DE GEHANDICAPTE EN DE GEMEENTE
De laatste jaren wordt er in onze gemeenten gelukkig heel wat voor gehandicapten gedaan. De Vereniging Gehandicaptenzorg van onze ge meenten verricht op dat gebied heel goed werk. Denk maar eens aan de vakantieweken voor gehandicapten en de gezinsvervangende tehuizen. Dit ontslaat ons echter niet van de verantwoordelijkheid die wij als gemeenteleden ten opzichte van elkaar hebben. We kunnen ons er niet van af maken door bijvoorbeeld voor een vakantieweek te zorgen.
Er blijven dan nog 51 weken over.
Ook gehandicapten behoren bij de gemeente en het gemeenteleven. Wat kunnen wij in de gemeente en het jeugdwerk voor gehandicapten doen? Met deze vraag ben ik naar Bennekom gereden waar Jannie Langenberg woont aan de Edeseweg 117.
Introduktie
Jannie Langenberg is 26 jaar. Haar ouders wonen in Tricht.
Vanaf haar geboorte is ze spastisch, waardoor ze haar bewegingen moeilijk kan beheersen. Ook het spreken gaat haar daardoor niet gemakkelijk af.
Ze woont in „Oud Vossenhol" een grote villa die omstreeks 1900 gebouwd werd. Het gebouw is in 1963 opengesteld voor de verzorging van 16 lichamelijke gehandicapte meisjes van 18 jaar en ouder.
Er zijn in het gebouw verschillende gemeenschapsruimten. Jannie heeft samen met een ander meisje een tweepersoonskamer.
Er zijn vergevorderde plannen voor de nieuwbouw van een centrum waarin iedereen een eigen huisje heeft. Dat gaat dan „Nieuw Vossenhol" heten.
Het tehuis wordt op protestants-christelijke basis gesteld en staat in beginsel open voor opname van personen van alle gezindten.
Jannie kan goed typen. Dat doet ze niet met haar vingers, maar met haar hoofd.
Ze heeft dan een soort „petje" op, waaraan een stokje zit. Ze kan op deze manier zo goed typen dat ze gemakkelijker iets kan schrijven dan zeggen. Ze schrijft wel eens recensies bijvoorbeeld voor het blad „Helpende handen". Ze is nu bezig met de vertaling van een engels boek.
Jannie, je woont hier in een protestants-christelijk centrum. De kerk van de Gereformeerde Gemeente in Wageningen staat hier niet zo heel ver vandaan. Ga je er wel eens naar toe?
Toen ik hier in 1969 kwam ging ik niet naar de kerk. Ik durfde niet. Ze hebben me hier erg gestimuleerd om toch te gaan. Dat heb ik gedaan en nu ben ik een beetje over de angst heen. Als ik 's zondags hier ben, ga ik meestal een keer naar de kerk. Als ik thuis ben luister ik naar de kerktelefoon. Eigenlijk dUrf ik in Geldermalsen niet naar de kerk. Ik kan niet stilzitten en als de dienst begint en iedereen stil gaat zitten, voel ik me zo gespannen, dat ik juist nog meer bewegingen ga maken. Daardoor krijg ik een soort minderwaardigheidsgevoel.
Trouwens, de laatste tijd ga ik in Wageningen niet zoveel meer naar de kerk De preken zijn zo weinig praktisch
Dat is nogal wat! Kun je uitleggen wat je er mee bedoelt?
Dat is moeilijk te zeggen. Ze zijn zo weinig praktisch Ze zijn , zo ingewikkeld, naar mijn idee gaan ze bijna alleen over het geestelijke Er komt zo weinig in voor over levensstijl en de verhouding tot elkaar. Misschien komt het ook wel door mezelf hoor Je zit wel eens met bepaalde problemen en daar krijg je zo weinig een antwoord op
Krijg je wel eens bezoek van een dominee of ouderling?
Hier is bij mij nog nooit, een dominee geweest. Een keer per jaar krijg ik huisbezoek. De ouderling begrijpt me wel een beetje. Het is moeilijk om mijn reakties te begrijpen door mijn handicap. Daardoor durf ik me haast niet te uiten of echt positief te zijn. Ik kan wel begrijpen dat ik niet zoveel bezoek krijg, want het is niet zo gemakkelijk voor iemand die me niet zo goed kent, om me te begrijpen.
Dan zou er eigenlijk iemand van het. tehuis bij het gesprek moeten zijn. Bovendien krijgt iedereen maar een keer per jaar huisbezoek en daarop wil ik geen uitzondering zijn.
Ik zie ook erg tegen predikanten op. Ik zou het zelfs heel eng vinden als er een dominee op bezoek zou komen.
Krijg je verder wel eens bezoek?
