BETER OF SLECHTER?
Velen hebben zich na Prinsjesdag vermoeid met de vraag of de slotzin van de troonrede nu wel of niet een bede bevat. Verschillende kommentaarkolommen in diverse dagbladen zijn hieraan gewijd.
Sommigen hebben zich in allerlei bochten gewrongen om aan te tonen, dat het slot van de laatste troonrede toch wel een stuk beter is dan in voorgaande jaren. Wel enigszins begrijpelijk. Als je een grootscheepse aktie hebt gevoerd om de bede terug te krijgen, dan wil je toch ook wel graag resultaten zien ?
Anderen hebben geprobeerd aan te tonen dat de door het kabinet Van Agt gekozen formulering nog slapper is dan die van het vorige kabinet. Een verschijnsel, dat veel voorkomt bij mensen, die je dikwijls hoort verkondigen, dat je beter met nietchristenen te doen kunt hebben dan met die „halve christenen".
Hoe het ook zij, ik vraag me af of je wel kunt spreken van verbetering of verslechtering. Vergelijk beide slotzinnen eens en konkludeer voor jezelf of er veel verschil is:
Onder Den Uyl: „ dat wij daartoe de kracht zullen ontvangen ".
Dit jaar: „Moge dat werk worden gedaan in het vertrouwen dat velen u wijsheid toewensen en om zegen voor u bidden".
Hoewel je zou kunnen stellen, dat in de laatste zin enkele bijbelse begrippen („zegen" en „bidden") voorkomen, wordt het kardinale punt, het openlijk aanroepen van de naam van de Heere onze God, in beide gemist.
De jongste slotzin zou je trouwens een typische C.D.A.-formulering kunnen noemen. Je kunt er alle kanten mee op. Ruimte voor hen die niet bidden, maar het liever bij „wensen" houden en ruimte voor degenen die wel willen bidden.
Laten wij echter niet in het negatieve eindigen. Maar laten we van de geboden ruimte — die er overigens altijd is, ook al staat het niet met zoveel woorden in de troonrede ! — een dankbaar, maar ook een veelvuldig gebruik maken. Laten we bidden of de Heere Zich over onze regering wil ontfermen. Laten we Iiem bij de voortduur smeken of Hij de Koningin, het Kabinet en de Staten-Generaal wil laten zien, dat het een land alleen goed kan gaan als Zijn geboden worden onderhouden. En laten we dit dan ook èn als kerk èn als individu volhouden.
We hebben immers de opdracht om te bidden voor „allen die in hoogheid zijn"? Als je het op menselijke wijze bekijkt, dan moet je zeggen: „Wat helpt nu al m'n bidden? " Maar laat de geschiedenis (niet alleen de bijbelse, maar ook die van ons vaderland) niet zien, dat de Heere soms heel wonderlijk te werk gaat? Telkens weer blijkt waar te zijn: „ en onze God ontfermt Zich op 't gebed".
Daarom: niet verslappen, maar juist aanhouden in het gebed. Dat is veel zinvoller d.an uren achter elkaar diskussiëren over de vraag of dit kabinet het nu beter of slechter doet dan het vorige.
Als de Heere deze gebeden zou willen verhoren, dan behoeven we ons D.V. in een volgend jaar niet weer af te vragen of de slotzin in de troonrede nu wel of niet een bede inhoudt. Maar dan zal die bede ook niet de bekende vlag zijn, die de lading moet dekken!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 oktober 1978
Daniel | 24 Pagina's