JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

ARVEIDERSBEWEGINGEN VROEGER EN NU

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ARVEIDERSBEWEGINGEN VROEGER EN NU

8 minuten leestijd

NU Hoewel ik mij ervan bewust ben, dat het onderwerp dat in dit artikel aan de orde gesteld wordt, niet onmiddellijk tot lezen uitnodigt, toch is het mijns inziens een goede keus van de redaktie geweest om in dit themanummer ook aandacht te besteden aan de vakbonden en hun werk. Immers, de werkende mens komt in zijn werkkring ongetwijfeld in aanraking met het werk van de vakbonden. Denk maar eens aan het afsluiten van collectieve arbeidsovereenkomsten voor een bedrijfstak, b.v. de bouw, de verpleging; aan het werk van de ondernemingsraad welke binnenkort voor bijna alle bedrijven verplicht gesteld wordt en waaraan grote bevoegdheden zullen worden gegeven. Ook buiten ons werk zien we echter een toenemende invloed van de vakbonden. Ik denk hierbij aan de soms chaotische toestanden in Engeland, waar de bonden een zeer grote invloed op het maatschappelijk leven uitoefenen; ik denk eveneens aan de akties die enkele jaren geleden in Nederland door de vakbonden (o.a. Industriebond N.V.V.) gevoerd werden om een extra uitkering van 400 gulden, alsmede aan de ook nu weer dreigende konflikten, blijkens uitlatingen die de voorzitter van de Industriebond N.V.V., Arie Groeneveld, onlangs gedaan heeft.

Ontstaan en opkomst van de vakbonden

Bezien we de maatschappelijke toestand in ons land in de vorige eeuw, dan is deze verre van rooskleurig te noemen. Wanneer we kennis nemen van rapporten en gegevens uit die tijd, dan blijkt dat de levensomstandigheden voor de meeste mensen erbarmelijk waren: lange werktijden, zondagsarbeid, lage lonen, vrouwen-en kinderarbeid, slechte volksgezondheid, etc. Een enkeling verhief zijn stem tegen deze wantoestanden (Groen van Prinsterer, Heldring, het Reveil), maar dit had weinig effekt. Eerst aan het einde van deze eeuw kwam er een kentering (verbod op de kinderarbeid bij een wet van 1874: Kinderwetje van Van Houten).

Mede als reaktie op deze situatie is in de tweede helft van de 19e eeuw de vakbeweging ontstaan. De aanzet tot het oprichten van vakbonden werd niet gegeven door de fabrieksarbeiders, maar door de meer vakbekwame werklieden die nog een redelijke welstand genoten (o.a. de typografen).

In 1871 ontstond het Algemeen Nederlands Werkliedenverbond. Hoewel ook christenen in cleze organisatie een vooraanstaande plaats innamen, toch bleek al snel, dat binnen dit verbond voor christenen geen plaats was. Men propageerde de klassenstrijd, vergaderde veelal op zondag en stimuleerde het „neutrale" onderwijs. Daarom ontstond in 1876 de Christelijke Werkliedenvereniging „Patrimonium" („Het vaderlijk erfdeel"). Zowel arbeiders als ondernemers maakten deel uit van dit verbond. Het doel was „de kennis van Gods Woord en de traditieën onzes volks als vertrouwbare grondslagen eener christelijke maatschappij te verbreiden, om de liefde daartoe op te wekken, teneinde op deze grondslagen de belangen der maatschappij in haar geheel, en die der werklieden in het bijzonder, te bevorderen".

Men wenste o.a. bevordering van de afschaffing van alle niet noodzakelijke arbeid op zondag en bevordering van bijzonder christelijk onderwijs, terwijl het ambachtsonderwijs gestimuleerd moest worden. Tot 1909, het jaar van de oprichting van het Christelijk Nationaal Vakverbond, een overkoepelende centrale van verschillende vakbonden, moesten heel wat problemen ovcrwon-

nen door de christelijke vakbeweging: De kerkelijke verscheidenheid heeft de nodige moeiten opgeworpen; een hevige strijd heeft plaatsgevonden tussen prof. H. Bavinck en ds. Talma over het al dan niet toepasselijk zijn van de verhouding „dienstknecht(slaaf) - heer" uit de brieven van Paulus op de verhouding „arbeider - ondernemer"; het probleem van de toelating van rooms-katholieken deed zich voor. De ruimte ontbreekt mij hier verder op in te gaan.

Als grondslag (welke tot op heden nog geldt) koos het C.N.V. de volgende formulering: „Het verbond aanvaardt de christelijke beginselen en verwerpt mitsdien zowel de leer van de klassenstrijd als die van de totale staat". In een brief van 28 juni 1919 heeft het C.N.V. aan „Patrimonium" (dat nog steeds bestond) meegedeeld „dat door het vakverbond de Heilige Schrift als het Woord Gods en daarom als de Bron waaruit de Christelijke beginselen worden gekend, erkend wordt".

