JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

DE UNIE VAN UTRECHT

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE UNIE VAN UTRECHT

7 minuten leestijd

De Tachtigjarige Oorlog is altijd' één van de meest, geliefde onderwerpen geweest op de scholen. Nog steeds wordt er bij de geschiedenislessen ruime aandacht aan deze periode uit de vaderlandse geschiedenis besteed. Geen wonder, want hier liggen de wortels van de zelfstandigheid' van onze staat. In de worsteling met het machtige Spanje ontstond een natie, waarin plaats was voor de vrije uitoefening van de „nije leer". De vele wisselvalligheden van deze langdurige strijd waarborgen een voortdurende aandacht voor deze episode.

De Unie van Utrecht

Een belangrijke gebeurtenis uit de Tachtigjarige Oorlog was het sluiten van de Unie van Utrecht op 23 januari 1579, thans 400 jaar geleden.

De stuwende figuur achter deze Unie was Jan van Nassau, de jongere broer van Willem van Oranje. Laatstgenoemde heeft niet alleen gestaan in zijn strijd voor de vrijheid der Nederlanden. Al zijn broers hebben hem erin gesteund. Adolf, de ruiteraanvoerder in de slag bij Heiligerlee (1568), die daarbij omkwam. Lodewijk en Hendrik, die beiden sneuvelden in de slag bij Mook (1574), en Jan van Nassau. Alleen deze laatste is een natuurlijke dlood gestorven, alle andere broers zijn omgekomen ii? de kamp met Spanje. Vooral aan Lodewijk heeft Willem veel steun gehad. Lodewijk was een bekwaam diplomaat en militair. In het bijzonder met de Hugenoten had hij goede kontakten, zodat Oranje hem 1 meermalen er op uit stuurde om bijstand te verwerven van de Hugenoten.

Jan van Nassau had een wat andere inslag. Hij miste de beminnelijke omgangsvormen van Willem en Lodewijk. Opgegroeid aan de Dillenburg had hij minder kontakten kunnen leggen met allerlei hooggeplaatsten dan zijn beide broers. Willem was aan het hof te Brussel de zwierige hoveling geweest, die daar had' geleerd zich met grote behendigheid te bewegen tussen intrigerendie hovelingen en politici. Lodewijk bezat dezelfde eigenschappen.

Jan van Nassau heeft zich nooit kunnen bewegen in dit milieu. Hoewel hij de zaak der Nederlanden van ganser harte was toegedaan kon hij het politieke steekspel van zijn broer niet altijd volgen en waardéren. Jan van Nassau was ook veel meer een echte calvinist dan Willem. Wij weten dat Willem na zijn lutherse opvoeding terecht kwam aan het roomse hof te Brussel. Pas als dé opstand tegen Spanje voortgang vindt, legt hij het roomse geloof af om opnieuw luthers t: e worden. Eerst in zijn laatste levensjaren sluit hij zich aan bij het calvinisme, de harde kern in de Opstand. Ook dan blijft hij echter de gematigde politikus.

Jan van Nassau vindt zijn broer te terughoudend in geloofszaken. Benoemd tot stadhouder van Gelderland voert hij in dat gewest met harde hand de reformatie döor. Waar hij kan stimuleert hij dit proces en dringt hij de invloed van de roomse kerk terug. Onverkort komt hij op voor de vrijheid van de gereformeerde religie in dit nog overwegend roomse gewest. Omgekeerd wil hij niet weten van vrijheid van godsdienst voor de rooms-katholieken in de protestantse gewesten Holland en Zeeland.

Dat was nu juist wel het ideaal van zijn broer. Willem van Oranje streefde godsdienstvrijheid na, zodat roomsen en protestanten schouder aan schouder zouden vechten voor de vrijheid der Nederlanden. Voor Jan van Nassau was de worsteling met Spanje veel meer een geloofsstrijd. Hij zag het als een konflikt tussen protestanten en roomskatholieken. Vandaar dat Petrus Datheen, de bekende prediker, een goede verstand-

houding had met Jan van Nassau, terwijl hij diens broer Willem met wantrouwen bejegende.

In de jaren voorafgaande aan de Unie van Utrecht leek het streven van Willem met sukses bekroond te worden. Het overwegend roomse zuiden was, na een muiterij van spaanse troepen, het juk der Spanjaarden moe en sloot zich aan bij het opstandige noorden. Ogenblikkelijk trok Willem naar het zuiden om deze kans uit te buiten. Zijn hoop op een hechte samenwerking brokkelde echter geleidelijk aan af op het niet te doorbreken wantrouwen tussen Rome en reformatie. In Gent verbood Datheen aan de roomsen nog langer hun godsdienst uit te oefenen.

Tevergeefs maande de prins aan tot matiging en verdraagzaamheid. Datheen verweet de prins dat hij nergens aan geloofde en alleen maar dacht aan staatszaken, er zelfs zijn afgod van maakte. Vele roomsen konden van hun kant ook alleen maar met grote verbittering over de ketters spreken, d'ie zij beschuldigden van machtshonger. De Beeldenstorm, waarvan de calvinisten de schuld hadden gekregen, lag nog vers in het geheugen (1566).

