JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

MAARTEN EN GERT  ALS SPEURDERS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MAARTEN EN GERT ALS SPEURDERS

Ons vervolverhaal (3)

7 minuten leestijd

„Kijk es, jongelui, " steekt meneer Pietersen van wal. „Ik heb jullie voor een belangrijke zaak laten roepen." Hij neemt z'n bril af en begint die omstandig schoon te poetsen, onderwijs rustig pratend.

„De zaak waarbij jouw vader betrokken is geraakt, Gert, blijkt geen kleinigheid te zijn. We zijn er nu achter gekomen dat we met een bende geroutineerde inbrekers te maken hebben. Als we die zouden kunnen oprollen, worden waarschijnlijk neg een groot aantal inbraken opgelost. Nee, jcuw vader is daar geen lid van, hoor, " zegt hij geruststellend als hij Gerts verschrikte gezicht ziet.

Hij zet z'n bril weer cp en neemt de blonde jongen tegenover hem even op. Hij lijkt cp z'n vader, denkt hij. Ook in z'n doen en laten. Alleen mist hij dat onmiskenbaar slappe in z'n houding en karakter, dat voor z'n vader zo funest is geweest.

Dan begint hij de jongens uit te leggen wat de bedoeling is. Gert moet proberen uit een groot aantal foto's de „vrienden" van Gerts vader te herkennen.

„We hebben dat cok al met je vader doorgenomen, " vertelt hij. „En die heeft er één aangewezen. Maar hij twijfelde. Dus "

Even later zit Gert achter 't grote bureau en loopt samen met de agent een enorm aantal foto's door, die cp kaarten zijn bevestigd. Telkens nemen ze een nieuwe stapel uit de kaartenbak.

Gert bekijkt ze sekuur. Soms denkt hij even een gezicht te herkennen, maar schudt dan 't hoofd. De foto's waarover twijfel bestaat, worden door meneer Pietersen apart gelegd. Bij één foto kijkt Gert hem vragend aan. „Heeft vader deze...? " Maar meneer Pietersen lacht maar eens. „Nee Gert, ik verklap niets. We moeten zekerheid hebben!"

Verder zoeken dan maar. Maarten begint net de meed te laten zakken, als Gert opeens lang stilhoudt bij een foto van eert kleine, donkere man met een snorretje.

„Deze ken ik, geloof ik, " zegt hij bedachtzaam. „Die is wel eens bij ens geweest. Vader noemde hem „Gerrit"."

Ook deze kaart wordt opzij gelegd. Het duurt niet lang meer of ze hebben alle foto's bekeken. En als Gert de twijfelgevallen nog eens bekijkt, blijft bij nader inzien toch alleen de foto van .yGerrit" over.

„Juist, " zegt meneer Pietersen en er klinkt duidelijk voldoening in zijn stem.

Ons vervoïverhaal (3)

„Heeft vader die ook herkend? " hapt Gert.

„Ja. Die heeft je vader ook herkend. Hij heeft me trouwens nog meer inlichtingen gegeven. Ik geloof dat hij aan 't eind van z'n krachten was." Terwijl hij gemoedelijk praat, observeert hij Gert scherp. Zijn bijna nooit falende mensenkennis zegt hem, dat de jongen de waarheid spreekt. Hij wil immers niets liever dan dat die zogenaamde vrienden van zijn vader opgepakt worden? En nu alle naspeuringen cp niets zijn uitgelopen, is dit neg de enige mogelijkheid.

Hij begin Gert vragen te stellen over de persoon van de foto, die zich inderdaad „Gerrit" noemt. Maar Gert weet niet veel. Alleen dat hij op een avond bij vader was geweest ert dat hij waarschijnlijk in de stad woonde. Hij was namelijk op de fiets.

Meneer Pietersen noteert alle gegevens, die Gert argeloos spuit en gromt tevreden. Dan klapt hij zijn notitieboek dicht en zegt: „Zo jongens, dat was 't wel voor vandaag." „Voor vandaag? " vraagt Maarten gretig.

„Ja, we hebben jullie hulp misschien neg wel eens nodig. We hebben namelijk wel een kiekje van Gerrit en wat gegevens, maar gezien hebben we 'm geen van allen, " vertelt hij. „Voorlopig is er maar één ding te doen: Kijk om je heen!"

De jongens knikken vol ijver.

„U lijkt wel een rechercheur, " zegt Maarten. Voor hem is dat beroep omgeven door een gouden glans van avontuur, spanning ert vernuft.

Meneer Pietersen glimlacht en drukt hen de hand. „Ik bén rechercheur, jongeman, " zegt hij.

