JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Ds. ROBERT MURRAY M’CHEINE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ds. ROBERT MURRAY M’CHEINE

7 minuten leestijd

21 mei 1813. 't Is een zonnige dag in het stadje Edinburg in Schotland, 't Is feest in het gezin M'Cheine. Vroeg in de morgen is een zoon geboren die Robert Murray wordt genoemd. Een bijzonder iets? Er zullen wel meer kinderen geboren zijn op die dag. Ook in Edinburg!

Dat wel, maar niet iedereen heeft een levensweg gehad als Robert Murray M'Cheine. Niet iedereen is als Robert werkzaam geweest in Gods kerk. Robert Murray M'Cheine; een lichtende ster in de kerk van Schotland; een Christus-prediker; een geloofsheld!

Jeugd- en studiejaren.

Robert is een jongen met een begaafd verstand. Reeds op 4-jarige leeftijd leert hij spelenderwijs het Griekse alfabet. Al spoedig kan hij al de letters noemer, en door elkaar op een lei schrijven. Als Robert vijf jaar is, bezoekt hij reeds de Engelse school. In 1821 gaat hij naar de Latijnse school. Hier studeert hij zes jaar lang letterkunde.

Robert houdt bijzonder van de natuur. Wel, hij kan zijn gang gaan. Wat denk je van de Schotse Hooglanden? ! In zijn zomervakanties gaat hij dan ook vaak met zijn broer David op reis naar de meren en heuvels. David is een oudere broer van Robert. Het is een jongen die vroeg in zijn leven de Iieere is gaan dienen. David is dan ook veel in gebed voor zijn jongere broer, die gekozen heeft voor de wereld. David bidt tot God of zijn broer eenmaal in de kerk het evangelie mag vertellen aan een ieder. Robert voelt hier echter nog niet veel voor!

In 1827 laat Robert zich aan de hogeschool te Edinburg inschrijven als student. In 1831 verandert Robert van studierichting: hij begint met de studie van Godgeleerdheid! Robert? Ja, Robert!! Hoe komt dat zo? Hoe kwam bij hem de begeerte op om zijn medezondaren de vergeving van de zonden te verkondigen?

Zou het gebed van David verhoord worden? David zelf weet er niets meer van. David is in 1831 gestorven Juist het sterven van Davicl heeft bij Robert een omkeer gebracht in zijn leven. Door het sterven van David ontwaakt bij Rcbert een gevoel van zijn zonde. Dit sterven beweegt Robert tevens om zich voortaan te gaan wijden aan de prediking van het Evangelie! Rcbert begint een God voor zijn ziel te zoeken door ijverig te lezen in de Bijbel en getrouw de zuivere prediking bij te wonen.

In deze tijd lezen we in zijn dagboek, dat hij dagelijks bijhoudt, de volgende opmerkingen: „Ik hoop nimmer meer kaart te spelen"; „Nooit hoop ik een zondagavond meer uit te gaan"; „Welk een poel van bederf is mijn hart geweest", etc. Een fijne studievriend krijgt Rcbert aan Alexander Somerville.

Toch ziet Rcbert tegen het komende predikantschap op: „Hoe geneigd zijn wij om onze uren in ij del gepraat door te brengen, gelijk de wereld doet. Hoe kan dit zijn bij hen, die tot de heilige dienst verkoren zijn? Medearbeiders Gods! Verkondigers van Zijn Zoon!" Robert, een jongen met een enorm verstand. Waarom nu predikant worden? Hij kan toch een veel betere maatschappelijke positie bereiken met zo'n verstand? Rcbert clenkt er niet aan! Het enige doel in zijn leven is geworden om zielen te winnen voor Christus! Op 16 februari 1835 besluit Robert z'n studie met een examen voor het „Presbytery."

Hulppredikant.

Voordat Robert wordt bevestigd tot predikant, dient hij eerst nog acht maanden als hulpprediker Mr. John Bonar in zijn gemeenten Larbert en Dunipace. Het zijn twee dorpen temidden van kolen-en ijzermijnen. Een arme bevolking, waaronder het hart van „kandidaat" Robert gevormd wordt tot het herdersambt.

Sterke liefde heeft Robert voor het zendingswerk. Hij is bereid om te gaan waarheen hij ook gezonden wordt, maar „O Heere, leer mij alleen op U vertrouwen, cm hun harten te openen. Ik vrees dat Gij mijn prediking niet wilt zegenen, vóór ik geleerd heb die zegen van U alleen te verwachten.....”.

Predikant te Dundee.

Na acht maanden krijgt Robert een beroep van de St. Peter's kerk te Dundee. Hij neemt dit beroep aan. Op 24 november 1838 wordt Robert bevestigd als predikant.

Ds. M'Cheine is herder en leraar van een grote gemeente. 4030 leden en doopleden telt de gemeente. Er komen echter slechts 1100 mensen naar cle kerk. De dominee krijgt het dan ook bijzonder druk in zijn gemeente.

