JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

DE TOEKOMST TEGEMOET

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE TOEKOMST TEGEMOET

EEN GESPREK OVER „HET NU EN DE TOEKOMST” MET ALS UITGANGSPUNT HET RAPPORT VAN DE CLUB VAN ROME

7 minuten leestijd

Als uitgangspunt voor een gesprek over „Het nu en cle toekomst" met Kees (K) Dubbeld, Piet (P) Kuiper en Frits (F) Verweij, drie studenten aan de Pedagogische Akaclemie „De Driestar" te Gouda, hebben we het rapport van de Club van Rome genomen.

Iets beklemmends

Tot welke konklusies komt dat rapport?

(P): „Dat als we op deze manier doorleven, binnen afzienbare tijd vastlopen. Het is iets beklemmends, menselijk gezien. Een soort noodlot." (K): „Het is beangstigend."

Zijn de gevaren die genoemd worden reëel?

(K): „Als je op de grondstoffensituatie let, wel."

(P): „En als je let op cle bevolkingsgroei: Over 33 jaar zou de wereldbevolking verdubbeld zijn tot 7, 4 miljard mensen. Dat roept toch ook vragen op."

(F): Bij een gezamenlijke aanpak valt het misschien nog wel mee."

Niet meer dan twee kinderen

Wat doe je als christen met dit rapport? De lamp op rood?

(K): „Aan de problemen rond de industrialisatie, de vervuiling en het afval, moet wat gebeuren. Maar dat de gezinnen niet meer dan twee kinderen mogen hebben, dat gaat tegen de bijbel in."

(F): „In het rapport wordt geen rekening gehouden met de religieuze achtergronden. Alleen het materiële wordt gezien. God is uit het gezicht verdwenen."

(P): „Maar het rapport benadrukt wel duidelijk de verantwoordelijkheid van cle christenen ook voor deze wereld, die toch Gods schepping is."

De grootte van de wereldbevolking en van het gezin ontlokten een heftige discussie tussen de gesprekspartners. Ze zijn alle drie ongehuwd en daarom zullen we dat gedeelte van hex gesprek maar samenvatten: De Heere regeert en Hij heeft geboden dat man en vrouw met verstand bij elkaar zullen wonen. De kinderen zijn een geschenk van God en uit hen zal de Kerk gebouwd worden. Maar dat wil niet zeggen, dat we aan de vragen en middelen' van deze tijd voorbij moeten lopen.

Niet van de wereld, maar wel in de wereld.

(P): „Luther zei: „Als morgen cle wereld vergaat, dan zou ik vandaag nog een boompje planten."

Bouwen en bewaren.

En als het gaat over de vervuiling?

(K): „Een bouwen en bewaren van de schepping, dus zorg mag er zijn."

(P): „Moet er zijn."

(K): „Aan cle andere kant een heilige onbezorgdheid, een vertrouwen clat God Zijn plan uitvoert."

(F): „Wij zijn rentmeesters en dat houdt nog al wat in."

(K): „Door het vooruitgangsgeloof van de zestiende eeuw wordt de schepping niet meer gezien als Schepping Gods. Daardoor is men de aarde gaan gebruiken als een vuilnisbelt."

Dat kan zo niet langer.

Hebben jullie het gevoel dat we in het laatste der dagen leven? Dat we „in de laatste trein zitten, die zijn laatste reis maakt"?

(F): „Als je let op de boosheden in de lucht, waar Efeze 6 over spreekt, dan wijst alles erop." (P): „Noem eens een paar tekenen? " (K): „Als de buitenkerkelijke mensen al zeggen: „Wat moet ervan worden? "; clan zegt dat genoeg. Mijn vader ontmoette deze week een niet-kerkelijk persoon die zei: „Dat kan zo niet meer langer, " dan is de ontknoping dichtbij." (F): „Misschien zal de kerk terug moeten keren in de catacomben! Maar toch komt de wederkomst als een dief in de nacht. Mogelijk staan de dominees op cle kansel te preken, als De Dag aanbreekt." Het gesprek rond „de tekenen" blijft vaag, vrienden. Laat ik het anders formuleren: Hoe komt het dat de mensen zoveel berekeningen maken rond het jaar 2000? (F): „Dat komt door de onvrede en de angst die er is. En terecht. Denk aan de moorden op de straat en de diefstallen." (P): „En we gaan steeds meer internationaal denken en daardoor komen we in kontakt met al de vragen in de wereld."

Ze worden niet uitgerukt.

Is Israël een teken?

