WIE ZAL HELPEN?
Het is dinsdag, de eerste schooldag na de vakantie.
Nog wat onwennig zitten de kinderen in de klas, vol van wat ze allemaal meegemaakt hebben.
Hé! daar is de Bijbellesjuffrouw ook weer!
„Juf, weet u waar ik geweest ben? In Spanje!" „En ik in Zwitserland, juf..."
„En ik " .
De juf heeft zelf niet veel te zeggen. Er komen zoveel verhalen los. Bijna allemaal hebben ze wat te vertellen.
Alleen Leon Hij schijnt aan heel iets anders te denken.
„Zeg Leon, wat heb jij in de vakantie gedaan? "
„O, ik ben met de padvinders meegeweest, juf." Het komt er een beetje lusteloos uit
Het is half vier. De eerste schooldag zit er weer op.
Kijk, daar heb je Leon. Toch eens vragen „Leon, was het niet zo fijn in de vakantie? "
Hij kijkt me met grote ogen aan. Dan komt het: „Ik heb zoveel gebeden, juf, in de vakantie. Maar mijn vader is toch gestorven. In de eerste week van de vakantie."
We hebben samen gezocht naar een stil plekje in de rumoerige school. Het viel niet mee om dat te vinden. Eindelijk vonden we boven een verlaten lokaal
En daar heeft Leon verteld. Over wat hij meegemaakt had in de vakantie. Over zijn zieke vader, die toch gestorven was
En ook over zijn bidden.
„Juf, de dokters zijn heel knap, maar alles kunnen ze niet. Ik dacht, als God nou nog dat beetje doet, dan kan mijn vader misschien beter worden " We hebben heel lang samen gepraat. Hij wist nog zo weinig van de Bijbel. Niemand had het hem verteld thuis. Niemand had hem mee naar cle kerk genomen Als God nou ook nog een beetje doet, dacht hij
Ik moet denken aan die zieke vrouw in Kapernaüm. Twaalf jaar lang was ze al ziek. Het was om moedeloos van te worden. Hoeveel dokters had ze al geraadpleegd? Hoeveel soorten medicijnen had ze al geprobeerd? Het had haar al haar geld gekost. En de kwaal was alleen maar erger geworden.
Maar dan hoort ze van de Heere Jezus! Als er ergens uitkomst is, dan is het bij Hem! Al haar hoop is op Hem gevestigd.
„Als ik alleen maar de zoom van Zijn kleed mag aanraken, dan zal ik gezond zijn." En als ze dat heel stilletjes doet, is ze ook genezen.
Maar de Heere wil haar niet alleen genezen, Hij wil ook haar Zaligmaker zijn. Daarom roept Hij haar. Daarom moet ze alles eerlijk aan Hem vertellen.
Al haar leed, al haar verdriet, alles
Ook dat ze wist dat Hij alleen redden kon.
Dan ontvangt ze van de Heere eeuwig leven, vergeving van haar zonden, vrede met God voor altijd.
„Dochter, uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede en wees genezen van uw kwaal."
Hoe gaan wij naar de Heere?
De Heere heeft ons op allerlei manieren laten weten, Wie Hij is.
Via onze ouders, via de school, de kerk, de vereniging.
Hebben wij de Heere Jezus alleen af en toe nodig?
Alleen voor iets heel moeilijks?
Kunnen we het meestal zelf wel klaren?
Maar de Heere vraagt heel ons hart, heel ons leven.
Heel ons zondige hart en heel ons zondige leven.
Dan zal Hij dat hart reinigen door Zijn bloed en ons leven stellen in Zijn dienst.
Om te schijnen als lichten in een donkere wereld.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 oktober 1978
Daniel | 28 Pagina's