CHRISTEN-ZIJN
IN HET LEVEN VAN ELKE DAG
Een waar christen is lidmaat van Christus, is deel van Hem, heeft deel aan Hem, is in Hem overgezet zoals een rank in de wijnstok is ingeplant. (Zie vraag en antwoord 32 van de Heidelbergse catechismus). Het woord christen geldt in de volle zin dan ook slechts voor hen die door wedergeboorte zijn overgezet van Adam in Christus. Dan en slechts dan is het mogelijk als christen te leven, want ook dan alleen zijn we Zijn zalving tot profeet, priester en koning deelachtig.
Als dat voor mij waar is, ben ik lid van Zijn lichaam en door Hem ontvang ik dan de Geest die in Hem woont. En die Geest is het Die mij dan voorgaat en regeert, Die mijn heiligmaking uitwerkt. Als ik in Hem ben, ga ik ook leven uit Hem. Lees maar eens Romeinen 6: met Hem de dood ingegaan en met Hem opgestaan tot een nieuw leven. Dan ben ik ook vrijgemaakt van de autoriteit, van de heersende macht van de zonde. Gods kind is geen slaaf van de zonde, maar van de Heere. Als ik weet heb door een waar geloof van de afgrond van lijden die mijn zonden mijn Jezus hebben berokkend en anderzijds van Zijn liefde voor mij in dat lijden aan mij betoond, dan is het onmogelijk dat ik nog langer leef vanuit de innerlijke drijfkracht van de satan en de zonde, maar dan leef ik uit Hem die zo grote prijs heeft betaald om mij uit de heerschappij van de vijand te verlossen. Het gaat er nu niet over, laten we dat goed onderscheiden, of ik me daar altijd ten volle van bewust ben. Er is groei, opwas in de kennis en de genade. Troost en kracht eruit putten kan ik slechts „voorzover ik zulk een weldaad met een gelovig hart aanneem". Maar dat is hier niet aan de orde.
Een ander leven
Als ik leef uit Hem, dan leef ik ook voor Hem. Mijn innerlijk beginsel, de stuwkracht van mijn leven komt dan van Hem en geeft vanzelf richting aan mijn leven om te leven zoals Hij het wil. Het egocentrische, dat ieders leven van nature beheerst, het altijd gericht zijn bij alle daden op eigen behoeftebevrediging, wordt door Hem omgebogen, zodat ik Hem mag gaan dienen, omdat Hij de hoogste plaats in mijn leven heeft ingenomen.
Ik ga dan Zijn Naam bekennen, erkennen, belijden. Ik ga er voor uitkomen, dat er een andere meester is die mijn leven beheerst. Dat moet dan ook blijken, niet alleen in woorden, maar ook in de daad. Dan gaat het al over het leven van elke dag. Niet alleen op enkele hoogtijdagen: de dag van de belijdenis, huwelijk, doop van kinderen, ziekte, genezing, enz., maar ook in de dagen die zich aaneenrijgen, schijnbaar zonder sporen achter te laten. In het gezin waarin ik leef zullen ze het dan merken dat ik de Heere vrees, de buurt waarin ik woon zal dan weten dat ik als christen leef, op school en op mijn werk zal het zichtbaar zijn, in de gemeente waarin de Heere mij een plaatsje gegeven heeft. De eerste christengemeenten vertoonden een explosieve groei doordat elk lid een getuige was, daar ging werfkracht van uit. Wie Zijn Naam kent, kan en mag er niet van zwijgen, tot Zijn eer en tot welzijn van degenen die op onze weg geplaatst zijn. Als ik weet heb van Christus' offer voor mij, dan ga ik mezelf ook als dankoffer aan Hem teruggeven. Ik geef mijn leven dan in Zijn hand. Hij mag over mij beschikken. Wil Hij mij op een plaats gebruiken, het is goed, en een wonder. Schrapen voor eigen lusten
overheerst niet meer. Mijn geld, mijn baan, mijn status, mijn welvaart zijn niet meer de grote doelen in mijn leven, ze vervullen niet, maar ze leveren ook niets op voor Hem.
Wat ik verdien en moet en wil en zal komt er dan niet meer zo op aan. Hij is het waard en Hij wil en Hij vraagt dat ik mijn gaven besteed in dienst van Hem en van mijn naaste. De hoogste vorm van liefde is nog steeds het offer, in het natuurlijke leven, maar ook in het godsdienstige, als daar tenminste een scheiding tussen aan te brengen is. Alle verkwisting van gaven wordt dan vanzelf zonde, soberheid bloeit dan vanzelf op. Het is niet zo'n best teken als de kerkmensen zo in de strijd om het aardse bestaan begraven worden, dat het hele denken er door beheerst wordt en als we in de run om de statussymbolen voorop lopen. De aktie Nieuwe Levensstijl moet onder christenen per definitie overbodig zijn.
