JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

HET BOEK ACHTER DE BOEKEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

HET BOEK ACHTER DE BOEKEN

5 minuten leestijd

HET BOEK zo wordt de Bijbel wel genoemd. „Lang me d'n beek" kan een Zeeuwse huisvader zeggen als hij na het eten wil gaan lezen. Dat ene Boek en de boodschap die het bevat heeft in alle tijden dichters geinspireerd. Onze Nederlandse kunst van de „gouden eeuw", de zeventiende eeuw, is doordesemd van bijbels zuurdesem. Denk aan alle bijbelse drama's die Vondel geschreven heeft bijvoorbeeld. Maar er zijn ook veel directere uitingen te vinden, gedichten van mensen die om des gelcofs wille streden en smaadheid leden, menteen die in de nood waarin zij geen uitkomst zagen tot God hun angstig hart verhieven. Er zouden boeken te schrijven zijn over de verhouding tussen Bijbel en literatuur; beter lijkt het me echter om onderstaande gedichten voor zich te laten spreken, opdat we iets mogen proeven van de onzekerheid en de twijfel, maar daarnaast ook van de zekerheid en de overwinning, zoals dichters die in hun gedichten verwoord hebben.

Revius, de geleerde zeventiende eeuwse predikant (hij werkte mee aan de Statenvertaling en kende uitstekend hebreeuws) kennen de meesten van ons waarschijnlijk wel als dichter van het prachtige gedicht , , t' en zyn de Joden niet, Heer Jesu, die u cruysten". Van hem is het volgende gedicht.

AENVECHTINGE

Ick heb om u genaed' o grote God, gebeden, Maer och! ghy hebtse my in mijnen druck ontseyt. Ick heb geroepen om u milde goedicheyt, Maer hebse niet gevoelt in mijn ellendicheden. Ick heb om uw liefd' geworsteld en gestreden Maer hebbe te vergeefs daer lange na gebeyt. Ick hebbe dick gesocht u mede-dog ent heyt, Maer en verneemse niet tot op den dach van heden. Hoe licht cost u genae bekeren mijn gemoet. U liefd' en goedicheyt my trecken tot het goed'. U mede-dogentheyt vant quade my bevrijden. Eylaes! wat seg'ick Heer! dewijl mijn herte tracht Na uwe soeticheyt, so heeft daer in gewracht U goetheyt, u genae, u liefd', u medelijden.

De laatste drie regels vermen eigenlijk een wending in het gedicht. Dat de dichter in die duisternis om hem heen de behoefte voelt aan gebed om Gods genade is al een bewijs dat God heim toch niet losgelaten heeft. Even verder dan dit gedicht staat in de bundel „Over-Ysselsche Sangen" het gedicht: Volherdinge". Dit gedicht is een dichterlijke weergave van Paulus' zegelied uit Rom. 8 : 35-39: Wie zal ons sdheiden van de liefde van Christus? Verdrukking, of benauwdheid, of vervolging, of honger, of naaktheid, of gevaar, of zwaard? " Revius' gedicht eindigt met deze drie regels:

Noch alles wat wy tegenwoordich sien, Noch alles wat hiernamaels sal geschien En can ons van de liefde Christi scheyden.

Aanvechting èn volharding is ook te vinden in de religieuze poëzie van Constantijn Huygens. Hij heeft regelmatig gedichten geschreven over ihet Avondmaal waarin we steeds het besef van eigen sohuld, zonde en onwaardigheid ontmoeten. „Endyma gamcu", hetgeen betekent „bruiloftskleed" staat boven een der Avondmaalsgedichten.

OVER DES HEEREN AVONDMAEL

Gods Tafel, en daer aen ick sotte Sondaer, ick! Hebb' ick er t' eten en te drinken sonder schrick? Ghij, die de Tafel deckt, en met geen minder eten Als van dijn eigen Vleesch en Bloed; hebt ghij vergeten

Hoe dat ick menighmael, hoe onlangs, deser Feest, Oncierlyck aengedaen, deelaehtigh ben geweest, En lijdt ghij mij weer hier, en doet ghij mij niet vragen, Waer 't Kleed is, 't Bruijloft-kleed, dat ijeder hoort te dragen Die hier verschijnen derft? (...)

De dichter moet belijden dat hij niet voor God kan bestaan. Maar gelu'kkig is er verzoening mogelijk.

Neen Heer; daer is een Kleed, daer is een heilgh Kleed, Een bloedigh Kleed, gedrenckt in water en in sweet, 't Kleed vanden Middelaer (....)

Dat schreef Huygebs in 1668. Omstreeks 1920 schreef Willem de Mérode zijn gedicht:

VOORBEREIDING

Hun harten voelden zij als boeken in Gods geduchte hand gelegd, en wisten, dat Hij al hun slecht gedrag gerecht zou onderzoeken.

Zij lazen bang en hunkrend mee, en zagen wat zijn vingers wezen, Was er niets goeds? hun schaamte en vrezen groeiden tot een verschroeiend wee.

God had de boeken dicht gedaan, en zou het grote vonnis spreken, Toen dorst hun stem de stilte breken: O Heere Jezus, neem ons aan.' En 't bonzend hart, dat ze in zich vonden, was vlekkeloos en zonder zonden.

Tenslotte een gedicht van Gerrit Achterberg met de titel: .Avondmaal". Het gedicht staat in de bundel: , , En Jezus schreef in 't zand".

AVONDMAAL

Dooiwater in de Mei Van Uwe liefde, o Heer, wordt mij het strenge weer der mensenmaatschappij.

Wien Gij Uw vrede zegt is vijand vriend gelijk binnen het koninkrijk, door Uwen Zoon gesticht,

waarin wij allen zijn van eender doen en staat, nemende brood en wijn voor Zijn Godlijk gelaat.

Beker en schotel gaan van hand tot mond en hand. Christus wordt voortgeplant door Zijn gemeente heen.

Adam is hier, voordat de appel bitter werd. Die ons heeft liefgehad, vervult vannacht de wet.

Omdat ik heep dat deze pagina's zullen noden tot verder lezen laat ik nu de titels volgen van do bundels waaruit geciteerd werd.

Bloemlezing uit de Over-Ysselsche Sangen en Dichten van Jacobus Revius. Ed. W. J. C. Buitendijk. Zutphen (Klassiek Letterkundig Pantheon 78).

C. Huygens, Avondmaalsgedichten en Heilige Dagen. Ed. F. L. Zwaan. Zwolle, 1968. Willem de Mércde. De witte roos. Bloemlezing uit zijn gedichten dcor H. Werkman. Kampen, 1973.

Gerrit Achterberg. „En Jezus schreef in 't zand". In: Verzamelde gedichten, Amsterdam, 1972.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 november 1975

Daniel | 24 Pagina's

HET BOEK ACHTER DE BOEKEN

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 november 1975

Daniel | 24 Pagina's