JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

DE HEERE REDT

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE HEERE REDT

7 minuten leestijd

(slot)

„Was ist das? ” vraagt de officier wantrouwend. „Holz in einem keiler? ”

„Ja, het gaat vriezen, " legt Van Steeg uit, „daar kan holz niet tegen. Und als het luchtalarm ist, dan schuilen wij hier. Granaten gehen nicht door holz heen, " voegt hij er haastig aan toe.

Ongelovig fronst de Feldwebel zijn wenkbrauwen. Houdt die kerel hem nu voor de gek of meent hij wat hij zegt?

„Suchen, " beveelt hij kortaf, „und gut.”

Aarzelend begint één der soldaten de bossen hout opzij te trekken. De ander bestrijkt met zijn geweer de kelderruimte en de officier houdt Van Steeg in de gaten. Verbeeldt hij het zich? Is er spanning te zien op het gezicht van de mandenmaker? „Schneller" blaft hij de soldaat toe. Deze, in zijn haast, trekt wat te hard en er begint een stapel takken te schuiven. Voor de man weet, wat er gebeurt, ligt hij bedolven onder het hout. Alleen zijn benen steken onder de verwarde hopen takkebossen uit. Ondanks de grote spanning waarin hij verkeert, kan Van Steeg zich niet goedhouden. Er dansen pretlichtjes in zijn ogen. „Helpen"? vraagt hij. De kommandant weet met zijn houding niet goed raad. Hij schuift de lantaarn, die aan een riem om zijn hals hangt onnodig wat naar links. „Jawohl, " zegt hij kortaf. Van Steeg haast zich de arme soldaat te bevrijden. De andere Duitser maakt geen aanstalten zijn kameraad te hulp te komen. Grimmig staart de loop van zijn geweer de kelder in. Hij is erg geschrokken, al zal hij het nooit bekennen.

„Ziet u nou wel, hier is nichts, " zegt de mandenmaker tegen de officier. „Alleen maar holz.”

„Halts' Maul", bijt deze hem toe. „Weiter suchen, " beveelt hij de ongelukkige soldaat.

De man gaat gehoorzaam verder met zijn opdracht en smijt nijdig elke bos, die hij wegtrekt naast en achter zich neer.

„Dat geht verkeerd, " zegt Van Steeg waarschuwend, „hij kan er straks nicht meer aus." Hij wijst op de soldaat, die met zijn geweer in aanslag zoetjesaan ingebouwd dreigt te worden. De Feldwebel ziet ook de vreemde situatie en beveelt zijn ondergeschikte om zijn geweer aan de kant te zetten en mee te helpen. Nu is het vlug gebeurd. In enkele minuten zijn alle bossen griendhout naar één kant van de kelder gewerkt. Een kale cementen muur grijnst hen tegen. Open en bloot staan daar de ijzeren stijlen met de drie planken. De onderste plank ligt wat scheef. Van Steeg ziet het met schrik. Eén van de soldaten heeft zijn sterke lantaarn weer gepakt en belicht samen met zijn kommandant de muur. Van Steeg voelt zijn hart bonzen. Als ze de plank wegtrekken zullen ze zeker de naad zien, die het deurtje aanwijst naar de geheime schuilplaats. Hij kucht even. De beide soldaten draaien zich met een ruk om. „Die zijn nog zenuwachtiger dan ik, " denkt de mandenmaker. De officier geeft bevel de planken te ontruimen en de muur te bekloppen. Van Steeg houdt de adem in. Nu zal zeker de schuilplaats ontdekt worden. De plek waar het lage deurtje zit klinkt hol. „Heere, sla ze met verblindheid en stop hun oren toe, dat ze niets horen, " bidt hij, zucht hij. Zijn oog valt op een grote stenen pot, die tegen de muur op het derde treedje staat. „Als ze slaan op de plaats waar het deurtje is, stoot ik de pot naar beneden" schiet het door zijn hoofd. Eén van de soldaten heeft zijn geweer omgedraaid en slaat met de kolf op de muur. De officier let niet op de mandenmaker, maar is één en al oog en oor voor de man,

die de muur beklopt. Die ellendige Joden móéten hier zitten, dat kan niet anders. Het hele dorp is doorzocht, dit was het laatste huis. Lager al lager dreunt de kolf van het geweer op de grauwe muur. Vol spanning houdt de mandenmaker de soldaat in de gaten. NU! Tegelijk met de klap op de plaats, waar het deurtje zit stoot Van Steeg de grote stenen pot omver. Kletterend valt hij in scherven! Als door een wesp gestoken draaien de Duitsers zich gelijktijdig om. Grimmig staren de lopen van een revolver en een geweer in de richting van de mandenmaker, die hevig geschrokken zijn handen omhoog steekt. „Ik ik , " • stamelt hij, , , ik, ik wilde.... ”

