EMIGRATIE NAAR ZUID-AFRIKA
In een themanummer over Zuid-Afrika mogen we vanzelfsprekend niet voorbijgaan aan de problematiek rondom emigratie naar dit land. Daarom brachten we een bezoek aan dhr. Chr. de Heer, die zitting heeft in de emigratiecommissie, uitgaande van het Deputaatschap Buitenlandse Kerken der Gereformeerde Gemeenten.
Mijnheer De Heer, kunt U vertellen tot welke leeftijdsgroepen de meeste emigranten behoren. Zijn het jongeren, complete gezinnen, of ouderen?
De leeftijden liggen voornamelijk tussen de 30 en 50 jaar. Onder de bevinden zich nogal wat grote gezinnen. emigranten
Welk beroep oefenen de meesten uit en kan men zeggen, dat ze uit een bepaalde laag van de bevolking komen?
Hoofdzakelijk zijn het technici en mensen uit de agrarische sector.
Hoe ligt de opnamecapaciteit in Zuid-Afrika, d.w.z. is er voldoende werkgelegenheid voor degenen, die naar Zuid-Afrika willen emigreren?
Omdat er juist een grote behoefte is aan geschoolde en ervaren vaklieden, kan men zeggen dat de opnamecapaciteit voor déze mensen onbeperkt is.
Vroeger emigreerden velen naar Canada en Nieuw-Zeeland. De laatste jaren is Zuid-Afrika meer in trek. Welke oorzaak denkt U dat dit heeft?
In Canada waren destijds voor ongeschoolden en werkers uit land-en tuinbouw vele mogelijkheden, in tegenstelling tot Zuid-Afrika, waar altijd vraag naar geschoolde vaklieden heeft bestaan. Verder geeft de zuidafrikaanse taal naar de mening van veel a.s. emigranten minder moeilijkheden. Tot slot kun je denken aan het feit, dat Zuid-Afrika de laatste jaren meer dan voorheen in de publiciteit heeft gestaan. Dit mede door bezoek van Deputaten, door kerkinstituering en kerkbouw te Randburg en door de zendingsactiviteiten onder de Swana's.
Welke motieven spelen bij de mensen een rol als ze gaan emigreren?
De voornaamse motivaties zijn: de toekomst van de kinderen, de werkgelegenheid, het geestelijk klimaat (kerkelijk leven, de verslechtering van het economisch en politiek klimaat in Nederland.
Zuid-Afrika is uiterlijk een gekerstend land, maar kan men niet zeggen, dat wij hier in Nederland meer en betere „reformatorische mogelijkheden" hebben dan in Zuid-Afrika?
Neen. Hoewel dat in de verschillende plaat-
sen en kerkgenootschappen uiteenloopt, kan zeker van de Nederduits Gereformeerde Kerk gesteld worden, dat daar nog een schriftuurlijke prediking wordt gevonden.
Het bevindelijke leven wordt echter veelal gemist: doop, belijdenis doen en ten avondmaal gaan is een kwestie van leeftijd en dan vaak slechts een uiterlijke vorm. Van de 3.500.000 blanken zijn er 2.000.000 lid van de N.G.-, Dopper-, of N.H. Kerk. Hoewel de beleving van de godsdienst vaak slechts uiterlijk is, drukt deze toch een duidelijk stempel op het hele maatschappelijke leven. Veel hooggeplaatste personen bekleden een ambt in de kerk.
Toen wij destijds in Swaziland met betrekking tot de mogelijkheid van zending een uitvoerig onderhoud met een minister hadden, vroeg deze aan de aanwezige Bantoepredikant, om de bespreking met gebed te willen beëindigen. Zoiets is mijns inziens in Nederland ondenkbaar. Ook in Zuid-Afrika ontkomt men niet aan de geest van de tijd, waar een vervlakking en verminderd kerkbezoek het gevolg van is. Dit verschilt natuurlijk per plaats.
Pretoria bijvoorbeeld, geeft me de indruk dat daar de zondagsrust meer betracht wordt dan in Kaapstad en daar weer meer dan in Durban. Wel staat men pertinent afwijzend tegenover de moderne theologie.
In Nederland wordt ondanks de betreurenswaardige kerkelijke verdeeldheid daar, waar nog een schriftuurlijk-bevindelijke prediking wordt gevonden, ook een goed functionerend kerkelijk leven aangetroffen. Waar dit niet het geval is, vindt de moderne theologie van Kuitert etc. ingang en/of neemt de onkerkelijkheid in ontstellende mate toe. Bij vorstenhuis en regering is nauwelijks nog plaats voor Gods Woord en het gezag daarvan wordt in het algemeen in het maatschappelijk leven nog nauwelijks erkend en aanvaard.