Sinds vorig jaar heeft het bestuur van het C.N.V. zich bezig gehouden met de formulering van een nieuwe grondslag. Als voorstel aan de leden wordt de grondslag thans als volgt geformuleerd: „Als uitgangspunt voor zijn beleid, doelstellingen en werkzaamheden aanvaardt het C.N.V. de Bijbel die de mens oproept tot dienst aan God en aan de naaste". Men heeft in 1909 gekozen voor de hierboven vermelde formule om duidelijk te maken waar het C.N.V. stond in de strijd van die dagen. Men zette zich duidelijk af tegen de marxistischsocialistische principes. De huidige formulering is ruimer en minder tijdgebonden. Ze dient echter wel nader uitgewerkt te worden. Uit de inleiding op de nieuwe statuten blijkt, dat het C.N.V. wil meewerken aan de opbouw van een samenleving waarin gerechtigheid en naastenliefde (en dus niet geld en macht) de grote drijfveren zijn. De huidige formule lijkt mij een verbetering, mits men de Bijbelse noties op juiste wijze interpreteert. We zullen hier de vinger aan de pols moeten houden.

Naast het C.N.V. bestaat sinds 1906 het Nederlands Verbond van Vakverenigingen (N.V.V.), dat zeer nauw samenwerkt met de op socialistische leest geschoeide politieke partijen. Deze Bond is aan te merken als opvolger van het reeds eerder in dit artikel genoemde Algem. Ned. Werkliedenverbond. Het richtsnoer voor het handelen van dit verbond wordt gevormd door de grondrechten die in de Verklaring van de Rechten van de Mens zijn neergelegd. (Deze verklaring werd in 1948 door de Organisatie van de Verenigde Naties uitgevaardigd.)

De rooms-katholieke arbeiders hebben zich vanaf 1909 georganiseerd in wat thans het Nederlands Katholiek Vakverbond (N.K.V.) heet. Deze centrale laat zich bij zijn werk leiden door de Rooms-katholieke beginselen. Naast de drie grote vakcentrales bestaan nog enkele kleinere. Op dit moment is ongeveel 40°/o van de werknemers „georganiseerd" (d.w.z. bij een vakorganisatie aangesloten); 30% is lid van één van de grote centrales en 10% van één van de kleinere.

Enkele werkzaamheden van de vakbonden.

Dat de vakbonden en centrales grote invloed hebben, is bekend. Zij hebben o.a. met de werkgeversorganisaties en een aantal onafhankelijke deskundigen zitting in de Sociaal-Economische Raad, het hoogste adviesorgaan van de regering op economisch en maatschappelijk terrein. De adviezen van deze Raad zijn zeer belangrijk.

Deze invloed komt eveneens tot uiting bij het sluiten van een Collectieve Arbeidsovereenkomst (CAO). Vroeger sloot één arbeider met één ondernemer een overeenkomst waarin alle rechten en plichten van beiden neergelegd. waren. Tegenwoordig wordt per bedrijfstak (d.w.z. alle ondernemingen die in een bepaalde sektor werkzaamheden verrichten, bijvoorbeeld de bouw, de metaalindustrie, de chemische industrie) een arbeidsovereenkomst afgesloten die collectief, d.w.z. voor alle werknemers, geldt.

In de onderhandelingen over de salarissen, werktijden, vakanties, werkomstandigheden in het bedrijf, etc. worden do werknemers vertegenwoordigd door de bonden.

Over het vraagstuk van de medezeggenschap is veel geschreven. In het kader van dit artikel kan ik slechts één aspekt aanstippen, n.1. de ondernemingsraad. In

deze raad zijn zowel de werknemers als ae direktie vertegenwoordigd. De vakbonden hebben ook hier een belangrijke stem in het kapittel. De regering wil de adviserende bevoegdheid van deze raad omzetten in een medebeslissingsrecht. Is het geoorloofd, dat de werknemers meebeslissen? Mijns inziens wel. Het bedrijf is voor de werknemers van even groot belang als voor de direktie en de geldschieters (aandeelhouders). Zij dienen zich in gezamenlijk overleg te bezinnen op goede werkomstandigheden; zij moeten samen hun standpunt bepalen bij de beëindiging of bij de verkoop van een bedrijf. Ook het Nederlands Christelijk Werkgeversverbond is blijkens een onlangs verschenen rapport van oordeel, dat de medezeggenschap erop gericht moet zijn, dat allen die in de onderneming werkzaam zijn, zoveel mogelijk betrokken worden bij het beleid dat de onderneming voert. Vermeden moet evenwel worden, dat één van beide partijen (werknemers of werkgevers) een overheersende positie gaat innemen.

Onze houding ten opzichte van de vakbonden.

Het lidmaatschap van het N.V.V. en N.K.V. wijs ik, gezien hun grondslag en doelstellingen, af. Bovendien hanteren zij mijns inziens teveel het „konfliktmoder. Bij het C.N.V. ligt dit duidelijk anders. Dit verbond streeft ernaar via overleg en gezamenlijke bezinning tot een oplossing van de problemen te komen. Ik zou — voorzichtig gezegd — het lidmaatschap van deze organisatie niet willen veroordelen. Ook hierin hebben wij een taak te vervullen, maar wij zullen ons er steeds op moeten bezinnen, of ons lidmaatschap op grond van Gods Woord nog mogelijk is. Er kan een moment komen, dat onze deelname aan dit werk cm des gewetens wil niet voortgezet kan worden'.

Want, zo God het niet verhoedt, zal ook op dit levensterrein het modern theologisch denken zijn invloed doen gelden. Aan ons de taak om ook hier de Reformatorische beginselen uit te dragen, tot eer van God en tot heil van onze naaste.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 mei 1975

Daniel | 24 Pagina's

ARVEIDERSBEWEGINGEN VROEGER EN NU

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 mei 1975

Daniel | 24 Pagina's