DRAAG ZORG VOOR HEN
Ds. Elshout schrijft in zijn boek „Een helpende hand" onder meer: „dat een mens niet alleen lijdt onder pijn en ziekte, maar veel meer onder datgene wat ermee gepaard gaat". „Wat ermee gepaard gaat" is ook, misschien zelfs vooral, de houding van ons mensen om hen heen. Het gebrek aan takt, de hardheid, maar ook de overbezorgdheid van anderen kan het herstel tegenhouden. Daar tegenover staat dat wij de ander kunnen helpen in zijn lijden en herstel (meestal meer dan wij denken). Wij maken, vaak ondoordacht en vaak heel goed bedoeld, enorm veel fouten. Daarom is het goed om dit onderwerp eens te bespreken, maar het is een té groot terrein om er in onze „Pagina" diep op in te gaan. Daarom slechts een paar opmerkingen, voornamelijk ervaringen uit de praktijk van mijn werk.
Gebrek aan zelfvertrouwen
Het herstellen na een ernstige ziekte is enigszins te vergelijken met de ontwikkeling van kind tot volwassene. Een kind kan door ons volwassenen worden geremd in zijn ontwikkeling, in zijn zelfstandigwording, maar ook worden aangemoedigd, bijvoorbeeld wanneer het nooit de kans zou krijgen iets alleen te doen, zal het over het algemeen op de ander, die het wel voor hem doet, blijven steunen. Wanneer dan bovendien tot dit kind gezegd zou worden, dat hij daar te klein voor is, of te dom, of niet sterk genoeg, dan is de kans groot dat hij dit op de duur gaat geloven en een gevoel krijgt tot minder in staat te zijn dan een ander.
Afhankelijk van de persoon in kwestie zal ook een herstellende kunnen worden geholpen door zijn zelfvertrouwen te vergroten. Vooral in een periode van zwakte zijn er buien van neerslachtigheid. Men voelt zich nutteloos en men kan zich niet voorstellen ooit weer bekwaam te zijn om aan het werk te gaan. Betreft het iemand die de neiging heeft zich groot te houden, dan zal hij „op z'n tenen gaan lopen"; te veel gaan doen; boven vermogen gaan werken, om én zichzelf én anderen te bewijzen dat hij geen „nietsnut" is. Het is goed om, naast het begrip voor dit flink-zijn, deze mensen wat af te remmen, omdat een lichamelijke oververmoeidheid verder herstel in de weg staat.
Is de herstellende daarentegen iemand die vlug bij de pakken neerzit, dan zal hij op voorzichtige wijze aangemoedigd moeten worden. Maar vooral voorzichtig en met begrip voor de neerslachtigheid. Begrip tonen is wat anders dan beklagen. Het feit van herstel is geen reden tot beklag, ook niet als het slechts langzaam vordert, maar tot dankbaarheid. Dat dit ontbreekt of in te geringe mate aanwezig is, waardoor de neerslachtigheid wordt gevoed (ook bij de zich flink-houdende) mogen we niet goed praten. Wel zullen we er begrip voor op kunnen brengen, wanneer we op ons zelf zien. Waar is onze dankbaarheid? Tonen wij onze vreugde om het herstel van de ander? Wanneer we dit tekort (of zelfs gemis) bij onszelf ontdekken, dan kunnen we de ander begrijpen. De ander, die bovendien nog erg weinig weerstand heeft en zich dus sneller door zijn gevoelens laat leiden! Wanneer we onze dankbaarheid en blijdschap over het aangevangen herstel mogen tonen, dan kan dat ook de ander vooruit helpen!
Vooral zij die opgenomen zijn geweest in een psychiatrisch ziekenhuis hebben het vaak erg moeilijk. Hun zelfvertrouwen heeft een geweldige knak gekregen. Vaak goed bedoeld worden deze mensen, na hun herstel, op allerlei wijzen „geholpen". Een hulp die door hen vaak heel niet wordt gewaardeerd omdat deze veelal het tegenovergestelde tot gevolg heeft. Doordat er op allerlei manier rekening met hen gehouden wordt, neemt hun toch al geknakte zelfvertrouwen nog meer af. Het is belangrijk hen te behandelen zoals we dat zelf graag willen, dus als hersteld van hun ziekte. De groei van hun zelfvertrouwen zal daardoor worden bevorderd. Ook onder hen zijn er „flinken", die moeten worden afgeremd en degenen die vlug bij de pakken neerzitten en erg veel bemoediging nodig hebben. Maar door het zélf doen, met (vooral in de eerste tijd) z'n vele teleurstellingen die moeten worden overwonnen, zullen zij weer kunnen aansterken.
Levenslang?
Gelukkig wordt het woord „gek" in verband met een psychiatrisch patiënt of zwakzinnige de laatste jaren wat minder gebruikt, maar veel te vaak wordt er nog wel zo over gedacht. Het is een ziekte, die men niet kan beredeneren en daarom „gek" wordt gevonden. Deze gedachte is zo vastgeworteld in ons kuituurpatroon, dat ook de personen die aan een psychiatrische ziekte lijden zich ervoor schamen. Geheel ten onrechte overigens. Ook een beenbreuk is een gevolg van de zonde, maar wordt heel anders ervaren dan een psychische ziekte. En wat is het verschil? Het schaamtegevoel is mede veroorzaakt door ons. En ook daarom ben ik blij met het boek van Ds. Elshout en raad u aan het te lezen en te herlezen. Geef het cadeau aan uw familieleden, vrienden en bekenden, opdat er meer begrip kome voor hen die psychisch ziek zijn. Wanneer wij iemand, die eens in een psychiatrisch ziekenhuis is opgenomen geweest, benaderen vanuit de gedachte dat er toch nog wel „een steekje los is", dan zal dat bij die persoon verschillende gevoelens oproepen. Allereerst verdriet om deze miskenning en dit onbegrip. Maar ook teleurstelling en boosheid. En vooral geleid door deze laatste gevoelens zal er worden gereageerd. De kans is groot dat deze reakties worden uitgelegd in de richting waarin men toch al dacht: „Zie je wel, dat hij niet goed wijs is". Op deze manier wordt iemand levenslang tot patiënt verklaard. Zo moet het in ieder geval niet, dat zal u duidelijk zijn. Het zal geen wonder zijn als iemand na deze benadering nog eens voor opname in het ziekenhuis in aanmerking komt. Meermalen zijn het kinderen, die het woord „gek" nog als scheldwoord gebruiken. Erg genoeg weten ze vaak niet beter, maar wij als volwassenen wel en het is onze taak kinderen op het foutieve van hun handelwijze te attenderen en hen begrip bij te brengen voor de medemens, ook voor hen die weinig zelfvertrouwen hebben tengevolge van een ziekte.
In alles wijsheid en sterkte toegewenst!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 september 1978
Daniel | 24 Pagina's