DE SPOOK- HOEVE (3)
Buiten kijkt hij omhoog of er werkelijk een tak tegen het raam kan waaien.
Maar niet één boom staat zo dicht bij het huis! Dan draait hij zich om en haast zich naar hun huisdeur. Gauw alles vertellen!
De klompen
Het hele geval loopt met een sisser af. Ze horen niets meer. De meisjes weten echter niet dat vader en Geerten die volgende morgen op bezoek gaan bij de dorpsveldwachter. Hij vertelt wonderlijke dingen. Het personeel van Dine-meu was al eerder wezen klagen over „het spook". Maar Dine-meu sust maar en ontkent alle geluiden. Tja, de veldwachter heeft daar zo zijn gedachten over.
„Wat denkt u dan? " vraagt gespannen. Geerten
„Een spook is er in ieder geval niet, jongeman!"
„Wat dan wel? Heeft Dine-meu soms een slecht geweten? "
De grijze veldwachter kijkt hem opeens scherp aan. „Waarom denk je dat? "
„Nou, oh " zegt Geerten, „misschien weet hij zélf wel wie het is." Aan het gezicht van de man tegenover hem weet Geerten dat hij goed geraden heeft. Langzamerhand raakt het spook weer wat in 't vergeetboek. Ze horen weken niets meer en beginnen zich af te vragen of het niet allemaal verbeelding was.
En toch, denkt Geerten als hij op een avond uit de catechisatie naar huis fietst, móet het spook er geweest zijn. Het regent een beetje en hij gaat wat harder fietsen. Na een paar minuten racet hij het hek van de Anna-hoeve binnen. Hij hunkert naar de warme gezelligheid. Gauw z'n fiets binnenzetten en dan
Opeens stokt zijn adem in zijn ketel. Wat is dat daar? Daar onder die bosjes? Zijn fietslantaarn geeft maar zwak licht, daarom loopt hij er naar toe en kijkt nog eens. Ja, zie je wel een paar klompen. Oude witgeschuurde klompen met om de ene een ijzeren bandje. Hij gooit opeens zijn fiets tegen de muur en vliegt naar binnen. Vader en Inge zitten te lezen en moeder en Janneke praten over een breipatroon. Ze schrikken op bij zijn haastige binnenkomst.
„Vader, hoort u es! Bij de schuur onder de bosjes staan een paar klompen. Van wie zijn die? Wij dragen zulke niet "
Allevier schieten ze ineens overeind. „Klompen? Wat voor klompen? "
„Witgeschuurde, een herenmaat. Eén met een bandje".
Ze kijken allemaal naar vader, maar die zwijgt een hele poos. Dan zegt hij langzaam: „Wat denk je zelf, Geerten? " „Ik denk, dat het spook een spook op klompen is. Hij heeft ze uitgetrokken om zachter te lopen. Wie laat ze anders nat regenen? Wat denkt ü? "
„Ach, het valt misschien mee. Maar toch we moeten het zekere voor het onzekere nemen. En als jouw theorie juist is, moet het spook weer terug komen om zijn klompen op te halen. Dan wachten wij hem op."
„En en wij dan? " vraag Janneke angstig.
„Jullie blijven hier in de kamer met de deur op slot. Er kan niets gebeuren zo! En zoek jij even een lantaarn op, Geerten. Houd intussen vanuit het achterhuis de boel in de gaten. Ik ga even vragen of Dine-meu bij ons een kopje koffie wil komen drinken, 'k Ga maar even binnendoor, denk ik."
Vader loopt naar de deur in het achterhuis, die in de stal van Dine-meu
uitkomt. Gelukkig niet op slot! Geerten zoekt op de planken de lantaarn op en doet dan een paar stappen terug om uit het raam te kijken. Hij tuurt in het donker tot zijn ogen er pijn van doen. Hoort hij daar iets? Nee, het is de wind, die door de struiken ritselt. Doodstil staat hij en wacht. Weer een gerucht! Nee, het is vader met Dinemeu. Ze loopt hem argeloos babbelend voorbij.
Samen verdwijnen ze in de keuken. Als vader nu maar gauw terugkomt... Hij richt zijn volle aandacht nu weer op de geheimzinnige plek bij de schuur. De heesters waaien als zwarte schaduwen heen en weer door de gure regen. Daaronder moeten de klompen staan. Van wie? Van een spook, een dief een misdadiger?
Hij huivert, 't Kan immers? Zijn hart is klein op dit moment. Hij bidt: „Help ons, Heere, laat 't goed aflopen."
Eindelijk, daar is vader. Een zucht van verlichting ontsnapt hem. „Nog niets? "
„Nee, niets."
Wachten maar weer. Geerten wipt van zijn ene been op het andere.
„Ik had misschien toch beter de veldwachter kunnen waarschuwen, " denkt vader hardop. Maar Inge durfde ik niet weg te sturen en jou kan ik niet missen. Die woorden van vader doen Geerten goed. Hij wil iets terug zeggen, maar ineens heft hij zijn vinger luisierenü op en kijkt vader aan. Ja, die hoort het ook. Het geluid komt van de andere kant van het huis. Zachte voetstappen, soms wat getik, dan het knerpen van een roestig scharnier. Het spook is bezig! Dan wordt het weer stil.
Ze gaan allebei rechtop staan, tot het uiterste gespannen. Nu gebeurt het! „Daar fluistert Geerten. „Daar komt iemand!"
„Wacht tot hij zijn klompen aantrekt. Ik ga eerst."
Met brandende ogen kijken ze naar de donkere gedaante, die naderbij sluipt. Nog twee meter, nog één. Dan gaat alles bliksemsnel. Vader rukt de deur van het achterhuis open en stormt naar buiten met Geerten op de hielen. Een schreeuw, even een worsteling en dan trekken ze hun vangst mee naar binnen. Geerten ontsteekt met bevende vingers de lantaarn en schijnt
Dan staren ze verbaasd naar een ontdaan oudemannengezicht onder een boerenpet.
Dat gezicht komt hen vaak bekend voor....
Het raadsel wordt opgelost
Ook binnen is het rumoer doorgedrongen. Dine-meu staakt verbaasd haar gepraat.
„Wa is da nou voor 'n herrie? " schrikt ze.
Langzaam zegt moeder: „Ik denk dat vader iemand betrapt heeft buiten."
Dine-meu wil verschrikt reageren, maar opeens horen ze vaders stem: „Inge, kom!"
Inge rent meteen op de deur of. In het licht van de lantaarn ziet ze Geerten en vader met een boerenman tussen hen in.
„Ga jij eens gauw naar de veldwachter! Loop maar hard!" zegt vader gejaagd. Inge wil een heleboel vragen, maar zijn strenge blik doet haar zwijgen.
Maar de onbekende begint opeens te jammeren: „Nee, nee, geen veldwachter! Ik leg alles wel uit ik zal nooit meer komen "
„Opschieten!" dringt vader aan. Inge schiet in haar mantel, maar bij de deur kijkt ze toch nog even om. 't Is zo gek stil opeens.
(Wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 september 1977
Daniel | 24 Pagina's