DE GEBOORTE VAN JEZUS AANGEKONDIGD
„en zie, gij zult bevrucht worden, en een Zoon baren, en zult Zijn naam heten JEZUS". (Lukas 1 : 31).
De vromen die in de oud-testamentische tijd leefden, zagen uit naar de geboorte van de Heere Jezus. Zij hadden ingeleefd dat zij door de diepe val rampzalig waren geworden, maar mochten door genade geloven dat zij alleen door Hem zalig zouden worden. Vanaf Adam werd de Zaligmaker verwacht. Na ongeveer 4000 jaar brak het ogenblik aan dat in Gods Woord de volheid des tijds wordt genoemd. In onze tekst is het ogenblik van Zijn geboorte nabij. Een engel komt in opdracht van zijn hemelse Zender tot Maria, een afstammelinge uit het Koningshuis van David, met de boodschap: „en zie, gij zult bevrucht worden, en een Zoon baren, en zult Zijn Naam heten JEZUS".
God gaat Zijn beloften vervullen. Let in deze geboorteaankondiging vooral op Zijn Naam. Namen hadden in het O.T. grote betekenis. Maar de Naam JEZUS overtrof alle andere namen. In Zijn Naam ligt het werk verklaard dat Hij doen zal. Zijn Naam betekent Zaligmaker, want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden. De onder ons zo bekende ds. Hellenbroek zegt van zaligmaken: dit is iemand verlossen van het hoogste kwaad en brengen tot het hoogste goed.
Door de zonde is het hoogste kwaad ons deel geworden. Wij hebben de weg naar God toegesloten en missen Gods zoete gunst en zalige gemeenschap. Maar door de arbeid van de Zaligmaker zal er toch nog een volk dit hoogste goed terugontvangen. Hoewel wij hier natuurlijk naar hebben te staan, is dit hoogste goed echter nooit meer te verdienen, maar slechts te verkrijgen.
Daarom is het genade. Hebben wij de Zaligmaker al nodig gekregen tot zaligheid? Dan zijn wij aan de weet gekomen dat wij tot onze zaligheid niets kunnen toedoen en dat wij niet anders kunnen zalig worden dan de vromen in de oud-testamentische tijd. Wanneer wij de zaligheid nog niet nodig hebben, dan zal de Naam JEZUS ons niet aanspreken, dan zal het komende Kerstfeest voor ons geen betekenis hebben. Maar indien wij bij aan-of voortgang door de ontdekkende werking van de Heilige Geest bekend zijn gemaakt met de verdorvenheid van ons hart, hebben wij uitgeroepen: is er enig middel waardoor wij deze straf zouden kunnen ontgaan en wederom tot genade komen? !
En dan mag het Kerstgebeuren ons prediken: ja, er is een middel, een uitnemend middel, een genoegzaam middel. Er is een Zaligmaker, er is een JEZUS. En de zaligheid is in geen Ander, want er is ook onder de hemel geen andere Naam, Die onder de mensen gegeven is, door Welke wij moeten zalig worden. Wat krijgt dan de Naam Jezus een betekenis. Dan hebben wij niet genoeg aan de wetenschap dat Jezus eenmaal in Bethlehem werd geboren, maar dan zien wij er naar uit dat Hij bovenal in ons hart wordt geboren. Dan wordt het waarlijk advent, dat eerst zal ophouden bij Zijn wederkomst op de wolken. De God aller genade doe ons met Maria zingen:
„Hoe heilig is Zijn Naam, laat volk bij volk te zaam, barmhartigheid verwachten. Nu Hij de zaligheid, voor die Hem vreest, bereidt, Door al de nageslachten".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 december 1977
Daniel | 20 Pagina's