HET BEELD SCHREEUWT
De puinhopen zijn opgeruimd. Het hart van Rotterdam staat vol rnet moderne, nieuwe gehouwen. Het ruikt er niet meer naar brand. Als het er waait, waaien er geen wolken stof meer over lege vlakten. Toen wel
In de verte zie je de schepen in de havens. Je kunt ze ook horen. De hijskranen zwaaien hun lange armen door de lucht. En hier is een klein plein. Het heet „Plein 1940". Op het plein staat een groot beeld, ruim zes meter hoog.
Een beeld dat herinnert aan die verschrikkelijke middag toen de bommen vielen op de stad. Wat je meteen ziet zijn de armen van het beeld. Ze steken de lucht in. Het lijkt wel of ze om genade smeken. Het beeld van een mens in nood. Midden in het lichaam zit helemaal niets. Je kunt er dwars doorheen kijken. Het hart is er uit Net als in de stad, toen, na die middag. Daar zat ook geen hart meer in. Net als de stad schreeuwt het beeld van pijn en wanhoop tegen het gevaar uit de lucht. Daar waren de bommenwerpers
Het beeld heet eenvoudig en duidelijk: „Monument voor een verwoeste stad". Het beeld is gemaakt door Ossip Zadkine, een kunstenaar uit Parijs, die geboren is in Rusland.
Een monument is er om de mensen aan iets te laten terugdenken. Dit monument laat ons terugdenken aan de regen van bommen op een weerloze stad. Het herinnert aan dagen van geweld en onrecht, aan de bittere beproeving van ons volk. Het beeld van Zadkine is een aanklacht tegen het misbruik maken van macht en geweld. Een aanklacht tegen de verdelging van talloze weerloze burgers Een beeld dat schreeuwt om vrede en gerechtigheid.
Gerechtigheid zal wederkeren . . .
Naar vrede en gerechtigheid hebben velen in de oorlogsjaren vurig verlangd. Veel mensen hebben tevergeefs verlangd. Ze hadden er alles voor over, maar ze hebben tevergeefs verlangd...
Des daags scheen zonlicht in de cel, twee decimeter op de muur, dan stond te middag voor een tel een zin gekrast in laaiend vuur. Wie had de woorden ingekerfd? — Merkteken van ons diepst begeren. — Een heeft ze met zijn bloed geverfd: „Gerechtigheid zal wederkeren"
Een hand die weinig had geschreven de letters kinderlijk en krom, hij schreef het beter met zijn leven, de laatste maal voor 't peloton. Een ieder, die hier met ons is, die heeft het met zichzelf bewezen, dat wat daar staat de waarheid is. 't Is bloed! En wat zó is geschreven kan nimmer worden uitgewist!
(Uit „Celdroom", gepubliceerd in een illegale krant)
Gelukkig hebben velen van ons de oorlog niet meegemaakt. De jongeren zijn geboren in een vrij land. Wij mogen leven in een land waar we in vrijheid onze regering kunnen kiezen. In een land waar de rechten van de burgers beschermd worden. In een land waar we in vrijheid rond het Woord van God bijeen mogen komen. Toch is het goed dat we steeds weer denken aan de tijd dat ons volk gesnakt heeft naar vrede en recht.
Om onze vrede en vrijheid te blijven waarderen! Het is goed om te bedenken hoeveel menselijk leed door een oorlog wordt aangericht. Hoeveel slachtoffers er zijn gevallen. Dat moeten we blijven gedenken om zuinig te zijn op de vrijheid en om mee te leven en mee te lijden met allen die in onze tijd verdrukt worden. Vele volkeren in de wereld leven onder de druk van een buitenlandse geweldhebber (denk aan de landen achter het IJzeren Gordijn) of onder het regiem van totalitaire systemen (denk aan vele volkeren in Afrika en Zuid-Amerika). Hoeveel mensen kunnen niet in vrijheid leven. Talloos velen mogen niet in vrijheid hun geloof belijden.
Ook in onze tijd hebben velen de hoop op vrijheid en gerechtigheid verloren. Gemartelde en vernederde gevangenen in kampen en gevangenissen.
Mensen, die afgebeuld en vermoord worden, geslagen en uitgehongerd. Opéén gedreven achter prikkeldraad en gedwongen tot dwangarbeid.
Laten we ook hen nooit vergeten! Laten de oorlogsmonumenten voor ons tekenen zijn ter herinnering aan wat in het verleden gebeurde, maar ook tekenen die ons herinneren aan het lijden in onze tijd.
Een schreeuw om gerechtigheid!
Uit afkeer tegen oorlogsgeweld en onrecht pleiten velen in onze tijd opnieuw voor ontwapening en voor afschaffing van het leger. Oorlog is immers afschuwelijk. Daarom zal er nooit meer oorlog mogen komen.
Natuurlijk moeten we ons best doen om nooit zelf een oorlog te helpen veroorzaken. Ook daarvoor staan in Nederland de oorlogsmonumenten. Maar zonder defensie, zonder een verdedigingsleger kunnen onrecht en geweld onze grenzen ongehinderd passeren. De herinnering aan het verleden en de realiteit in veel andere landen houden voor ons het besef levendig dat we met geoorloofde middelen onze vrijheid mogen verdedigen. Ja, het is onze opdracht om vrijheid en gerechtigheid te bewaren en te bevorderen.
...bedenk, dat hetgeen gisteren bedreigd werd, heden en morgen opnieuw in gevaar kan verkeren, bescherm het en wees waakzaam. Tot zolang moge het pad, dat tot deze stil plek leidt, begaanbaar blijven voor de voeten van allen, die zich hier bezinnen op de waardij van vrijheid en gerechtigheid Daartoe helpe ons God.
(een gedeelte van de tekst die H. M. van Randwijk schreef voor de herdenkingsmuur van de Erebegraafplaats te Bloemendaal).
„Daartoe helpe ons God", dat is een schreeuw om gerechtigheid. Hij alleen kan ons immers vrijheid en gerechtigheid geven. Hier in dit leven blijft echter alles onvolkomen. Als we door genade mogen zeggen: „Wij dan gerechtvaardigd zijnde uit het geloof, hebben vrede met God, door onze Heere Jezus Christus", dan wacht ons naar Zijn belofte een nieuwe hemel en een nieuwe aarde waarop volkomen gerechtigheid woont.
n.a.v. „Een paar minuten stil"
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 april 1978
Daniel | 24 Pagina's