STUDIE EN BEGELEIDING
Zoals ieder wel begrijpt is het onmogelijk op vier pagina's te zetten wat de dagelijkse bezigheden van een jeugdwerkadviseur zijn. Ons werk is daarvoor te omvattend.
Gelukkigerwijs mocht vorig jaar een tweede jeugdwerkadviseur benoemd worden in de persoon van dhr. J. H. Mauritz, vriend en kollega, zodat de taken wat verdeeld konden worden. Desondanks blijft er nog een enorme hoeveelheid aan taken voor mijn rekening, waarvan we alleen maar een globale indruk kunnen geven.
Globale indruk
De bond doet wat de plaatselijke verenigingen niet kunnen:
* het uitgeven van een jeugdblad,
* het organiseren van een bondsdag,
* het stimuleren van een landelijke aktie,
* het instellen van werkkommissies: Salvo (Studie, advies, lektuur, voorlichting) jaarlijks wordt een bundel met 10 schetsen als werkmateriaal beneden kostprijs ter ibeschikking gesteld,
* Mivo +16 (meer informatie voor ons) drie keer per jaar wordt de vereniging een aktueel projektonderwerp aangeboden. Om de laatste drie te noemen: De Generale Synode, Vrede en Bevrijding, het onderwerp dat ook dit jaar door de Wereldraad van Kerken wordt aangesneden,
* kommissie Kavo (Kadervorming).
Tijdens de kursussen worden bijvoorbeeld elementaire zaken behandeld voor de besturen van de jeugdverenigingen als „Besturen, hoe doe je dat? " of werken met werkmateriaal, m.n. met de schets „Moderne mentaliteit". Deze serie kursussen (drie per jaar per distrikt), op het bondsbureau geschreven, wordt afgerond met een „bezinnend" onderwerp. De vorige keer was dat „De Toekomst en wij". Het jaar daarvoor werd gesproken over „De Gereformeerde Gezindte".
Mivo —16: voor de —16 jarige verenigingen wordt jaarlijks een bundel schet-
sen gereed gemaakt voor de „leiding", terwijl tweemaal per jaar een kursus gegeven wordt, als „Het kerkelijk jaar op de vereniging", „het programmana-de-pauze", „handenarbeid".
Verder zijn er dan nog onder mijn begeleiding de kommissie „Verzorgende beroepen", die jaarlijks drie a vier vergaderingen belegt en de onlangs in het leven geroepen kommissie „Probleemgezinnen en - jongeren", waarover in de „Saambinder" van april reeds werd geschreven, waarvan ik als adviseur deel uit maak.
Een dag op het buro
„Jan, weet jij of het boekje van ds. B. Haverkamp: „Paulus de heidenapostel" nog verkrijgbaar is ibij de „Banier"?
Nou, dan bel ik vanmiddag wel even naar Utrecht! „Ja m'n schets over Paulus is bijna klaar."
„Zeg, nu je het toch over de schetsen hebt, kun je vanmorgen even een aankondiging voor „Daniël" klaarmaken? Morgen moet „Daniël" de deur uit."
„Dat is goed, 'k zal het meteen deen 1 ." De onderwerpen voor dit jaar zijn: Elia op de Karmel, Saul te Endor, Paulus' bekering. Het genadeverbond, De Heilige Doop, Het 1000-jarig Rijk, W. Teellinck, Duistere machten, Soberheid en Bedreigd leven. Ring! Ring!
„Ja Bep, je weet toch dat vjndaag m'n schets klaar moet, niet? Hij moet vrijdag naar de kommissieleden toe. Dus je moet hem morgen tikken, dat hebben we afgesproken, hè? "
„Ja, geef maar even!" Bep verbindt door.
„Goedemorgen, meneer K!" Jammer dat U weggaat als voorzitter van het distrikt, 'k zei het U vorige keer al, maar U zou mij inderdaad een lijstje geven van mensen die volgens het distriktsbestuur in aanmerking komen voor le voorzitter. Ja, dat is de tweede voorzitter, ja en Nou er is toch wel wat keus.
Ja, ik zal deze week even bij de betreffende predikanten en kerkeraden informeren, welke het meest in aanmerking komt voor de kandidaatstelling.
’k Zal ook hun advies vragen. Nu vandaag nog? Nou, dan moet ik vanmiddag maar even bellen, 'k Zal u dan vanavond voor zes uur uitslag laten horen, dan kan ik zelf ook mijn advies geven.
Nou ± 7 uur is moeilijk, want ik moet om half zeven weg voor een planningsvergadering van de redaktie „Daniël".
Ja, ds. Rijksen is daar als hoofdredakteur ook. Ja, dat is goed, ik zal het wel even aan hem doorgeven, 't Staat al genoteerd. Ik zal zorgen dat ik vanmiddag gebeld heb, hoor! Tussen haakjes, de taakomschrijving voor het distriktsbestuur heb ik eergisteren juist gemaakt, dus die krijgt U deze week nog toegestuurd.
M'n laatste hoofdonderdeel, wenken, gespreksvragen en literatuuropgave, dan is m'n schets klaar. Dat kan ik vanmiddag goed doen. 'k Ga nu eten.
Ring, Ring!
„Nou heel even dan. Want je weet Bep, als ik weer te laat kom voor 't eten, zwaait er wat, hè!
Dag Freek, goeiemiddag.