Kijk om je heen!

De volgende dag is het zondag. Dat betekent voor de familie Van Kampen: gezamenlijke kerkgang. Voor Gert golden voor het doorbrengen van deze dag altijd heel andere waarden. Bijvoorbeeld: heel lang uitslapen.

Gert begrijpt uit zichzelf dat hij nu geen' inbreuk kan maken op de regels van het huis. Bovendien is hij tóch ook wel wat nieuwsgierig, 't Zal immers de eerste keer zijn dat hij een kerkdienst bijwoont.

Als cm half negen iedereen aan de ontbijttafel verschijnt, is Gert dan ook present. Daarna gaat iedereen zich klaarmaken voor de kerk. Gert loopt er wat onwennig tussen door. Er heerst een voor hem totaal onbekende sfeer. Iedereen zo in z'n beste kleren, oma zelfs met de feestelijke grote kap op... En iedereen zoekend naar geld, zakdoeken, pepermunten Onbewust ervaart hij iets van: „Kom ga met ons en doe als wij "

In de kerk zit hij naast Maarten. Zijn bijbeltje — dat hij pas een paar dagen geleden van de dominee heeft gekregen — legt hij voor zich op de bank, net als hij de anderen ziet doen. Geïnteresseerd volgt 'hij het hele gebeuren': het uitspreken van het votum, het zingen, het gebed.

Van de preek zelf ontgaat hem veel, hoewel hij het betreffende hoofdstuk wel meeleest. Het is kort voor Pasen, dus wordt er over de lijdensstof gepreekt. De eerste indruk van Gert is verbazing. Hoe gelóven deze mensen het allemaal. Een Jezus, die moet lijden voor hun zonden Is dat werkelijk zo gebeurd? En dan: is dat werkelijk nodig? Het klinkt hem alles erg fantastisch in de oren. Toch beseft hij wel dat dit geloof aan het leven extra waarde geeft, dat het toch een leegte vervult.

Eigenlijk is er maar één gedeelte in de preek van dominee Van Kampen dat hij onthoudt: „Gemeente u moet niet denken dat het voor een ander is. Wij allemaal, stuk voor stuk, zijn ge-

vangenen. Gevangenen van onze zonden! We zijn pas wérkelijk vrij als Christus ons vrijmaakt .... Bid er om, blijf er om bidden!"

De dag daarop fietsen Maarten en' Gert zoals gewoonlijk camen naar school. Ze trekken iedere dag samen op. 't Is voor Maarten gezellig niet iedere dag heen en terug alleen over die saaie dijk te fietsen.

Als ze deze maandagmiddag uit school komen, fietsen ze echter niet meteen naar huis. Nee, ze rijden' een rondje door een voor Maarten onbekend stadsdeel. En dat doen ze de daaropvolgende middagen ook. Steeds door een andere wijk. De jongens zijn het verzoek van rechercheur Pietersen (oei, wat een blunder was dat) neg heus niet vergeten.

„Kijk cm je heen, " had thij gezegd. En dat doen ze dan ook. Ze zien' echter niemand die ook maar in de verste verte lijkt op Gerrit. Ze horen ook niets meer van het politiebureau. Toch houden ze het vol. Ook de volgende week zoeken en kijken ze als volleerde speurders. Tenslotte beginnen ze de moed op te geven. Misschien heeft de politie hem allang te pakken! Maar dan op een dag

Het is tien over één.

Maarten en Gert hebben een vroegertje, want hun algebra-leraar is ziek. Terwijl ze hun tassen achter op de fiets binden, weifelt Gert: „Zullen we nog een rondje maken, Maarten? "

„Laten we 't nog één keer vindt Maarten. proberen, "

Samen' rijden ze het schoolplein af. „Die vent is natuurlijk allang de stad uit, " moppert Gert. „Denk je dat hij hier gaat zitten wachten tot de politie hem oppikt? "

Maarten haalt de schouders op. „Misschien wéét hij niet dat hij verdacht wordt, " meent hij. „En door plotseling te verdwijnen, laadt hij natuurlijk wel verdenking op zioh."

De jongens kiezen hun weg ditmaal door een buurt niet ver van Gerts huis. Ze doorkruisen een aantal straten en komen dan op een klein pleintje. „Bovendien, " gaat Maarten verder, „kan die Gerrit wel denken, dat de politie hem overal zoeken zal, behalve in z'n eigen stad. Omdat dat té veel voor de hand

(Wordt vervolgd)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 april 1975

Daniel | 20 Pagina's

MAARTEN EN GERT  ALS SPEURDERS

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 april 1975

Daniel | 20 Pagina's