REKREATIE
Het lijkt me goed met de vakantie voor de deu eens na te denken over rekreatie.
Rekreatie wil zoveel zeggen als: ontspanning uitspanning, verpozing, pauze. Tijden van rust van ontspanning hebben we nodig, nodig om on lichaam en onze geest rust te geven.
Doen we dat niet, dan komt er een overspannin; van ons lichaam of onze geest, waardoor de ze nuwen op een verkeerde wijze gaan werken me alle gevolgen van dien.
Rekreatie of ontspanning is daarom goed en ver antwoord.
We moeten niet denken dat wij de rekreati in de wereld hebben gebracht. Dat heeft Go gedaan.
God, de Schepper van hemel en aarde, heeft oo de nacht geschapen.
In Gen. 1 : 5 lezen we: God noemde het licht dag en de duisternis noemde hij nacht' In de nacht kan men uitrusten door de slaap, maar dat kan ook noor meditatie: I zal Zijn lof zelfs in de nacht, zingen daar ik Hem verwacht". Of zoals Psalm 77 zegt: in de nacht overlegde ik in mijn hart en mijn geest onderzocht".
En in Jes. 26 : 9 lezen we: met mijn ziel heb ik begeerd in de nacht". Dan wordt er rust en blijdschap gegeven, zodat we verfrist ontwaken en kracht oni vangen om verder te gaan.
De nacht is dus al gegeven tot onze ontspanning. Maar er is nog meer!
Denk aan de 7e dag van de scheppingsdagen.
God heiligde, d.w.z. zonderde deze dag af tot onze rustdag, die rustdag is gebleve ook al is die door de opstanding van Christus veranderd in de eerste dag van week.
Ontspanning of rekreatie is op zich verantwoord, maar nu de vraag: hoe mag me ontspannen?
Welke bedoeling gaf God nu aan deze rust? In de eerste plaats tot Zijn eer. Zowel voor ons werk als voor onze ontspanning zijn we verantwoording schuldig a God, Die ons leven regeert en bestuurt.
Aan onze hele handel en wandel moet gezien worden, dat we ernst maken met c ze principes.
In de tweede plaats doen we het tot ons nut. We moeten ons zo ontspannen c lichaam en geest daardoor nieuwe krachten ontvangen, zodat we in staat zijn goede wijze ons werk te verrichten.
We moeten ons met onze hele persoonlijkheid, met onze totale inzet, geven aan o werk, maar zo dat daarnaast nog tijd overblijft voor de onderhouding van dienst des Heeren en onze naaste b.v. de armen die ook niet vergeten mog worden.
We kunnen ons ontspannen door een goed boek te lezen of eens een kerkhistoris verhaal voor te lezen voor onze jongere broertjes of zusjes.
Maar er is nog een punt, en zeker niet het minst belangrijkste.
Er is namelijk een rekreatie tot zaligheid!
Nu volgen de dagen nog op elkaar. Na iedere dag ontvangen wc een nacht om uit rusten, om te overdenken.
Daarnaast ontvangen we na elke week van arbeid een rustdag, ontspanningsd; een dag om te overdenken. Een hele dag om aan de dienst van de Heere te bested* Op die dag kunnen we Gods Woord horen en er over lezen en spreken, we kunn een goed boek lezen en bovenal kunnen we en moeten we op die dag vooral stil sta bij de belangen van onze ziel t.o.v. de aanstaande eeuwigheid.
Daarom zegt Ps. 139: „Doorgrond mij o God en ken mijn hart, beproef mij en k mijn gedachten". Je moet je maar eens als volgt ontspannen: zeg maar eens teg
ezelf: „bezit ik genade of bezit ik het liet? " Vier je gerust zo rustdag? Israël noest zo ook de dag des Heeren en de ; rote feesten aanhouden, tot onderzoek 'an zichzelf en tot eer van God.