Is het wèl geoorloofd om te emigreren, als men bedenkt dat men hier een door God gegeven plaats inneemt? Die plaats kan en mag men toch niet zonder meer verlaten?
Tegen het emigreren op zich kan men geen bezwaren hebben, maar het behoort wel een zaak van het gebed te zijn. Ik ben ervan overtuigd, dat wanneer wij met deze zaak samen met vrouw en gezin voortdurend biddend bezig zijn en oog krijgen voor „wat antwoord God mij geeft", dat we dan die grote onderneming alleen maar zullen aandurven, wanneer de Heere ons daarover vrede en stilte in ons hart geeft. Mozes is ons daarin een voorbeeld wanneer hij zegt: „Zo Uw aangezicht niet met ons kan gaan, laat ons van hier niet optrekken". Het gaat immers niet uitsluitend om materiële zaken, wanneer men gaat emigreren? Daarnaast is het niet alleen van belang, dat man en vrouw overeenstemmen, maar ook dat de oudere kinderen in het overleg betrokken worden.
Wat zijn de problemen, waarmee de emigranten te maken zullen krijgen?
De problemen waarmee alle emigranten geconfronteerd worden, zijn:
— de huisvesting: huurwoningen zijn er weinig en de weinigen die er zijn, zijn erg duur. Het is gewenst zo vlug mogelijk een eigen huis te kopen.
— de taal: in Zuid-Afrika wordt in het geheel genomen veel meer engels dan Afrikaans gesproken. Heeft men een beroep waarbij men veel met mensen in contact komt, dan is kennis van de engelse taal onmisbaar.
— het werkklimaat: is men in staat door eigen prestatie of inzicht aan te tonen, dat men de meerdere is van de Afrikaan (ook van de blanken), dan wordt men gemakkelijk geaccepteerd.
— de sociale voorzieningen: deze staan ver achter bij die van Nederland.
Zijn er nog bepaalde problemen, die alleen gelden voor emigranten van de Gereformeerde Gemeenten?
Ja, deze problemen hebben vooral betrekking op kerk en onderwijs.
Wat het onderwijs betreft, kent men in Zuid-Afrika niet, zoals bij ons, een christelijke school, die uitgaat van één of meer kerken. Men zou meer van openbaar onderwijs kunnen spreken, v/aarbij het vak „godsdienstonderwijs" wel een verplicht vak is, maar uiteraard sterk afhankelijk is van de instelling van de persoon die dit vak geeft.
Behalve voornoemd probleem wordt men voor het feit gesteld, dat het gewenst is
niet al te ver van de kerk in Randburg te wonen. Niet al te ver betekent in Zuid-Afrika ca. 30 km.
Wat wordt er vanuit de Ger. Gem. gedaan aan opvang?
In Randburg is een commissie in het leven geroepen, die zich bezighoudt met de begeleiding van de emigranten. Dit doet zij door naar passend werk om te zien, de mensen bij aankomst op te vangen, in voorkomende gevallen voor tijdelijke huisvesting te zorgen en door de nodige voorlichting ter plaatse.
Mag men emigratie naar Zuid-Afrika stimuleren?
Nee, beslist niet. Maar als mensen de wens te kennen hebben gegeven, dat ze willen gaan emigreren, dan moet men wel proberen om deze mensen zo goed mogelijk te begeleiden. Door deputaten Buitenlandse Kerken is mij destijds verzocht om in voorkomende gevallen voorlichting te geven met de bedoeling, dat deze mensen zoveel mogelijk in eigen kring zouden terecht komen.
Er is door mij in overleg met dhr. Prinsen van de Christelijke Emigratie Centrale een „voorlichtingsbrochure" opgesteld, die aan belangstellenden wordt toegezonden. Nog onlangs heb ik een gezin geadviseerd om niet naar Zuid-Afrika te gaan, maar indien men beslist weg wilde, eens te denken aan emigratie naar Canada. Behalve met het oog op de huidige ontwikkelingen in Zuid-Afrika, is het zelfs altijd bij de Emigratiewet verboden geweest iemand tot emigratie aan te zetten.
Zelfs de zuid-afrikaanse ambassade mag wel personeelsadvertenties plaatsen, maar niet ongevraagd brochures toezenden om emigratie te bevorderen. Bovendien zou ik door emigratie te stimuleren een zó grote verantwoording op me nemen, die ik niet kan en niet wens te dragen.
L. Goedegebuur
N. Hartog.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 september 1976
Daniel | 24 Pagina's