Niet zoveel. Er is iemand van een kontaktgezin in Wageningen met wie ik goed kontakt heb. Ik merk wel eens dat er een soort drempelvrees is. Niet dat ik zo'n behoefte aan bezoek heb, want er is hier genoeg te doen. Maar ik zou zo graag als gewoon volwaardig lid bij de gemeente willen behoren en dat is helaas niet zo.
Veel mensen weten niet hoe ze me moeten aanpakken, gewoon omdat m'n reakties wat vreemd zijn. Het kontakt en de gewone reaktie moet ook gewoon uit. mezelf komen. Het is alleen moeilijk als ik mezelf niet vergeten kan. Bovendien moet ik weten, waar ze over praten. Ik moet daarom gewoon het. gesprek volgen en de: moed opbrengen er op in te haken. Hun wereld is immers de mijne niet!
Als ik me in de war laat brengen geeft dat een vreemde indruk. Maar ze mogen gerust aanmerkingen maken als ze iets niet kunnen begrijpen of als ze zich genomen voelen of als het een en ander niet klopt.
Sommigen willen me graag helpen. Maar dat is niet nodig als ik het zelf kan. Ze behoeven de deur niet voor me open te doen als ik het zelf voor elkaar kan krijgen. Ze moeten me maar laten tobben, als iets wat langzaam gaat, anders krijg ik zo'n onzeker gevoel.
Je zegt nu wel, dat je zo weinig bij het gemeenteleven betrokken bent, maar zou je daar zelf ook geen verbetering in kunnen brengen door jezelf een beetje meer voor de ander open te stellen en je meer te geven?
Ja, het is misschien wel een beetje m'n eigen schuld dat ik voor m'n gevoel niet bij de gemeente behoor. Dat zeggen ze hier in „Oud Vossenhol" ook wel. Ik zou me wat meer moeten geven
Je gaat ook naar de jeugdvereniging, hè? Heb je het daar naar je zin?
Ja, ik ga naar de jeugdvereniging in Wageningen. I-Iet is er gezellig. Het is alleen jammer dat ik de meeste leden maar erg oppervlakkig ken. Ik zie ze alleen op de vereniging. Ik ken ze dus maar van één kant.
Ik weet dan niet hoe ze in het gewone leven zijn. Daardoor is het zo moeilijk voor me om me te uiten.
En er zijn zoveel verschillende meningen. De een zegt dit en de ander dat, van de een mag iets niet en van de ander wel. Dan weet ik nooit wat ik er van moet denken.
Dit themanummer gaat over de gemeente. Je hebt gezegd dat je graag een volwaardig lid van de gemeente wilt zijn. Kun je enkele suggesties geven voor de verenigingen en de gemeenten?
De gewone gemeenteleden zouden zich meer moeten inzetten. Ik zou het heerlijk vinden als er meer echte kontakten zouden zijn. Omdat lichamelijk gehandicapten dikwijls door veel mensen ook geestelijk niet helemaal meetellen, heb je de neiging je terug te trekken. Ook gehandicapten zouden zich daarom meer moeten geven. Als je elkaar binnen de gemeente in een gezellige sfeer beter zou leren kennen, zoals dat ook in de gehandicaptenkampen gebeurt, zou blijken dat wij met dezelfde problemen zitten als niet-gehandicapten. Laten de mensen vooral gewoon deen. Een gehandicapte uit onze gemeente is dikwijls van een of twee personen afhankelijk. Zelf schromen ze ook dikwijls om kontakt te maken.
Het is vooral in deze tijd belangrijk om hen de helpende hand te bieden en hen zo tot geestelijke steun te zijn overeenkomstig Gods Woord.
Temeer omdat velen niet in de sfeer leven, zoals ze die bijvoorbeeld in de vakanties op de gehandicaptenkampen ervaren. I-Iet is niet goed als ze zich in de steek gelaten voelen of niet aan goede kontakten kunnen wennen, omdat het zo vreemd voor hen is.
Jannie, fijn dat je door dit gesprek het een en ander loilde doorgeven. We hopen dat het bijdraagt aan een beter begrip en een grotere inzet voor onze gehandicapten.
Epiloog
Het bovenstaande gesprek zal hier en daar wat pessimistisch overkómen. Dat komt misschien ook wel door het wat gesloten karakter van Jannie. Maar dat niet alleen... Laten wij als jongeren van de verenigingen en als gemeente doen wat onze hand vindt om te doen voor onze gehandikapte medemens. Dat is meer dan alleen een financiële bijdrage.
Een goed woord, een vriendelijk uitgestoken hand, een bezoek of ontvangst, of misschien wel een goed kontakt doet dikwijls nog meer
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 maart 1979
Daniel | 24 Pagina's