In de Bijbel zien we dat de Heere Je-: s Zijn discipelen ook buiten de nacht : n de sabbath uit liet rusten. Lees Marcus 6 : 31 en 32 maar: En Hij zeide ot hen: omt gijlieden in een woeste )laats hier alleen en rust een weinig; vant er waren velen, die kwamen en ïie gingen en zij hadden zelfs geen geegen tijd om te eten. En zij vertrokten in een schip, naar een woeste alaats, alleen". Hieruit blijkt dat er ook ussen het werk door ook wel eens ge-•ust mag worden, om daarna weer met risse moed verder te gaan. Door de-: gedachte wil ik een stap maken naar le tijd waarin we leven. We zijn nog ong en denken nog een lang leven te lebben. Dat wil ik ten eerste bestrij-Jen. We zijn, oud of jong, mensen van ? én ogenblik. Dat maakt de rekreatie : o groot.
In onze rekreatietijd kunnen we nadenten over de vraag: „Hoe reis ik naar le eeuwigheid? "
Als mensen van de twintigste eeuw heb-> en we nu veel meer vrije tijd en veel neer rekreatie-mogelijkheden dan on-: e ouders of grootouders.
Onze grootouders werkten 6 dagen in le week, van 's morgens vier tot 's ivonds zes of zeven uur.
langzamerhand is men de werktijd jaan verkorten, zodat er buiten de ivond, nacht en zondag ook nog kortere verkdagen kwamen, met eerst een vrije : aterdagmiddag en daarna zelfs een hee vrije zaterdag; verder nog dagen, en iu al weken vakantie. Nu zal ik de aatste zijn, die zal zeggen dat een werkveek 45 of 80 uur moet hebben, maar lit zeg ik met nadruk: Hoe korter de verkweek, hoe meer vrije tijd, hoe groer de ontevredenheid, hoe groter de inrust! Dat komt omdat de ontspanïing niet meer aan zijn doel beantvoordt. Ontspanning wordt een overpanning!
Ontspanning wordt een drang zich uit e leven! Men vergeet dat ontspanning ; egeven is tot Gods eer, tot ons nut en ot onze zaligheid.
Oot Gods eer
n onze vrije tijd kunnen wc kontakten eggen. Het gevaar bestaat echter dat ve verkeerde kontakten leggen. Ik denk aan een jongen, die slechte vrienden kreeg, aan de drank en de drugs verslaafd raakte en ten einde raad geen uitweg meer zag.
Overal had hij het gezocht en nergens had hij rust gevonden.
Buiten God is nu eenmaal geen vrede. Rekreatie „tot Gods eer", dat is goede rekreatie! Goede rekreatie, zoals Paulus het in I Timotheüs 4 : 7 en 8 zegt: Oefen uzelf tot godzaligheid, want de lichamelijke oefening is tot weinig nut, maar de godzaligheid is tot alle nut, hebbende de beloften der tegenwoordigen en toekomenden levens”.
Veel rekreatie is verloren tijd! Daarom ook verkeerd bestede tijd! Zondige tijd! Neem nu eens de vrije zaterdag! Wat kan die dag een goede voorbereidingzijn op de aanstaande zondag. Je kunt op die vrije dag dingen doen die anders niet gedaan konden worden.
Help je oude oom of tante, je vader of moeder of zuster met die scheve deur of dat slecht sluitende raam. Help ze met die vuile tuin of die vieze stoep. Wandel eens een eindje met een alleenstaande of als je een gezin hebt, bemoei je eens wat meer met je broers en zusjes.
Zc hebben recht op je.
Spreek eens wat met elkaar. Doe wat langer over de maaltijden. Vergeet ook niet met koffie drinken wat langer te blijven zitten. Zo kom je zelf wat los uit de arbeidsmolen en je gezin, waarin je leeft, je familie, die alleenstaanden, die zijn er ook goed mee. Probeer je kinderen of vrienden niet af te schepen met een dooddoener, want dat wreekt zich.
Bijna iedereen is 's zaterdags vrij, lees dan een goed boek.
Verrijk je kennis, juist in deze tijd. De onkunde van de. Schrift, van de kerk-en vaderlandse geschiedenis is vandaag aan de dag erg groot.
Als iemand iets vraagt over ons kerkelijk leven, dan weten we het niet. Maar we behoren ons principe te kunnen verdedigen! Daarnaar te streven is nuttige vrijetijds-besteding.
