REKREATIE
EEN BRANDEND PROBLEEM
Er zijn weinig onderwerpen die de laatste jaren zozeer in de belangstelling staan als het onderwerp dat in dit artikel ter sprake komt: rekreatie. Hoe gebruikt de mens zijn vrije tijd en met welk doel vult hij deze vrije tijd? Het is voor onze voorouders nooit een probleem gew r eest! Men had eenvoudig weinig vrije tijd. Op enkele vakantiedagen na. zo die er al waren, was het van 's morgens vroeg tot 's avonds laat werken geblazen. Tijd waarin je zelf kon doen en laten wat je wilde was er nauwelijks, dat was slechts voor enkele welgestelden weggelegd. Het merendeel van de mensen werkte in het midden van de vorige eeuw nog zes dagen per week veertien uur per dag, zodat er buiten de zondag vrijwel geen tijd was voor enige ontspanning die we als rekreatie zouden kunnen aanmerken.
Dat is allemaal veranderd. In plaats van 14 uur werken we slechts acht uur per dag en de verwachtingen zijn dat dat aantal in de komende twintig jaar nog wel verder zal afnemen. Daarmee is de rekreatie een probleem geworden. Een probleem geworden voor de overheid die zich afvraagt waar al deze mensen moeten blijven in hun vrije tijd en die het als zijn taak ziet om zodanige voorzieningen te treffen, dat al deze mensen kunnen rekreëren zoals zij dat zelf willen. Het is daardoor ook een probleem geworden voor diverse streken en derpen in ons land, als bijv. dorpen op zondagen overstroomd worden door toeristen, die door hun komst een ernstige verstoring van de plaatselijke leefgewoonten veroorzaken.
Rekreatie, het is een begrip dat in de Bijbel niet voorkomt, althans niet in de betekenis waarin wij het gebruiken in dit artikel. Wel kent de Bijbel een ander woord. Dat. is het woord: rust. In de tijd waarin de Bijbel geschreven werd, wisselden arbeid en rust elkaar op een harmonische wijze af. De vrije tijd van slaven of arbeiders is niet een vaststaand aantal uren per dag, maar hangt af van de tijd van het jaar en het werk dat men te doen heeft. Denk bijv. aan de geschiedenis van Boaz eh zijn maaiers, die ons een beeld geeft van de wijze waarop men in die tijd werkte, en die ons tevens iets laat zien van
de verhouding heer en knecht. In de oogsttijd werkt men zolang het dag is. De vrije tijd is er cm te rusten en om te genieten van de vruchten van de arbeid. Als er onder de regering van Salomo vrede en voorspoed is in geheel Israël, lezen w r e ook van deze rust. „En Israël en Juda woonde zeker, een iegelijk onder zijn wijnstok en onder zijn vijgebocm" (1 Kon. 4 : 25), een beeld dat op meer plaatsen in de Bijbel gebruikt wordt cm tijden van vrede en rust aan te duiden.
Ook in het boek Prediker wordt gesproken over de vrije tijd en we zien dan dat de Prediker dit ziet als een gave van God, maar ons ook waarschuwt tegen overwaardering van dit deel van ons leven. „Gan dan heen, eet uw brood met vreugde en drink uw wijn van goeden harte, want God heeft alreeds een behagen aan uw werken; ... geniet het leven met de vrouw, die gij liefhebt, al de dagen uws ij delen levens, welke God u gegeven heeft onder de zon, al uw ijdele dagen; want dit is uw deel in dit leven en van uw arbeid, dien gij arbeidt onder de zon" (Pred. 9 : 7-9).
In Israël kende men geen vakanties, maar dit betekende niet dat men tweeenvijftig weken per jaar zes dagen in de week werkte. Van tijd tot tijd werden periodes van werken onderbroken voor de Joodse feesten, waar men ruim de tijd voor nam. Men had de bekende godsdienstige feesten, maar ook de schaapscheerdersfeesten e.d. We weten wellicht allemaal wel dat men voor een huwelijkssluiting een hele week uittrok. Gemiddeld hebben de Joden vroeger dan ook niet meer dan 4 a 5 dagen per week besteed aan hun dagelijks werk. Naast alle feesten was er dan natuurlijk de sabbat, die behalve een dagvan heiliging ook een dag van vrije tijd was die men in Egypte niet had kunnen onderhouden. Daarom moest men de sabbat ook in dankbaarheid vieren.