Een strijdend leven
Als Christus mijn Koning is, dan zal ik ook vanzelf, dat kan niet uitblijven, de strijd tegen de satan en de zonde aanbinden. De satan heeft het gemunt op de ondergang van de mens, de zonde loopt onherroepelijk uit op de dood. De duivel is de mensenmoordenaar, laat het maar eens diep op je inwerken. Van nature ben ik zijn slaaf, kan ik niet anders dan hem dienen. Maar als ik in Christus ben, ben ik van hem verlost. Hij kan mij dan nog wel aanvallen, en vaak ben ik nog voor hem bevreesd, en vaak geef ik nog aan zijn verlokkingen gehoor en val ik weer in de zonde, maar hij is niet meer mijn meester, ik ben buiten zijn bereik. Tegen zijn aanvallen moet ik gewapend zijn. Ik zal slechts staande blijven door de hulp van Zijn Geest.
De zonde is in haar regerende macht gebroken. Ik hoef dan niet langer ongehoorzaam te zijn aan de eis van God om Hem te dienen. De andere goden uit mijn leven gaan hun plaats verlie zen. Gods Naam komt boven alle naam, Gods dag boven alle dagen. Mijn eigen lichaam en de lusten en driften die mijn leven kunnen beheersen en mij steeds verder in het moeras van de zonde kunnen verstikken, worden omgezet, omgekeerd, bekeerd. Het lichaam wordt een tempel van de Heilige Geest, Die er in woont en werkt, zodat ik ook mijn lichaam in Gods dienst ga geven. De naaste is niet langer degene die er is om uitsluitend dienstig te zijn tot mijn verheerlijking en verrijking, maar komt naast mij te staan als schepsel Gods, dat ook God behoort te dienen.
Een moeilijk leven?
Ja. Steeds meer zal blijken, dat leven buiten Christus als christen onmogelijk is. Tijdgeloof valt af als de verdrukking komt. En die komt. Als het geen grote vervolging is, dan toch wel een vorm van negeren, buiten de gemeenschap stellen van hen die als christen willen leven, en niet willen aanpassen.
Juist dat aanpassen is de grote zonde en het grote gevaar. Thuis en in de gemeente een christen zijn, en overdag op het werk en in school? Meegaan, zoveel mogelijk met wat de anderen interesseert. De voetbaldiskussie op maandag, de tophits van de week, de programma's van de t.v. Aanpassen in onze waardering voor de zaken des levens. Onze waardebepaling van de dingen; waar geven we ons geld aan uit? Wat betekent vakantie voor ons: doel of middel? enz.
Aanpassen kunnen we ook door ons ook maar te geven in een christelijke aktiviteitendrang zonder dat we ons wezenlijk om eigen geestelijk heil bekommeren.
Aanpassen kunnen we ons in wetticisme: elkaar betuttelen vanuit een enghartig vastgesteld stramien van uitere lijke kenmerken, zonder acht te geven op de innerlijke drijfveren.
Moeilijker zal het worden. De wereld zal driester gaan optreden. Op verdraagzaamheid van het ongeloof moeten we maar niet rekenen. Dat moet ons niet bevreemden: Ze hebben Mij vervolgd, ze zullen ook u vervolgen.
Onmogelijk is het niet. Als mijn wapenrusting goed is en mijn overplanting een feit, dan is vruchtdragen noodzakelijk gevolg. Ook in benauwde tijden. We moeten wat dat betreft maar niet te gauw denken, dat we het zwaar hebben. Achter het ijzeren gordijn hebben ze meer te verduren. Denk eens aan Georgie Vins, en aan Iwam Moiseyew, die werd doodgemarteld omdat hij als militair niet kon zwijgen van de enige Naam.
Mogelijk is het. Ook bijbelse voorbeelden zijn er te over. De overplanting moet er echter zijn, anders komen we
niet verder dan wat moraliteit, wat wetticisme, dat is geen christendom.
Leven buiten Christus is leven vanuit de zonde, bruut of bedekt; is onvruchtbaar en loopt uit op de dood. De Bijbel laat geen ruimte voor leven buiten God en dan denken dat we het er wel aardig afbrengen. Een waar christelijk leven bloeit slechts op in Christus.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 november 1978
Daniel | 24 Pagina's