DAVID, de harpist
Ergens in een veld dicht bij Bethlehem zit een jongen met een' harp. Die jongen is David, een zoon van Isaï. Dicht bij hem lopen schapen te grazen, waar hij van Isaï op letten moet. David is muzikaal. Hij speelt dikwijls op de harp tot eer van God. Rondom zich ziet hij de grootheid van de schepping. Daarom zingt en speelt hij daarvan. Neem nu b.v. Psalm 19. Daar heeft David veel van gezongen. Je kunt daaraan merken dat David de Heere vreesde.
David werd thuis misschien wel veracht door zijn broers omdat hij de jongste en kleinste was. Maar hij werd niet veracht door de Heere, want hij vreesde de Heere al toen hij nog maar een kleine jongen' was. David zong niet alleen om geprezen te worden maar om God te loven. Bij David lag zijn hart in zijn spel verklaard. Dat kunnen we lezen in de Psalmen die hij zelf gemaakt heeft. Psalm 23 heeft duidelijk te maken met zijn beroep. Hoe mooi brengt hij dit over op de Heere: „De Heer is mijn herder, mij zal niets ontbreken". In deze Psalm komt uit, dat hij zoveel vertrouwen in de Heere heeft. Maar toch was het zo niet altijd bij David!
Als je b.v. naar Psalm 6 kijkt, een boetepsalm zoals je ook kunt lezen in psalm 51. Er zijn ook veel gebedspsalmen.
In de bijbel wordt ook gesproken dat hij moest spelen aan het hof van Saul, toen Saul bezeten was van een boze geest. Als David clan zo mooi op die harp aan het spelen was, ging de boze geest op de vlucht. Dat was een hele zegen voor Saul. Maar hoe kon muziek de boze geest nou laten verdwijnen? Er wordt gezegd dat het gebeurd is dat een persoon door een slang omkneld werd. Maar toen de slang geluid hoorde van snaren, sloeg hij op de vlucht zodat die persoon bevrijd werd. Tegen zulk zuiver snarenspel kan de duivel het niet uithouden. Daar moet hij voor op de vlucht.
Dit is ook het geval in 2 Koningen 3. Elisa was toen kwalijk gesteld en vroeg: „Breng mij hier een speelman op een harp”.
Dat had het gevolg: als de speelman op de snaren speelde, dat de hand des Heeren op hem kwam. Van lang geleden' is dit geval van snarenspel bekend.
Het waren mooie klanken die David speelde op zijn harp. Het was tot eer God en tot heil van zijn naaste. van
Lies de Korte, meisjesclub „Rhoda” te Meliskerke.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 september 1974
Daniel | 24 Pagina's