Dan hebben we geen behoefte meer om ons leven en onze rust te zoeken in zondige uitwassen of sexuele uitspattingen!
Tot onze zaligheid
Dan nog iets over de rekreatie gericht tot onze zaligheid. De Heere zegt in Zijn woord: al wat
gij doet, doet dat tot eer van God. Hetzij dat ge eet of drinkt of iets anders doet doe dat al ter ere Gods. Wij moeten aan God vragen hoe wij onze vrijetijd mogei besteden.
En dan geeft Hij in Zijn Woord dit antwoord: , , Zoek eerst het Koninkrijk Gods ei Zijn gerechtigheid en alle dingen zullen u toegeworpen worden". Zie, dat is echt rekreatie, ontspanning tot onze zaligheid.
En dat geeft ook rust en ontspanning: „wat vree heeft elk die Uwe wet bemint, zi zullen aan geen hinderpaal zich stoten". Nu zul je zeggen: Moet ik dan als ik mij] werk neerleg een Bijbel nemen en die doorlezen?
Ik heb toch ook een lichaam, dat als lichaam ontspanning nodig heeft? Ja dat is zc maar lichaam en geest zijn niet van elkaar los te maken. We zien de rust van d slaap en van de zondag, die rust komt lichaam en geest ten goede. Maar daarnaas' dus buiten de zondag om, geeft de Heere ook de natuur, „die een schoon boek is in hetwelke alle schepselen, grote en kleine, gelijk als letteren zijn, die ons d onzienlijke dingen Gods te aanschouwen geven" (Art. 2 N.G.B.)
Velen weten wel hoe een bioskoop eruit ziet aan de binnenkant, maar hebben no
(vervolg op pag. 257
Vervolg van pag. 248: REKREATIE
nooit gezien hoe een vogel zijn nest bouwt of hoe een plant zich van een zaadje ontplooit tot een prachtige bloem. Velen hebben nog nooit het wonder gezien hoe het ene dier een ander dier ter wereld brengt. Ik dacht dat hierin meer te zien is, dan in allerlei sensationele films, die geen enkele bevrediging geven, maar alleen grotere onvrede.
Denk ook eens aan de ontspanning van muziek, ik denk aan David en zijn snarenspel, wat de overspannen Saul tot rust bracht.
Ik denk aan jongens en meisjes die van hun vrije tijd een gedeelte afzonderen tot hulp aan de naaste, of het organiseren van een uitstapje met een jeugdvereniging. En denk ook eens aan die eenzame invalide vrouw of man.
Breng ze eens een bezoek. En zo ^ijn er wel meer dingen. Laten we niet vragen hoeveel vrije tijd ik heb, en waar ik recht op heb, want wij hebben geen enkel recht. Maar laten we zoeken de behoudenis van onze ziel en die van onze naaste, daarbij levend naar Gods Woord. Dat onze leidraad moet zijn!
En laat ons de gegeven rustperioden in ons leven zo gebruiken, dat we daarin rust in God zouden vinden. Dat is rekreatie!
Dat is ontspanning die tot grote en eeuwige zegen is! We mogen als christenen niet vooraan staan in de roep: „ik eis meer geld en meer vrije tijd". Nee, juist in onze arbeid en ijver moet onze lust liggen, ook door deze arbeid, Hem te erkennen, die de God van de zegeningen is.
Laat onze arbeid nooit een plaag zijn. Velen die ziek of gebrekkig zijn zouden het raag doen, maar kunnen niet.
Daarom moet onze arbeid, maar vooral ook onze ontspanning gedaan en beoefend worden in dit besef: „Heere, Gij zijt groot van genade en ontferming, maar red en eerlos mijn arme ziel”.
Laat dan je werk gerust even rusten en ga, zoals Jezus ging eens even apart, om te overdenken en te bidden om dat Brood, Dat uit de hemel neerdaalde, Jezus Christus, ie Zoon van David, wiens naam Ontfermer is, onferm U mijner.
(Dit artikel is een samenvatting uit de brochure „Rekreatie").
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 juni 1976
Daniel | 20 Pagina's