JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

LAODICEA (3)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

LAODICEA (3)

DIE OVERWINT

5 minuten leestijd

Die overwint, Ik zal hem geven (Openb. 3 : 21).

Bijblestudie over de van Johannes (10) Openbaring

Be noodzaak van het overwinnen.

Aan het slot van elk der 7 brieven aan de zeven gemeenten in Klein-Azië staat de veel betekenende opwekking: „Die overwint " Daaruit blijkt de noodzaak van het overwinnen om te beërven hetgeen de Heere uit onbezweken trouw en vrije, souvereine genade zijn uitverkorenen toe wil voegen. De verwerving van de zaligheid geschiedde buiten ons, zonder ons de toepassing van die zaligheid geschiedt zonder ons, in ons maar tot de genieting van de zaligheid schakelt de Heere de Zijnen in. Daarvoor moet gestreden worden. Dat geschiedt niet buiten ons om, zonder ons. Zonder strijd zal er geen overwinning zijn, zonder kruis geen kroon.

Er moet veel overwonnen worden. In de eerste plaats het zondige eigen „ik", dat zich nooit aan de wil des Heeren, aan de wet, onderwerpen wil dat geen heilige oorlog wil dat van geen kruisiging weten wil, noch van kruisdragen. Daarenboven moet de tegenstand van Satan en de wereld overwonnen worden, door het voeren van de goede strijd tegen de grote menigte van geestelijke boosheden in de lucht en van vleselijke mensen op de aarde. Wie meent zonder strijd de zaligheid te kunnen of te zullen beërven, vergist en bedriegt zich dodelijk.

Wie meent in eigen kracht die strijd te kunnen strijden en overwinnen, die bedriegt zich ook in zijn gemoed. In ons is geen kracht tegen die grote menigte. Talloze nederlagen in die strijd bevestigen dat. Zelfs Paulus klaagt erover in Rom. 7, dat er een wet in zijn leden was (de wet der zonde), die hem dagelijks gevangen nam. Hij kwam telkens weer als een verliezer uit de strijd, hoewel hij ook tijden en ogenblikken had, dat hij door 's Heeren kracht mocht overwinnen. Dan werd mensenvrees, valse schaamte, zondelust, ongeloof, laksheid enz. enz. overwonnen. In de zevenvoudige opwekking om te overwinnen wekt de verhoogde Zaligmaker de 7 gemeenten en Zijn strijdende kerk van alle eeuwen op om de strijd niet slechts aan te binden met de 3-hoofdige vijand (satan, wereld en eigen vlees), maar ook in die strijd te volharden.

Die opwekking gaat niet uit van wat iemand kan doen, maar van wat wij moeten doen. Kunnen doen we niets; we willen niet eens van nature, maar toch zijn en blijven wij aan Gods eis tot strijden en overwinnen gebonden. God doet ons geen onrecht wanneer Hij zulks doet. Ten eerste schiep Hij ons zo, dat wij zulks doen konden en ten tweede biedt Hij om niet alles aan, wat tot dat strijden en overwinnen nodig is. Ook schenkt Hij om Christus wil de lust tot strijden en overwinnen, zowel bij de aanvang als bij de voortgang. Toch moet ook die vernieuwde wil telkens weer opgewekt worden door 's Heeren Woord en Geest, anders treedt er verslapping in. De funeste gevolgen daarvan waren in die tijd en zijn in onze tijd heel goed te bemerken. De Heere wil heilige oorlog, geen valse vrede. Smeek om strijdensgenade!

Het nut van het overwinnen.

Onder verschillende beelden wordt het nut van het overwinnen door de Heere voorgesteld. Hij doet dat om de geroepenen aan te sporen tot uoterste krachtsinspanning (in afhankelijkheid van de Heere) om dat heil te verkrijgen, wat in Gods beloften wordt uitgestald. Het is de moeite waard om er voor te strijden. Te mogen eten van de boom des levens, die in het midden van het paradijs Gods is; (2 : 7); niet

beschadigd te zullen worden van de^ft tweede dood (2 : 11); te mogen eten. van het Manna dat verborgen is; tel ontvangen een witte keursteen, waarop een nieuwe naam geschreven staat, die niemand kent, dan die hem ontvangt (2 : 17); macht te ontvangen over de heidenen om ze te hoeden met een ijzeren staf en de morgenster te ontvangen (2 : 26, 27); bekleed te worden met witte klederen, onze naam voor eeuwig in het boek des levens geschreven te mogen hebben, door Christus voor Zijn vader beleden te worden en voor zijn engelen (3 : 5-6); een pilaar gemaakt te worden in het Huis des Heeren en daarin te mogen blijven; de naam van Sions kinderen te mogen dragen, ja de naam van Gods kinderen (3 : 12); met Christus te mogen zitten in Zijn troon (3 : 21); ... wat een uitlokkende beelden gebruikt de Heere om het nut van het overwinnen in het vooruitzicht te stellen aan de wettige strijders.

Zaligheid in dit en het toekomende^^^ leven is het genadeloon dat de Hee-^^ re belooft aan de strijders van de goede strijd, die volharden tot het einde.

De gave van het overwinnen.

God geeft naar 1 Cor. 15 : 57 de overwinning aan degenen die deze najagen. Dat najagen is de vrucht van verkiezende, verlossende genade en het kenmerk van de ware gelovigen. De Heere kroont Zijn eigen werk vóór en in de Zijnen door het geven van de overwinning. Zonder die gave zou niemand overwinnen. De overwinnaars zullen niet roemen in eigen kracht, maar in het eeuwig welbehagen des Heeren.

Vraag 1. Uit welke delen bestaat de wapenrusting, die nodig is tot strijden en overwinnen? (Zie Ef. 6 : 10-18).

Vraag 2. Maakt de leer van het eeuwig, onvernietigbaar genadeverbond geen zorgeloze, luie mensen? (Zie Heidelb. C. vr. 64; Art. 5 lid 12 Dordtse Leerregels).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 december 1976

Daniel | 16 Pagina's

LAODICEA (3)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 december 1976

Daniel | 16 Pagina's