HET KIEZEN VAN EEN BEROEP
Wanneer je zelf een ander beroep wilt kiezen dan je ouders graag zouden zien (en dat beroep is geen beroep dat in strijd is met Gods Woord), mag je dan je eigen zin doen of moet je je ouders gehoorzaam zijn? Zo luidde een vraag die onlangs bij de redaktie binnenkwam. De vraagsteller (of stelster) noemt dan het voorbeeld van een meisje dat graag tandartsassistente ivil worden, terwijl haar ouders haar liever op de boerderij houden om thuis te kunnen helpen en van een jongen die graag monteur wil worden terwijl zijn ouders willen dat hij verder gaat studeren en dat hij net als zijn vader accountant wordt.
Het zal duidelijk zijn, dat dergelijke vragen niet altijd zonder meer met ja of nee te beantwoorden zijn. Toch zijn de problemen die hier aangeroerd worden' erg belangrijk. Door de opleiding die men in zijn jeugd volgt wordt immers voor de meeste mensen de latere werkkring bepaald. En dit is iets dat zowel ouders als kinderen dienen te beseffen. Bij de ouders zal daarbij het belang van de kinderen het zwaarst moeten wegen, en zal datgene clat zijzelf graag zouden zien, niet zonder meer de doorslag mogen geven'. Ouders zullen dus niet het latere beroep van hun kinderen mogen bepalen door wat hen op dat moment het gemakkelijkst uitkomt, maar alleen door datgene wat hen het beste lijkt voor hun kinderen. En daarbij dienen we te bedenken clat het belang van onze kinderen niet hetzelfde is als het kiezen van een beroep waarbij ze een zo hoog mogelijk inkomen zullen hebben. Het is veel belangrijker dat iemand in zijn beroep werk doet dat bij hem past en daar plezier in heeft, dan dat hij met tegenzin naar zijn werk gaat en een paar tientjes meer verdient. Natuurlijk dienen we als we jong zijn ook wel te bedenken clat we vaak zelf nog niet goed zien wat het beste voor ons is, hoewel we vaak denken van wel.
Menigeen die in zijn jeugd de brui gegeven heeft aan school-en leerwerk en het belangrijker vond om maar alvast wat te gaan verdienen, heeft daar later spijt van gehad. Ook moeten we niet onderschatten de invloed die onze omgeving, onze vrienden of vriendinnen op ons kunnen hebben. Als een klein kind zijn vader ziet timmeren, wil hij als hij groot wordt timmerman worden; ziet hij hem de volgende dag schilderen, dan wil hij schilder worden. Dit kan van dag tot dag veranderen omdat zo'n kind er natuurlijk geen notie van heeft wat een dergelijk werk als beroep inhoudt. We dienen te bedenken dat iets dergelijks ook nog wel optreedt als we al een jaar of vijftien zijn. Men kiest dan vaak voor een bepaald beroep omdat het werk op zich leuk lijkt, zonder daarbij dingen' te bedenken als: welke vooruitzichten heb ik in dat beroep, heb ik er de capiciteiten voor, in wat voor omgeving kom ik te werken, zal ik het nog leuk vinden als ik dat werk over twintig jaar nog moet doen, etc.
Wanneer er in een gezin liefde en een goede verstandhouding is tussen ouders en kinderen, zullen ook deze dingen bij het kiezen van een beroep overwogen worden en zal daar met elkaar over gesproken worden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 mei 1973
Daniel | 16 Pagina's