NOG EVEN DIT....
Nu we in Amersfoort twee etages tot onze beschikking hebben is er ook ruimte gekomen om de bondsbibliotheek wat verder uit te bouwen.
Financieel gezien hebben we echter niet zoveel ruimte om maar meteen een aantal boeken aan te schaffen. Graag zouden we daarom een beroep willen doen' op de lezers van „Daniël" en de biblicthecaris(es)sen van de verenigingen om eens rond te kijken of er boeken in uw bezit zijn die wellicht van belang kunnen zijn voor onze bibliotheek. Misschien staan er hier en daar nog dubbele exemplaren of exemplaren die niet meer gebruikt worden, zoals bijbelverklaringen, bijbelse handboeken e.a. We houden ons aanbevolen'! Graag van tevoren even een telefoontje.
Snoepen tijdens de kerkdienst
De meesten van ons zijn opgevoed met twee pepermunten per kerkdienst: een vóór de tussenzang en een voor erna. Natuurlijk zijn er op dit gebied ook uitwassen: (minstens) een rol per dienst!
Gedachteloos ?
In „Trouw" van 28 september j.1. schreef A. J. Klei een artikel over het snoepen tijdens de kerkdienst. Enkele citaten geven we door om er eens over na te denken. Mogelijk kunnen we er wat van leren én in de praktijk brengen, want de kosters in onze kerken doen wel eens vreemde ervaringen op als ze 's maandags door de kerk lopen!
Stij11oos!
Professor Bakker uit Kampen schreef naar aanleiding van een pepermuntadvertentie in de kerkelijke pers: „Ik herinner me nog levendig het ellendige gevoel, dat me één van de eerste keren dat ik preekte bekroop. Het was in de lijdensweken en ik had de tekst gekozen uit de geschiedenis van de bespotting van Christus door de soldaten'. Maar tussen tekst en preek gingen tientallen handen steelsgewijs van tasje of jaszak naar mond. Al zuigend was men klaar voor de lijdenspreek. Gedachteloos? Vermoedelijk wel. In ieder geval stijlloos tot en met.”
Geen uitdeling meer in de kerkdienst
Een Gereformeerde predikant in Drente schreef enkele maanden geleden het volgende: „Het is bij het begin van de preek voor een dominee wel eens wat moeilijk. De inleiding van zijn preek komt n.1. vaak niet tot zijn recht. Dat komt niet omdat de inhoud daarvan zo moeilijk en zo ingewikkeld zou zijn, maar om een heel andere reden. De mensen zoeken hun pepermunten op en delen die links en rechts uit. Pas als dat achter de rug is, zet men zich tot luisteren. Natuurlijk heeft de predikant dan meteen het gevoel dat in elk geval de inleiding van zijn preek verloren is. gegaan. Maar daarbij blijft het niet. Als de preek zo ongeveer halverwege en de pepermunt dus op is, gaat het tasje weer open en een hele rol pepermunt wordt dan opnieuw links en rechts aangeboden. Dit is voor een dominee als hij het ziet — en dat gebeurt vaker dan men' denkt — eenvoudig om uit zijn vel te springen. Hij moet wel de gedachten krijgen, dat z'n preek de moeite van 't luisteren niet waard is, als ook de eerbied voor het woord Gods bij zulke mensen minimaal is. Kan op deze manier een preek de mensen nog wel tot zegen zijn?
Tenslotte: laat men mij goed verstaan. Ik vind het niet erg als iemand een pepermunt neemt of een kind daarmee een beetje rustig houdt. Maar die uitdeling aan het begin en' in het midden van de preek moet toch kunnen ophouden.”
Ook dat kleine vosje kan de wijngaard schade toebrengen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 november 1974
Daniel | 20 Pagina's