Unie van Atrecht

Begin 1579 sloten enkele roomse gewesten in het zuiden de Unie van Atrecht, waarbij zij zich weer onderwierpen aan het gezag van de spaanse koning. Willem van Oranje was bang dat andere gewesten zouden volgen, zodat Holland en Zeeland opnieuw alleen tegenover de spaanse legermacht zouden komen te staan. Daarom leek het gewenst zo spoedig mogelijk een Unie te vormen van de noordelijke gewesten. Zelf kon de prins niet weg uit het zuiden; hij poogde te redden wat er nog te redden viel.

Nu werd aan Jan van Nassau opgedragen die Unie tot stand te brengen. Deze heeft zich van zijn taak gekweten, maar niet in de geest van zijn broer. Die 1 had een religievrede als grondslag gewenst. Als echter op 23 januari 1579 in Utrecht onder het gebeier van de Domklokken in de statige Kapittelzaal de Unie ondertekend wordt, heeft deze een uitgesproken protestants karakter. De calvinisten hebben duidelijk de leiding in handen gekregen. Holland, het rijkste gewest, had samen met Jan van Nassau, zijn wil weten op te leggen aan de anderen. Velen aarzelden daarom de Unie mede te ondertekenen. Holland, Zeeland en Utrecht gingen er vlot toe over, Gelderland slechts onder het gezag van Jan van Nassau, en de gewesten in het noorden pas toen de spaanse dreiging weer groter werd.

Ook Oranje was niet tevreden. „Deze Unie deugt niet", zo sprak hij. Datheen betuigde zijn grote instemming met het gesloten akkoord. Eerst toen de spaanse legerscharen in het zuiden de ene verovering na de andere behaalden, waardoor de eenheid der Nederlanden opnieuw verloren ging, legde de prins zich in arren moede neer bij de Unie.

Keerpunt in de geschiedenis

De Unie geeft dus een keerpunt in onze vaderlandse geschiedenis aan. Definitief vallen de Nederlanden uiteen in twee delen. Tot op de dag van vandaag worden wij gekonfronteerd m.et die scheiding door het bestaan van twee aparte staten: Nederland en België. Wie draagt de schuld van deze scheiding? Heit drijven van de fanatieke calvinisten, zeggen vele historici in onze tijd. Anderen wijzen op de wantrouwige roomsen, of op de Spanjaarden, die onder Parma een slimme verdeel en heerstaktiek voerden.

Wie zal dit kluwen van tegenstellingen, niet alleen op godsdienstig gebied, maar ook op het politieke (de machtige adel in het zuiden had meer op met de Spanjaarden dan met de burgerlijke kooplieden) en het sociaal-ekonomische terrein, nog volledig kunnen ontwarren?

In de tweede plaats betekent de Unie van Utrecht een veilig stellen van de protestantse godsdienst in Noord-Nederland. De protestanten vormden immers gezien in het grote geheel maar een minderheid. Hoe gemakkelijk hadden zij niet weer ten onder kunnen gaan in de zee van vijanden? Dat dit niet is gebeurd, is mede veroorzaakt door de Unie, die het de Spanjaarden niet mogelijk maakte zonder meer het noorden te veroveren.

Voorts zijn de staatkundige afspraken, die gemaakt werden voor deze Unie, van groot belang geworden. Met het welslagen van de Opstand ontstaat de Republiek der Nederlanden. Voor de bestuursregeling grijpt men dan terug op de gemaakte afspraken van 1579. Twee eeuwen lang zullen volgens die regeling de gewesten een grote mate van zelfstandigheid bezitten. Pas in de Franse tijd wordt, daar een eind aan gemaakt en krijgen wij één centrale regering voor het gehele land.

Tenslotte omvatte de Unie van Utrecht min of meer het grondgebied van de latere Staat der Nederlanden. Later zullen Maurits en Frederik Hendrik in het zuiden en oosten dit grondgebied nog uitbreiden. De grondvorm is echter gegeven met de Unie. Zo blijkt wel bij het terugzien in de geschiedenis dat de Unie van Utrecht erg belang, rijk is. Men heeft dat toen, in 1579, niet beseft en ook niet kunnen voorzien. De gebeurtenissen hebben zich anders ontwikkeld dan Oranje had verwacht en gehoopt. Maar ook Jan van Nassau en Petrus Datheen hebben niet kunnen bevroeden dat dit geplante stekje zo zou uitgroeien tot een aparte Noordnederlandse staat. Mensen kunnen hun plannen maken, een web weven, het gebouw van hun ideaal pogen te verwezenlijken, uiteindelijk kan dat allemaal verstoord worden. Niet omdat het toeval deze plannen verstoort, maar omdat God de geschiedenis leidt volgens Zijn plan. Dan kan het wel eens anders lopen, dan wij verwacht hadden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 januari 1979

Daniel | 24 Pagina's

DE UNIE VAN UTRECHT

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 januari 1979

Daniel | 24 Pagina's