Het hele levenspatroon van het volk Israël is echter niet meer het onze. Ons leven kenmerkt zich veelal niet meer door een harmonische afwisseling van arbeid en rust. We komen nauwelijks meer tot rust. Het leven is gejaagd. Het dagelijks werk is voor de meeste mensen van geheel ander karakter dan het leven enkele eeuwen geleden deed zien. De band met de natuur is verbroken. Door de industrialisatie en alles wat daar mee samenhangt beleeft de mens zijn werk geheel anders dan honderd jaar geleden. Voor velen ligt het zwaartepunt van het leven dan ook niet meer bij het dagelijks werk maar bij de vrije tijd. Bij een onderzoek in Amerika bleek dat slechts één procent van de arbeiders die lopende band werk deden plezier hadden in hun werk. 99 procent had een hekel aan het werk zelf en verklaarde het werk alleen te willen doen vanwege de beloning. Nu is dit natuurlijk een extreem voorbeeld, maar de tendens is in vele beroepen hetzelfde. En wanneer de mens geen vreugde meer kent in zijn dagelijks werk, zoekt hij ergens anders bevrediging, namelijk in zijn vrije tijd.
De mens leeft dan in verschillende werelden. Zcdra het werk gedaan is stappen we over van de ene wereld in de andere, stappen we over in cle wereld waarin w T e pas echt kunnen leven, de wereld van onze vrije tijd en van onze rekreatie. Zelfs de mode is er op afgestemd. We hebben tegenwoordig toch aparte vrijetijdskleding!. En als de financiën het toelaten veranderen we zelfs zo spoedig mogelijk na het afsluiten van ons werk van woning en gaan we naar ons weekendhuis waar we pas echt „onszelf kunnen zijn". Een duidelijker demonstratie van het leven in twee werelden' lijkt me nauwelijks denkbaar. Het zal duidelijk zijn dat in zo'n wereld van een harmonische afwisseling van arbeid en rust geen sprake meer is. Dit zullen we goed in het ocg moeten houden wanneer we over rekreatie spreken.
Enerzijds zullen we bij alles wat met rekreatie te maken heeft moeten bedenken, dat God ons niet geschapen heeft cm alleen maar te werken. De in het voorgaande aangehaalde gedeeltes uit de Bijbel tonen ons dat duidelijk. De Heere scherJkt ons in ons leven ook rust, en het is een gave van Hem als we mogen genieten van het goede van deze aarde. Hij heeft ons niet alleen de noodzakelijke dingen voor ons levensonderhoud gegeven, maar ook „de wijn die het hart - verheugt", óók gevoel voor de schoonheid van muziek of andere vormen van kunst, voor de schoonheid van de natuur. En deze dingen mogen daarom in ons leven een plaats hebben. Ook de overheid heeft cle opdracht om er voor te zorgen dat rekreatie op deze wijze mogelijk is. In de eerste plaats door het handhaven van de zondag als rustdag in onze samenleving. Lichaam en geest vragen na een periode van wer-
ken om rust en Gods wijze scheppingsordinantie waarbij we iedere week één dag rust ontvangen hebben, zal ook een overheid niet ongestraft kunnen negeren. Maar daarnaast is er meer, met name voor de stadsbewoner. Iemand die overdag ergens boven in een kantoorflat zijn werk heeft en zijn weg naar zijn flatje vijf-hoog moet vinden door een met benzinedampen vervuilde stadsatmosfeer, moet ook de mogelijkheid hebben om in zijn vrije tijd het stadsgewoel te ontvluchten en rust te vinden in de natuur. Dat vraagt van de overheid om een bescherming en handhaving van landelijke gebieden nabij de steden. Een overheid die alleen nieuwe stadswijken met veel hoogbouw uit de grond stampt zonder aandacht te besteden aan rekreatiemogelijkheden, verstaat zijn taak niet.
