JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

NOOD-LANDING OP GROENLAND

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

NOOD-LANDING OP GROENLAND

ONS VERVOLGVERHAAL (SLOT)

7 minuten leestijd

Sven geeft raad.

In de barak zit Sven bij de grote zender, die tevens ontvanger is. Hij spreekt op rustige toon met de gezagvoerder van het vliegtuig. Hij vertelt hem hoe lang de landingsbaan is en dat aan het eind ervan de ijsvlakte ruw en hobbelig doorloopt, maar dat er links en rechts geen enkel obstakel in de weg is. Wel is er vele meters verder een grote sneeuwberg, maar hij verwacht dat de vaart wel uit het toestel is, voor die berg is bereikt. Hij raadt de piloot aan niet te sterk te remmen als hij de grond raakt, geeft de windrichting en de windsterkte op. Zijn stem klinkt net alsof hij een gezellig praatje maakt met de gezagvoerder. Maar als hij er aan denkt, hoe groot het toestel is en hoe kort de landingsbaan, als hij de huilende wind hoort, als hij aan al die mensen denkt, dan moet hij moeite doen zijn stem in bedwang te houden.

Een ondraaglijke spanning.

De passagiers hebben nauwkeurig de orders van de stewardessen opgevolgd. Ieder heeft de riemen vast. Alle losse voorwerpen moesten in het bagagenet worden gelegd en daar zo vastgemaakt, dat er niets verschuiven kan. Het wiegje is van de haak genomen en op de stoel naast de moeder van het kindje gezet. Het babytje is aan alle kanten ingestopt, zodat het niet verschuiven kan. Het slaapt, onbewust van het grote gevaar, rustig door. Er heerst een ondraaglijke spanning in de cabine. In menig hart stijgt een gebed omhoog tot God, Die uitkomsten kan geven zelfs tegen de dood.

Klaar voor de landing.

De bemanning in de cockpit maakt alles klaar voor de landing. Ook zij hebben de riemen vast en alle losse voorwerpen zijn opgeborgen. Regelmatig leest de navigator het benzinepeil af. De beide piloten verrichten automatisch de handelingen, die nodig zijn om te landen. De sterke landingslichten zijn al ontstoken en werpen lichte vlekken in het duister daarbuiten. Op het radarscherm lichten twee rijen heldere puntjes op: de magnesiumiakkels, die Niels en Hakon op regelmatige afstand hebben aangestoken.

De wind huilt en loeit van genoegen. Ha, nou krijgt hij toch zijn zin! Nou zal hij die grote, zilveren vogel wel klein krijgen en gierend stuift hij er op af.

„Hallo, ik maak m ij gereed om te landen".

Sven, eenzaam achter zijn toestel, kan op dit kritieke moment geen enkele hulp verlenen. Hij heeft zich warm aangekleed en een lantaarn gereed gelegd om direkt naar buiten te gaan als het toestel zijn aanloop neemt om te landen. Vol spanning wacht hij op het bericht. Dan: „Hallo hier D.C. 8 407. Ik maak mij gereed om te landen! Over!" „Oké! Over!"

Vliegensvlug grist Sven de staaflantaarn van de tafel en haast zich naar buiten, het donker in, de loeiende storm tegemoet, zijn kameraden achterna.

Geland.

De sterke straalmotoren dragen het toestel de gierende sneeuwstorm in. Die wilde noordooster is het om de ondergang van de zilveren vogel te doen en loeiend van genoegen valt hij aan. Daar gaat het landingsgestel uit. De grote wielen, de stangen en buizen remmen al enigszins de vaart van het vlietuig.

Uiterst gespannen, op de kleinste dingen lettend, zet de ervaren gezagvoerder zijn toestel op de ijzige landingsbaan. Even wipt het op, dan raken voor de tweede maal de grote wielen het ijs en met een razende vaart stuift de D.C. 8 op het eind van de veel te korte baan af.

„Hoei", gilt de noordooster, „ik zal je!" Met gierend geweld vliegt hij recht op

het voortrazende toestel af, niet begrijpend, dat hij de nog veel te snelle vaart van het vliegtuig mee helpt afremmen. Toch is de baan te kort. Bij de laatste magnesiumfakkel begint het ruwe, oneffen gedeelte en ondanks de remmende kracht van de storm en hoewel de gezagvoerder zijn uiterste best doet het toestel te laten stoppen voor het einde van de door de fakkels verlichte baan, stormt de zilveren vogel voort over de oneffen baan. Alles schudt en schokt in het toestel. De piloot krampt zijn handen om het stuurwiel en remt nu uit alle macht. Langzaam gaat de vaart uit het vliegtuig, langzaam, heel langzaam komt het grote toestel tot staan, wat scheefgezakt als een aangeschoten vogel.