(F): „Ik dacht van wel als je let op Romeinen 9 tot en met 11." (K): „Als cle volheid van de heidenen binnen' zal zijn, dan zal gans Israël zalig worden." Wie weet roept God door deze oorlog Zijn volk tot zich. En wordt waar wat in Amos 9 staat: „Ik zal ze in hun land planten en ze zullen niet meer worden uitgerukt." Ik vind de Israëliërs nogal hautain in deze oorlog? (P): „Die mentaliteit is ze opgedrongen en nu ze zich gesetteld hebben, krijgen ze een superioteitsgevoel." Houdt Israël zijn gebied? Piet, jij bent er in 1972 geweest, wat denk je daarvan? (P): „Voor mij persoonlijk is het wel zo. Ik vond het daar prachtig. Op het tempelplein zag ik weer alles voor me. Ook op de berg van de zaligsprekingen." (K): „Zijn er sporen van sympathie voor het christendom? " (P): „In een gesprek na de synagogedienst in Kapernaüm met een groepje Joden, die ook in 1948 al gevochten hadden, vroeg ik: „Hoe ziet U de Messias? " „Dat is hier de vrede tussen de landen." Alles wordt betrokken op het HIER en het NU. Sommigen zien Jezus als de komen Messias."

Koud noch heet.

Is er in de kerk iets te merken van het naderende einde?

(F): „Er is veel lauwheid in de kerken: Het zal wel meevallen. Omgekeerd kan de angst ook uitleiden tot God." (K): „Er blijven altijd mensen die oproepen tot waakzaamheid. Denk aan dr. W. Aalders in zijn boek „Burger van twee werelden." (F): „We moeten wel bedenken dat in de prediking er altijd een oproep tot bekering klinkt, want als je sterft is er voor de mens het gericht. En dan? " (K): „Maar de tekenen der tijden moesten wel aanzetten tot een haasten; het kan geen uitstel dulden." (P): „En dat is in de kerk niet merkbaar."

Geloven op maandag.

Hoe komt dat? Worden de signalen niet opgemerkt?

(P): „Dat komt door de wereldgelijkvormigheid." (K): „Op zondag wel geloven, maar in de week valt het onderscheid weg." Geen zoutend zout? (P): „De preek is slagroomgebak voor de zondag, maar geen brood meer voor alle dag." (Piet's vader is bakker!) (F): „Er zijn ook mensen die zeggen: „God regeert, maar afwachten." Maar dan gebruik je de godsdienst om je aan de problemen te onttrekken." God behoudt toch Zijn Kerk tot het einde?

(P): „De gouden Godsdraad loopt tot het einde."

(K): „De groepen naast de kerk, die sterk de wederkomst benadrukken, ontaarden allemaal. Denk maar aan de Wederdopers en de Labadisten. Aan de berekeningen van de wederdopers hecht ik geen enkele waarde."

(P): „En toch houd ik vast, dat juist deze sekten de kerk wakker schudden en gezien kunnen worden als onbetaalde rekeningen van de kerk." (K): „Dat weet ik niet."

Geen uitstel.

De christenen ook angstig?

(P): „De mens is van nature angstig en bevreesd. Niet meer, als de angst uitdrijft tot de oplossing met een hoofdletter."

(F): „Deze tijd zegt ons dat het niet verantwoord is om nog één dag onbekeerd voort te leven."

(K): „Te midden van de angst over de toestand van de wereld, heeft Gods ware volk toch de maranathaverwachting in zich: De grote dag met groot verlangen tegemoet zien. Artikel 37 (NGB)." Gast en vreemdeling zijn?

(P): „Ja, inderdaad, maar de vreemdelingen zijn ingeburgerd en daarom is de verwachting minder."

(F): „In dit verband krijgt Marx bijna gelijk: Godsdienst hoef je niet te bestrijden, want als je het maatschappelijk goed maakt, dan vergeten ze God vanzelf."

God staat er boven.

Aan het slot van het gesprek hebben we gepraat over de gescheidenheid van cle kerken én de bijbel in de politiek.

De gescheidenheid wordt gezien als een schuld van de kerk in het algemeen en het doorbreken van de historische verworvenheden zal de nodige problemen oproepen. Maar als de mensen het niet doen, dan zal God het cloen. Zij verwachten in de toekomst een toenadering tussen de kerken die, gezien hun basis, bijeen horen. Ds. G. H. Kersten heeft daarvan al een voorbeeld gegeven.

Woord en daad.

Wat denk je van cle SGP?

(F): „De SGP vaart een goede koers. Niet alleen getuigen, maar ook praktisch bezig zijn."

(K): „Het getuigend element dreigt een beetje op de achtergrond te geraken. Juist in deze tijd is een krachtig getuigenis nodig: „Land, land zie je niet dat het mis gaat!"

(P): „Ik ben het met je eerste bewering niet eens. De boodschap is hetzelfde gebleven en klinkt even duidelijk door. Het hoeft er niet duimendik op te liggen; het moet uit de daden blijken."

Vrienden, hartelijk dank voor jullie medewerking.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 november 1973

Daniel | 24 Pagina's

DE TOEKOMST TEGEMOET

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 november 1973

Daniel | 24 Pagina's