Het bovenstaande betekent niet dat we alles wat zich als rekreatie bij ons aandient zonder meer kunnen accepteren. Verre van dat! De rekreatie is voor de moderne mens het middelpunt van zijn leven geworden. Men doet niet aan rekreatie om te kunnen werken, maar men werkt om aan rekreatie te kunnen doen. De huidige reklame dringt zich ook als zodanig aan ons op. Reklamefolders en advertenties van reisbureaus moeten ons suggereren dat we in rekreatieoorden het hoogste geluk vinden. Op de foto's staan alleen maar gezonde blije ontspannen mensen die uitnodigen om op dezelfde wijze als zij het geluk te zoeken. Er heerst in onze tijd als ihet ware een koortsachtige haast cm toch maar zoveel mogelijk van het goede van deze aarde te genieten. Een bekend theoloog schreef daar eens over: „Er heerst een paniek onder de mensen als kort voor winkelsluiting; men moet zich haasten (daarom heeft niemand tegenwoordig meer tijd!); straks gaat de deur dicht; clan is er niets meer te krijgen; dan heeft men het. gehad; dan is men er geweest!".
Het zal duidelijk zijn dat wanneer uitsluitend de merts en het genot van de mens het richtsnoer van ons handelen wordt, rekreatie een heel andere inhoud krijgt dan wanneer we rekreatie bedoelen zoals ik in één van de vorige alinea's heb aangegeven. Dan houdt men met rekreatieplannen geen rekening met God en Zijn Woord. Dan gaat de mens in zijn rekreatie zijn eigen lusten uitleven. Dergelijke vormen van rekreatie zijn er natuurlijk vroeger ook al geweest. Het zal ons niet onbekend zijn hoe vele oudvaders gewaarschuwd hebben tegen de met veel losbandigheid gepaard gaande kermissen, een' van de oudste vormen van „rekreatie" in ons land.
In onze tijd zien we hetzelfde maar dan op allerlei gebied. Rekreatie in de natuur: voor velen betekent het een weekend wég uit de stad, waarbij echter met de zondag geen rekening gehouden wordt. Dat heeft ook zijn konsekwenties voor de plaats waar men naar toe gaat. Ik heb daar in het begin van dit artikel al even op gewezen. In vele vanouds kerkse dorpen heeft het toerisme het leven danig beïnvloed. De beslotenheid van cle dorpsgemeenschap, het vanzelfsprekende van de kerkgang, het wordt ondermijnd door de komst van de velen die anders leven'. Er komt vraag naar het openstellen van winkels op zondag en de barretjes rijzen als paddestoelen uit de grond. Dat zulke dingen niet zonder gevolgen zijn voor de dorpsjeugd zal ieder duidelijk zijn. Een andere vorm van rekreatie die momenteel de aandacht van zeer velen vraagt is de sport, Het kan op zich zeer nuttig zijn dat met name iemand wiens beroep in hoofdzaak uit zit-en denkwerk bestaat, ook aan zijn lichamelijke konditie aandacht besteedt. Ook voor ons lichaam dienen we te zorgen. De in dit verband door sommigen wel eens gebruikte tekst „de lichamelijke oefening is tot weinig nut" moeten we niet uit zijn verband halen. Die slaat op de lichamelijke ontberingen die men zich meende te moeten opleggen om heilig te kunnen leven, en moeten we dus niet gebruiken cm wat wij „lichamelijke oefening" plegen te noemen af te wijzen. Het is naar ik meen eerder het feit dat we zien dat een groot deel van ons volk opgaat in „brood en spelen", wat ons huiverig moet maken voor heel de sportwereld met zijn bijna religieus geladen prestatiecultus.
Er is uiteraard nog veel meer te zeggen over het onderwerp rekreatie, over bijvoorbeeld muziekbeoefening (welke muziek!), over vakantie houden, over lezen als ontspanning e.d. Het korte bestek van dit artikel laat dit echter niet toe. Bij alles dienen we echter het woord van Paulus voorop te stellen: „Hetzij dan dat gijlieden eet, hetzij dan dat gijlieden drinkt, hetzij dat gij iets anders doet, doet het al ter ere Gods!". Leiden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 september 1975
Daniel | 24 Pagina's