God alleen de eer.

In het toestel is het doodstil. Versuft door het geschud en gebonk zitten de passagiers rond te kijken, ze kunnen nog niet geloven, dat ze veilig geland zijn. Ze vreesden het ergste toen alles zo schudde en trilde, en nu

„Dames en heren", klinkt de stem van de gezagvoerder door de boordradio, „we staan veilig aan de grond. God alleen de eer, Hij heeft ons bewaard. Hij heeft zelfs de zware sneeuwstorm doen meewerken, dat alles zo is verlopen.

Hier, vanuit de cockpit zie ik in het licht van de sterke koplampen een metershoge sneeuw-of ijswand opdoemen. Die stormwind heeft de veel te snelle vaart van het vliegtuig zodanig mee afgeremd, dat we bijtijds tot stilstand kwamen. Zie, als de Heere spreekt, zo doet Hij een stormwind opstaan. En wie is Hij, dat zelfs de winden Hem gehoorzaam zijn? "

De gezagvoerder zwijgt een ogenblik. Dan gaat zijn rustige stem verder: „Ik hoop dat niemand van u letsel heeft opgelopen. We zullen kontakt opnemen met het vliegveld en u van alles op de hoogte houden".

Peter en Kees hebben doodstil geluisterd. Wat zijn ze bang geweest, wat hebben ze in doodsangst gezeten! O, dat ze nu veilig geland zijn! 't Is haast niet te geloven. Peter kijkt door het raampje naar buiten. Hij knippert even met zijn ogen. Ziet hij het goed? Bewegen daar lichtjes en komen die hierheen? Hij duwt zijn neus tegen het glas. Ja, warempel, drie, vier lichtjes dansen op en neer in die donkere wereld daarbuiten!

„Vader, kijk eens!" roept hij opgewonden.

En dan wil iedereen naar buiten kijken, dan loopt één van de stewardessen haastig naar de cockpit. Dan gebeuren er ineens zoveel dingen tegelijk!

In de loeiende sneeuwstorm stoppen twee sleden, bespannen met honden. Drie mannen springen eraf, sterke staaflantarens in de hand. Ze zwaaien wild met hun lampen. O, dat zijn vast de mannen van het proefstation!

Dan laat de eerste piloot het kleine raam naast hem openkantelen en leunt met zijn hoofd naar buiten. Eén van de mannen daar beneden zet de handen als een trompet aan zijn mond: „Alles wel aan boord? " schreeuwt hij.

„Ja!" roept de gezagvoerder terug. „Niemand gewond. Hartelijk dank voor uw snelle hulp. We hebben radiokontakt met het vliegveld en volgens de laatste berichten zal de wind tegen de morgen sterk afnemen. De passagiers zullen in groepjes worden opgehaald met het bevoorradingsvliegtuig. Nogmaals hartelijk dank!"

De mannen op het ijs keren hun sleden, ze zwaaien naar de passagiers, die zich voor de verlichte raampjes verdringen om alles toch maar goed te kunnen zien. „Gezegend Kerstfeest!" roepen ze nog. Maar de woorden verwaaien in de wind. En als de piloot het raampje sluit, verdwijnen de honden, de sleden en de mannen in de dichte duisternis. Peter en Kees kijken ze na, zolang ze kunnen. Als ze zich omdraaien zien ze de beide piloten en de navigator de passagiersruimte binnenkomen. De eerste piloot heeft een bruin boekje in zijn hand.

„Dames en heren. Het is nu 12 uur in de nacht, plaatselijke tijd. Ik wilde graag samen met u het Kerstevangelie lezen".

Dan wordt het stil, heel stil in het vliegtuig. En Kees en Peter luisteren zoals ze nog nooit geluisterd hebben naar de aloude en toch zo nieuwe Kerstgeschiedenis. Als de gezagvoerder zijn Bijbeltje dicht doet, kijken ze elkaar aan.

Ze denken allebei hetzelfde:

„Zo'n Kerstfeest hebben we nog nooit gehad!"

Mej. J. W. v. d. Berg.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 december 1973

Daniel | 16 Pagina's

NOOD-LANDING OP GROENLAND

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 december 1973

Daniel | 16 Pagina's