EEN HEILEG DWINGEN
„En zij dwongen Hem, zeggende: lijf met ons, want het is bij de avond en de dag is gedaald." (Lukas 24 : 29a)
Twee tobbende mensen gaan de lange weg van Jeruzalem naar Emmaüs. Kleopas en een onbekende, een naamloze. Zij spraken tezamen onder elkander van al deze dingen, die er gebeurd waren. Zo lezen wij.
't Zijn mensen die de Heere vrezen, daar is geen twijfel aan. Maar 't is al even zeker, dat zij weinig begrip en inzicht hebben' in de noodzakelijkheid van het lijden en sterven van de Heere Jezus. Hoor hun woord: en wij hoopten, dat Hij was Degene, Die Israël verlossen zou Begrijpen jullie die Emmaüsgangers, jongens en meisjes? Of sta je er ver boven? De Heere leert doorgaans Zijn Kerk de dingen der zaligheid niet op één dag.
Zij spraken tezamen. Zij ondervraagden elkander. Wat een ontzaglijk voorrecht is dat! Als we nog met elkander spreken mogen over Gods weg en Gods werk, al gaat Zijn weg voor ons dan in de zee en al is Zijn werk ons donker. Dat hadden Kleopas en zijn vriend ook niet van zichzelf. Er is niemand die verstandig is, niemand, die God zoekt, ook niet één. Hier komt Gods werk in hun zielen al openbaar. Zij moeten daarover spreken: hun hart gaat er naar uit. Zij spreken ook niet als mensen die alles al weten: zij ondervraagden elkander.
En dan komt Jezus Zelf bij hen. Wat een begroeting is dat! Neen hoor. Hun ogen werden gehouden, dat zij Hem niet kenden. Zij doen wat grimmig tegen Hem. Komt clie vreemdeling hun gesprek verstoren? Wat weet hij van hun verdriet? Welk een wijsheid Gods: de Heere gaat hen leren, dat ze niet langer mogen leven uit het zichtbare en tastbare: zij hebben het profetische Woord dat zeer vast is. Hij gaat ze leren hoe het Woord van Christus spreekt.
Begonnen hebbende van Mozes en van al de Profeten. Zalig onderwijs!
Eerst zeggen zij nog eens wat, maar dan worden ze stiller en stiller. De Heere spreekt. Waar hebben ze die stem toch meer gehoord? Dat is de stem mijns Liefsten Kent je die tijden wel? Dan wordt het Woord Gods als een vuur en een hamer, die de steenrots te morzel slaat. Dan legt de Heere met enkele woorden onze dwaasheid bloot, onze verdoemelijkheid, onze blindheid en vijandschap. Dan maakt Hij plaats voor Zichzelf. Zo doet hij bij Kleopas en' zijn vriend. Hij gaat ze inleiden in de noodzaak van Zijn sterven en Zijn opstanding'. O Heere, heb ik er clan nog nooit wat van verstaan? Ze hebben Zijn woorden opgegeten. Wat gaat de tijd dan snel! Dan duurt een kerkdienst niet te lang, hoor. Daar is Emmaüs al En Hij hield Zich, alsof Hij verder gaan zou. Maar hun hart is brandende in hen. En zij dwongen Hem. Is dat niet brutaal of vermetel? Neen, zo rekent de Heere het hun niet toe. Waarom niet? 't Komt uit liefde en begeerte naar Zijn Woord en Zijn Persoon voort, en dat weet Hij. Kom, Jongens en meisjes, dat is een heilig dwingen, een ootmoedig worstelen. Dan is het om God te doen, om een woord van Zijn lippen en een blijk van Zijn gunst. Ja, dan wordt het Kleopas om Christus te doen, om Hem te kennen in de kracht van Zijn opstanding en de gemeenschap van Zijn lijden. En zij dwongen Hem. Leeft Kleopas nog?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 maart 1975
Daniel | 20 Pagina's