tot zijn recht komen.

Het merkteken van het beest uit de aarde dragen we allen van nature. Het is het kenmerk van eigendom aan het voorhoofd en de rechterhand. Dat wil zeggen dat het zowel het denken, de geest, beheerst als het werken.

En steeds meer worden we beïnvloed en gaan we het patroon van het beest vertonen. Het beest heeft echter een „gegeven" macht. Het zal nooit verder kunnen gaan dan God toelaat. Dat is een troost voor Gods volk.

Welzalig zij, die naar Zijn reine leer, In Hem hun heil, hun hoogst geluk beschouwen; Die Sions Vorst erkennen voor hun HEER'. Welzalig zij, die vast op Hem betrouwen.

Afscheid

Na jarenlange prettige samenwerking is de tijd gekomen dat we afscheid nemen van Mej. A. Brouwer en Mevr. M. C. Hardon-Kieviet, die resp. 26 en 28 jaar zitting hadden in het bestuur van de Vrouwenbond.

Ds. Rijksen memoreert in zijn toespraak het vele werk dat door hen is verricht. Vooral Mevr. Hardon, die 18 jaar het sekretariaat heeft waargenomen, is een stimulator geweest. De voorzitter spreekt niet alleen zijn persoonlijke dank uit, maar ook namens alle bondsleden en wenst hen toe: „De I-Ieere zegene u in de jaren die Hij u geeft, want beter dan dit tijdelijk leven is Zijn goedertierenheid!"

Als tastbaar bewijs van waardering werd hen nu door Mevrouw van Woerden een zilveren broche met inscriptie opgespeld. Hierna overhandigt de presidente hen een album waarin de gebeurtenissen van de bond. zijn bijeengebracht, met de foto's van hen met wie zij samenwerkten.

Door de aanwezigen wordt hen staande toegezongen: „De Heer' zal U steeds gadeslaan"; het vierde vers van Psalm 121.

Uit het dankwoord van Mevrouw Hardon, wat zij mede namens Mej. Brouwer uitspreekt, klinkt naast bewogenheid ook de liefde tot de bond door. Zij sluit haar toespraak af met d: e woorden: Tracht onder biddend opzien, de moeilijkheden die zich kunnen voordoen, op te lossen en in liefde samen te leven. Want waar liefde woont gebiedt de Heere Zijn zegen!

Na dit toch wat weemoedig agendapunt stelt Ds. Rijksen de nieuwe aan de aanwezigen voor en roept hen een hartelijk welkom toe. bestuursleden

Pauze

Na enkele mededelingen door dïe voorzitter sluit Ds. Moerkerken de morgenvergadering met dankgebed en vraagt een zegen voor de maaltijd.

De naar schatting 1700 aanwezigen verlaten hierop de zaal om in de wandelgangen of in de stad te gaan eten. Alles verloopt ordelijk. Op vele plaatsen binnen het gebouw is er gelegenheid om koffie te kopen.

Enkele strubbelingen doen zich echter voor als tegen twee uur de zaal weer volstroomt. Er zijn dan dames die tot de ontdekking kómen dat de plaats die zij tijdens de moirgenvergadering hebben gebruikt, ingenomen is door een ander. We hebben er begrip voor dat dit een teleurstelling kan betekenen, maar moeten we de ander ook niet een goed plaatsje gunnen? Wellicht waren het leden van een vereniging die al heel vroeg in de morgen van huis gegaan zijn en ondanks dat niet op tijd konden zijn, zoals bijvoorbeeld uit Friesland. Men moest dan genoegen nemen met de stoelen die over waren. Bovendien hebben we onze plaatsen niet gehuurd en hebben er dus ook geen recht op. Gelukkig hebben velen zonder „murmureren" een ander plekje gezocht, maar dat is iets wat niet opvalt, wat wel het geval is wanneer er, soms op luide toon, uiting aan het ongenoegen wordt gegeven.

We willen aan deze kleine stoornissen echter niet een te grote waarde toekennen, want er was veel meer wat ons tot blijdschap stemde.

Middagvergadering

Ds. de Gier opent om twee uur de middagvergadering met gebed nadat er twee verzen uit Psalm 86 zijn gezongen.

Vervolgens krijgt de referent van deze dag, ds. Moerkerken gelegenheid: tot het beantwoorden van de vragen. Ook hierin wordt gewezen op de noodzaak-va.n bekering, maar ook op Gods onveranderlijke trouw, tot troost van Gods volk.

„Meditatie"

Weer treedt Mevrouw Uyl naar voren. Rustig en ernstig brengt zij het gedicht „Meditatie" ten gehore, eveneens van Mevr. F. van der Schoot-van Dam. Enkele minuten orgelspel van Bram. Beekman sluiten er op aan.

„Het merkteken van de Doop" Ds. J. Driessen

Het doopwater, dat nooit opdroogt, wijst er op dat we geboren zijn om zalig te worden, maar hoe zullen we ontvlieden indien wij op zo'n grote zaligheid geen acht geven? Alleen door de zaligmakende genade van God kan ons leven weer zinvol worden.

Sluiting

De presidente Mevrouw Crum dankt tenslotte ieder die meegewerkt heeft deze bondsdag te doen slagen. Zij heeft voor ieder een toepasselijk woord en een goede wens.

Ds. Rijksen bedankt zij niet alleen voor het werk dat hij deze dag heeft verricht, maar voor de twintig jaar dat hij, als voorzitter, onze bond heeft gediend.

Ds. Rijksen richt zich tenslotte nog. tot Mevrouw Crum, wie het nooit te veel is wat voor anderen te doen, met een woord van hartelijk dank.

Nadat er staande gezongen is het tweede vers van Psalm 122, sluit ds. Rijksen de vergadering met dankgebed.

Kollekten

Nu alleen het bedrag van de eerste tellingen. De volgende keer hopen we er wel op terug te komen. Voor de Bondskas is er ƒ 11.507, 49 en voor de Vakantieweken voor gehandicapten ƒ 10.101, 84 gekollekteerd. Hartelijk dank!

Gevonden voorwerpen

— een beige damesvest (maat 48); een paar gevoerde zwarte handschoenen; een sjaal (grijs met lila en zwarte rand) en' een boekje (Zo laat ons die gaven besteden).

Wanneer u de eigenares bent van een van deze voorwerpen, neemt u dan even kontakt op met ondergetekende: Doude van Troostwijkstr. 32, Nieuwer ter Aa, tel. 02943 - 1629. We hopen nog twee regionale vergaderingen te houden resp. te Leerdam en te Kampen op 3 mei en 11 mei a.s. Wellicht kunt u het verlorene daar weer in bezit nemen.

Was dat alles?

Oh nee, in de volgende „Daniël" hopen we op het gesprokene in te gaan. Het is de moeite waard om daar wat aandacht aan te besteden.

We hebben, dat mag u best weten, als hoofdbestuur erg genoten van deze dag en we zijn ook blij dat er zo intens geluisterd is. Moge de Heere, ook de woorden van deze 32e bondsdag zegenen, opdat het zou mogen zijn tot Zijn eer!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 april 1979

Daniel | 24 Pagina's

ONZE JAARLIJKSE BONDSDAG

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 april 1979

Daniel | 24 Pagina's