Dominee heeft een hekel om zijn preken half af te lezen, omdat hij vindt dat dat de ongedwongen houding en het vuur waarmee hij spreekt om zijn opdracht te vervullen, sterk vermindert! Neen, het betekent niet dat hij hierdoor minder voorbereiding nodig heeft bij 'net maken van zijn preken. Ds. M'Cheine ziet het belangrijkste van de voorbereiding liggen in het gebed. Het is zijn vaste gewoonte om elke nieuwe dag te beginnen met een uur bijbellezen en gebed.

Dominee trekt ook vaak naar de havens van Dundee. Hier houdt hij aan boord van schepen openluchtdiensten. Een man met zendingsijver. Een man met evangelisatie-ijver. Op huisbezoek spreekt hij het liefst de mensen aan die niet in God geloven. Velen in de gemeente maken een afgod van hem. Hier heeft hij veel verdriet van. Anderen haten dominee M'Cheine om zijn Christusprediking. Toch kan niets hem van de rechte weg doen afwijken. Hij handelt in opdracht van zijn grote Meester!

Een lichtende ster.

In 1842 wordt Ds. M'Cheine licl van de kommissie van Schotse predikanten. Deze kommissie wil zich inspannen om in het noordelijk deel van Engeland het Evangelie van Jezus Christus te gaan preken.

Spoedig gaat Ds. M'Cheine met enkele predikanten op reis naar Newcastle. Het wordt een opwekkingstocht! Er wordt gepreekt in dorpen waarlangs men reist. De meeste preken vinden plaats in de open lucht.

In november 1842 verlaat de dominee weer zijn gemeente voor enkele weken. Hij vertrekt naar Londen. Geen vakantietocht, maar een opwekkingstocht om zielen voor Jezus te winnen. Ds. M'Cheine krijgt steeds meer de overtuiging dat de Heere hem meer tot evangelische dan tot pastorale arbeid geroepen heeft. Een lichtende ster. Op een vergadering in 1842 te Edinburg waar 500 predikanten aanwezig zijn pleit Ds. M'Cheine als vurig Presbyteriaan. Hij wil dat de overheid zich op geen enkele manier bemoeit met de kerk. De kerk is cle kerk van Christus en niet de kerk van de overheid! Een lichtende ster!!

Een blijvende ster.

Reeds jong wordt Ds. M'Cheine door God weggenomen. 4 maart 1843 spreekt hij zijn laatste preek uit. Het is een preek, net als z'n andere preken: doordrongen van de liefde van Christus. Een preek die oproept om de zonden vaarwel te zeggen, en zich te wenden tot Jezus.

Op 25 maart 1843 sterft Ds. Robert Murray M'Cheine op de leeftijd van 29 jaar. Zijn werk is klaar.

Een lichtende ster is ten onder gegaan. Helemaal? Neen. In de boeken die Ds. M'Cheine geschreven heeft blijft hij een lichtende ster. Een blijvende ster...!

A. Karels.

Wanneer wij in deze rubriek een vraag stellen, dan betreft dit uiteraard de zondagsschool. Als we dan stilstaan bij het begrip , , hoe, " dan doelen we niet zozeer op de organisatorische opbouw, die het instituut zondagsschool van den beginne aan heeft gekend, maar is het meer onze bedoeling de omstandigheden te bezien, waaronder deze vorm van onderwijs is opgekomen, waarbij dan als vanzelf ook het tijdsbestek ter sprake komt, waarin zij zich verder heeft ontwikkeld.

Het verdient ook wel onze aandacht dat de zondagsschool niet ontstaan is uit een in de boezem van de kerk levende behoefte, maar uit een schrikbarende verwaarlozing van het onderwijs aan de jonge kinderen, met name in de kringen van de werkende stand. Anders gezegd: in feite hebben de maatschappelijke omstandigheden geleid tot de oprichting van zondagsscholen. Om een beter begrip van die achtergrond te krijgen is het nodig de maatschappelijke structuur uit die periode wat nader toe te lichten. Het mag bekend worden verondersteld, dat het gemeenschapsleven in het begin der 18e eeuw grotendeels zijn ordening vond in het gildewezen. Een gilde stond onder toezicht van de stedelijke regering en schiep waarborgen, dat de beoefening van het ambacht op een redelijk peil stond en bleef staan, maar ook, dat de gildebroeders in hun ambacht een redelijk bestaan vonden en de concurrentie binnen redelijke grenzen beperkt bleef. Een gilde kende leerlingen, gezellen' en meesters. Voor een ieder, die de bekwaamheid daartoe bezat, stond de mogelijkheid open om zelfstandig te worden. Men begon als leerling, werd daarna gezel met de bedoeling na verloop van tijd meester te worden.

Ook de kooplieden waren vaak georganiseerd in gemeenschappen, waarin de onderlinge verhoudingen aan vaste regels gebonden waren.

(Wordt vervolgd)

J. Knook.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 maart 1974

Daniel | 20 Pagina's

Ds. ROBERT MURRAY M’CHEINE

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 maart 1974

Daniel | 20 Pagina's