OP KAMERS WONEN
Ook dit jaar zijn er weer veel jongeren van school gekomen, met hun einddiploma op zak. Jij bent één van de gelukkigen? Gefeliciteerd! En sterkte, als je nu gaat werken of verder gaat leren. Misschien verlaat je binnenkort het ouderlijk huis en kom je op jezelf te wonen. Intern: bij een ziekenhuis, een onderwijsinstelling of waar dan ook. Op kamers: want je hebt een baan gevonden, je vond het tijd om op eigen benen te staan, of je gaat studeren aan een universiteit.
Een kamer zoeken.
De woningnood is groot, de kamernood niet minder. Veel werkende jongeren en studerenden zijn tevergeefs op zoek. Hopelijk val jij wél in de „prijzen", al zijn die prijzen voor een kamer meestal niet gering.
Let goed op wat je moet betalen en op de voorwaarden die er worden gesteld. Maak duidelijke afspraken.
Het maakt veel verschil waar je een kamer vindt. Sommigen komen bij „vreemden" terecht, waar alles nieuw en onbekend is. Anderen trekken bij familie of goede kennissen in, waar hun bedje gespreid en de tafel gedekt is. Maar ook dan is het een hele stap om uit huis te gaan.
De overgang is groot.
Thuis had alles nog z'n vaste plaats. Jij zelf had ook je plaatsje in het gezinsverband. Dat gaf je steun, en jij droeg daarin ook je steentje bij. Je wist wat er kon en niet kon thuis. Goed, je bromde wel eens over pa en ma, maar missen kon je ze toch ook weer niet.
En nu valt dat vaste leefpatroon voor een groot deel weg. Het glazen huisje breekt stuk. Je komt in een ander huis, een andere stad, je krijgt nieuwe vrienden en nieuwe problemen.
De wereld waar je komt denkt vaak heel anders. Wat thuis vanzelf sprak, kan opeens vreemd en ongewoon zijn, misschien wel achterlijk. En daar sta je dan, zonder ouders of leraren die er „bovenop" zitten......
Je eigen weg?
Je zegt misschien: dat zie ik best wel zitten. Kan ik tenminste m'n eigen gang eens gaan. En inderdaad, je zult zélf je weg moeten vinden. Je bent geen vijftien meer. In zekere zin is het een uitdaging om op kamers te gaan.
Maar dan moet wèl blijken, dat je het aankan! Dat je leert verantwoordelijkheid te dragen. Voor je tijd, je geld, je lichaam. Voor jezelf, voor anderen en dat tegenover God. Want je bent gedoopt, je draagt Zijn Naam.
Dat kan toch niet verborgen blijven Vroom doen? Nee hoor, gewoon uitkomen voor je overtuiging, van meet af aan. Alléén durven staan om Christus' wil. Dat dwingt respekt af, juist bij hen die elkaar maar wat napraten (en die zijn er helaas meer dan je zou denken).
Samen op weg.
Op kamers wonen: een uitdaging, maar soms ook een kwelling. Wie alleen staat kan vereenzamen. Daarom kan je het kontakt, de vriendschap met anderen niet missen. Werk aan een goede verstandhouding met je hospita, je huisgenoten, je buren — althans voor zover dat van jou afhangt. Een kwestie van geven en nemen.
Bewaar de band met thuis, laat eens wat van je horen en zien. Ook voor je familie valt het niet mee dat je uit huis gaat.
Zoek de Gemeente op waar je bij hoort, vooral wanneer je niet geregeld thuiskomt in de weekends. De zondag is Gods dag, de kerk Zijn huisgezin! Je bent er welkom en je zult er vrienden en vriendinnen maken (b.v. op vereniging en catechisatie).
Vrienden vind je ook op je werk of in je studie. Gelukkig! Maar pas op dat je niet in twee werelden gaat leven: van twee walletjes eten kan immers niet.
Iets over samenwonen.
Een christen moet wel eens nee kunnen zeggen. Niet vanuit een negatieve levensinstelling, maar juist vanuit de positieve weg die God hem wijst. Een voorbeeld daarvan is het huwelijk, als instelling van onze Schepper. Daarin mogen man en vrouw „tot één vlees zijn" (Gen. 2 : 24), in een totale levensgemeenschap. Ze beloven elkaar trouw te zijn tot de dood.
Het komt echter steeds vaker voor dat jongelui zonder getrouwd te zijn met elkaar gaan samenwonen. Men wil het eens „proberen". Lukt het niet, dan ga je weer uit elkaar. Verplichtingen zijn maar lastig en overbodig. We willen niet gebonden zijn. Het is ontstellend dat men zelfs in kerkelijke kringen meegaat met dit eigentijdse denken. Het verblindende karakter van de zonde brengt mee, dat men het gevaar niet ziet.
Maar, zal iemand zeggen, zoiets komt bij ons toch niet voor.
Ik hoop het van harte! Feit is dat het huwelijk al meer wordt ondermijnd. In 1975 gaf het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening een nota uit over de „huisvesting van alleenstaanden en tweepersoons-huishoudens". Deze nota sluit zich in grote lijnen aan bij de veranderende opvattingen over gezinsvorming en samenwonen van ongehuwden.
Er zijn anti-christelijke machten aan het werk, en je krijgt er misschien mee te maken als je op kamers woont. Bid om staande te mogen blijven. Samenwonen of „een nachtje overblijven" bij deze of gene lijkt wel „alternatief", maar het is geen alternatief dat de Bijbel kent. In die weg kan je geen zegen verwachten.
Het ritme onderweg.
Veel mensen die op kamers wonen hebben moeite met wat zelf-discipline. Je gaat gauw te laat naar bed, je eet weinig of ongezond, kortom je doet jezelf tekort.
Wees zuinig op jezelf. Dat is niet zo eenvoudig als het lijkt, want je hebt je werk,
kolleges en tentamens of kursussen, je boodschappen, verenigingsavonden, enz. Er is zó veel waar je aan moet denken. Probeer daarom een zekere regelmaat te vinden: dat geeft erg veel steun.
Rantsoen voor onderweg.
Wie op reis gaat neemt niet alles mee. Wat nodig is wordt ingepakt, de rest blijft thuis. „Eén ding is nodig", zei Jezus tot Martha, die het zo druk had met haar werk. Hij zegt het ook jou en mij. Houd daar dan rekening mee bij het maken van een dagindeling.
Laat de Bijbel niet ontbreken in je koffer. Als rantsoen voor onderweg, niet als een pronkstuk in je kast.
„'k Heb in mijn hart Uw rede weggelegd, opdat ik mij mocht wachten voor de zonden" (Psalm 119 : 6).
Hier is eten en drinken, voor wie hongeren en dorsten naar de gerechtigheid. Hier is een lamp voor je voet en een licht op je pad. Hier is het levende Woord dat ons schuldig stelt voor God, maar ook het Woord waarin we mogen zoeken naar vergeving voor al ons zondigen en struikelen, naar vernieuwing van ons gebroken leven, naar verlichting van ons duistere verstand, naar troost in eenzaamheid, naar moed en kracht voor ons werk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 augustus 1977
Daniel | 20 Pagina's