„Ach was, du!" schreeuwt de officier. Vloekend loopt hij Van Steeg voorbij het trapje op. Hij weet zich geen houding te geven. Te denken dat er achter die muur iets verborgen zou zitten. Als hij nagedacht had, zou hij dat bevel om de muur te bekloppen nooit gegeven hebben. Die wand van de kelder is tegen de dijk aangebouwd. Maar toch, was het wel toevallig, dat die stenen pot van het trapje viel. Zou hij toch maar niet Met een ruk recht hij zijn schouders, hij kan zich alleen maar belachelijk maken als hij nu bevel geeft de kelder nog eens goed te doorzoeken. Als hij de keuken binnenkomt, zit Werner juist aan zijn tweede bakje koffie. „Auch Kaffee? " begroet vrouw Van Steeg de Feldwebel. Met een vloek slaat de hevig teleurgestelde kommandant de kop koffie uit de hand van Werner.

„Wir kommen zurück, " dreigt hij en gevolgd door zijn soldaten loopt hij de deur uit. Enkele minuten later ronken twee legerauto's de dijk over in de richting van de stad.

Mijn God is redding

In de ruime woonkeuken zitten vier mensen. Op de tafel staat een wit emaillen koffiepot te pruttelen op een oliestelletje. De melk in het pannetje op het fornuis vertoont kleine blaasjes. „Ik durfde al die tijd niet op te staan, " zegt vrouw Van Steeg. „Toen ze zo plotseling binnenstormden zag ik de luier en het hemdje liggen. Ik ben er bovenop gaan zitten. Gelukkig kon ik bij de koffie en de melk. Die Werner leek mij een aardige jongen, maar die officier was een kwaaie." Mirjam en Jozef lachen witjes. Wat hebben ze een angst uitgestaan! Vooral toen de soldaat met zijn geweer op de muur begon te slaan. Van Steeg legt de Bijbel op tafel. „Voor we naar bed gaan lees ik altijd een hoofdstuk uit dit Boek. Zeker nu op Kerstavond. Jullie kennen dit Boek niet, denk ik. Tenminste niet het Nieuwe Testament. Ik zal de geschiedenis lezen van de vlucht naar Egypte en van de kindermoord te Bethlehem." Jozefs gezicht drukt afkeer uit. Alweer zo'n Boek! Maar Mirjams hand gaat naar de zak op haar ï'ok. Daar zit het Boekje in, dat ze van Dirk kreeg. Ze heeft het nog gauw in haar zak laten glijden, toen ze de oude schuit verlieten. En kijk, nu heeft deze man ook zo'n Boek. Gespannen zet ze zich tot luisteren. Als de mandenmaker de Bijbel dicht doet, blijft het even stil. Vrouw Van Steeg is de eerste die de stilte verbreekt. „Ja", zegt ze, „arm geworden, daar Hij rijk was, vervolgd door wrede soldaten, net als jullie. Hij kwam op de wereld en werd geboren in een stal en gelegd in een kribbe, in een bak, waar de beesten uit eten. Dat Kind, die Zaligmaker kan ook jullie Zaligmaker worden, want Hij kwam om vijanden met God te verzoenen. En dat staat nu allemaal in dat Boek." Ze wijst naar de Bijbel, die nog opengeslagen op tafel ligt. Vriendelijk kijkt ze de jonge mensen aan. Dan ze ze: „Nu weten we wel hoe jullie heten, maar wat is nou de naam van jullie kindje? ”

Ha, nu klaart het stugge gezicht van Jozef op. Al die praat over dat Kind Jezus, hij wil er niet naar luisteren. „We hebben hem Elisa genoemd, " zegt hij vol trots. Zijn ogen stralen. „Elisa, " zegt vrouw Van Steeg zacht en de tranen springen haar in de ogen. „Elisa. Weet je wat die naam betekent? " „Ja", antwoordt Mirjam blij, „Elisa, mijn God is redding.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 december 1976

Daniel | 13 Pagina's

DE HEERE REDT

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 december 1976

Daniel | 13 Pagina's