— Ja we hebben volgende week d.v. ook vergadering van de kommissie „Kadervorming". Dan gaan we de plannen voor het komende seizoen bespreken. Je weet, daar hebben we het al eerder over gehad, we moesten dit jaar maar eens een Mivoschets als onderwerp voor een kaderkursus nemen. Ja, een goed idee, het lijkt me dat die daarvoor in aanmerking komt.
Goed, ik bespreek dat binnen de kommissie en deze week nog krijgen jullie als mivo-leden allen een ontwerpje voor de nieuwe mivo-schets, die zoals was afgesproken vóór 1 oktober naar de verenigingen zou gaan.
De vorige mivo-schets was inderdaad vlug bij de verenigingen. Iedereen had z'n aflevering op tijd klaar. Daarna de vergadering om alle onderdelen door te nemen. Gp het buro heb ik meteen mijn aflevering klaargemaakt: het Ten Geleide, de gespreksvragen, de literatuur, nog een kleine aanvulling hier en' daar, kortom de laatste hand eraan gelegd, en een week later zorgde Bep ervoor dat de verenigingen hem in hun bezit hadden.
Maar nu ga ik gauw eten, groetjes thuis. Tot volgende week hopelijk."
Na het middageten onderweg even geprakkiseerd wat er vanmiddag gedaan moet worden: eerst de kopij van „Daniël" doornemen, dan wat predikanten en kerkeraden bellen voor de distriktsvoorzitter en dan de schets afmaken. Als er niet te veel telefoontjes komen, moet dat toch lukken.
Ondertussen heeft kollega Mauritz de kopij van „Daniël" op mijn buro gelegd. Dat moet eerst worden vrijgemaakt, van taal-of stijlfouten en tevens wordt bekeken of de inhoud wel verantwoord is.
Als ik hiermee bezig ben komt Bep naar beneden en vertelt me dat ds. H. gebeld heeft over de kommissie probleemgezinnen en - jongeren. Of ik even terug wil bellen. „We zullen hopen dat het bij het ene telefoontje blijft Bep, want ik moet nog heel wat deen, vanmiddag."
Als ik bel, blijkt dat ds. H. het „praatpapier" dat ik heb opgesteld voor de vergadering van vrijdag a.s. niet ontvangen heeft. Of dat alsnog kan worden toegestuurd? Dat wordt genoteeerd.
„Ik maak maar van de gelegenheid gebruik dominee. We hebben vorige week een planningsvergadering gehad met de kommissie „Verzorgende beroepen", wanneer heeft het Deputaatschap voor Gezins-en Bejaardenzorg vergadering? Dat komt goed uit, want dan kunnen we het programma voor het komend seizoen doornemen, voordat er officieel sprekers worden gevraagd. Tevens kan dan rn'n kollega komen die dan even kan kennismaken. Hij neemt de begeleiding van de kommissie van mij over.
Nee, al gaat het goed, 't is tegenover mijn gezin niet verantwoord dat ik zaterdags naast de avonden door de week zo vaak weg ben. 'k Moet echt wat zaterdagen voor mijn gezin reserveren.
Ja, U krijgt de papieren en het voorlopige programma deze week nog toegestuurd.
‘k Moet even noteren dat morgen het voorlopige programma voor de verzorgende beroepen op stencil wordt gezet. Dat kan wel even tussendoor.
Als de geplande telefoontjes gepleegd zijn, kan ik in alle rust mijn schets afmaken. Er komen wel veel telefoontjes, maar die zijn gelukkig niet voor mij. Omstreeks vijf uur is de schets stencilklaar. 'k Ga naar boven om met Bep af te spreken, dat ze morgen m'n programma „verzorgende beroepen" krijgt, terwijl dan tevens de schets gestencild kan worden. Voordat ik wegga leg ik nog even mijn werk voor morgen klaar: de schetsen voor de benedenjarigenverenigingen moeten qua lay-out en persklaar gemaakt worden.
Na nog een telefoontje valt de deur tegen' half zes achter me dicht. Thuisgekomen raadpleeg ik voor het eten nog even m'n agenda. Volgende week vier vergaderingen: een inleiding voor een vereniging, kommissievergadering „kadervorming", informatieavond voor een kerkeraad, een vergadering van de kommissie Mivo.
Om half zeven zit ik in de auto op weg naar de redaktievergadering van „Daniël", ons jeugdblad, een blad met een' boodschap. Een blad dat wil ingaan op de problemen van deze tijd, zonder over het hoofd te zien de noodzaak tot persoonlijke bekering.
Vooral in een tijd als deze met z'n verregaande ontkerstening zie ik het jeugdwerk persoonlijk als een opdracht van de kerk.
Juist in deze tijd, waarin de moderne maatschappij steeds sterker ontwikkelde tendensen vertoont met een onschriftuurlijk karakter, is het meer dan ooit nodig dat jongelui samenkomen rondom het Woord van God, om een bijbels antwoord te vinden op de vragen die uit een breed kontakt met een anders gerichte maatschappij voortvloeien. Daartoe kunnen zowel bijbelse als aktuele onderwerpen, mits vanuit de Bijbel belicht, dienstbaar zijn. We dienen als ons werken te doen in biddend opzien tot de Heere of Hij Zich van deze geringe middelen bedienen wil tot eer van Hem en tot heil van zondaren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 juni 1975
Daniel | 26 Pagina's