JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

JEUGD IN AMERIKA 2

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

JEUGD IN AMERIKA 2

8 minuten leestijd

Oorzaken generatieconflict.

Onze maatschappij is onvolmaakt, doordat we zelf onvolmaakt zijn. De c±s: God lief te hebben boven alles en de naaste als onszelf is zeer moeilijk in praktijk te brengen, en zelfs voor hen die een ander leven hebben leren kennen een opgave die ze niet kunnen volbrengen. Op de menselijke samenleving rust een vloek; het paradijs moest door eigen schuld worden verlaten; een maatschappij zonder gebreken is op aarde niet te bereiken. En toch wordt daarnaar gestreefd. Ja, daar moet zelfs naar gestreefd worden. Jezus leerde ons in de Bergrede wat de voorwaarden zijn voor een gezonde samenleving. Ieder mens heeft een ingeschapen godskennis en een ingeboren gevoel voor goed en kwaad. Er zullen weinig aardbewoners zijn, die beweren dat men gerust mag moorden, sLeien, kwaadspreken, echtbreken' En toch.

En toch gebeuren die dingen welke een aanfluiting zijn voor de waarden van recht, eerlijkheid, trouw en liefde.

Ieder mens maakt fouten, zondigt tegen de wetten van de samenleving, hetzij zonder opzet, hetzij doelbewust. Dan staat de ander onmiddellijk klaar om verontwaardigd de zondaar op zijn feilen te wijzen (alsof hij zelf zonder zonde is). Dit gebeurt in het gezin, en de ruzies tussen man en vrouw, ouders en kind zijn er; het gebeurt in cle fabriek en de prettige samenwerking is verdwenen; het gebeurt in de school en de protesten kaatsen over en' weer.

De sterk toegenomen jeugd (in Amerika een Va miljoen studenten in 1940 en 7 miljoen in 1969) die nu eindelijk de wereld eens verbeterd wil zien, stootte zich aan het gedrag van de ouders, aan de autoriteit van de leraar en aan de dictatuur van de werkgever. Ze zagen dat de over hen gestelden wèl van hun ondergeschikten trouw, plicht en eerlijkheid eisten, maar dat zij zelf niet naar de regels daarvan leefden. De ouderen brachten wel de democratie maar lieten de rassendiscriminatie bestaan: zij hielden vergaderingen over de vrede, maar gooiden met napalmbommen op weerlozen; ze dronken zelf alcohol, maar verboden het gebruik van drugs aan de jongeren; de beginselen waren wel vroom, maar de uitvoering ervan was pet.

De jongeren keerden zich verbitterd af. Radicaal als ze zijn en onvolwassen, konden ze niet begrijpen dat het leven een geven en nemen is; dat de besten fouten maken, dat een utopie niet te verwezenlijken is. Het onvolmaakte is nu eenmaal de prijs van de samenleving. Alleen' persoonlijke rijping en ervaring leert de burger zich neer te leggen bij de dingen zoals ze zijn.

Jeugd en onderwijs.

In grote trekken komt ons onderwijs wel overeen met dat in Amerika wat betreft het lager, middelbaar en hoger onderwijs, alleen is de inrichting vaak anders. Meestal is het lager en middelbaar onderwijs verzameld in één kolossaal gebouw te verdelen in elementair, basisonderwijs, de junior-highschool en de eigenlijke highschool, waarna de leerlingen verschillende kanten op kunnen o.a. naar de universiteit. Als we bedenken dat de genoemde scholen bakbeesten van gebouwen zijn met uitgebreide keukens en eetzalen, dat de leerlingen al vroeg een bepaalde studierichting volgen, maar sporten en dansen wel steeds op het programma staan, dat er honderden onderwijzers en

leraren aan één school verbonden zijn, dan kan het niet anders of cle leerling moet zich in zo'n massa wel eenzaam voelen. Misschien zit hierin al cle kiem tot veel moeilijkheden. Helaas gaat ook ons onderwijs al in die richting en kennen ook wij onze „schoolgemeenschappen", waarin èn leerling èn docent zich een enkeling voelen. Bij veel oudgedienden zal de herinnering wel uitgaan naar die kleine schooltjes van vroeger: een honderd leerlingen met 4a 5 leerkrachten. Ieder kende ieder. Men kon gewoon geen scheve schaats rijden.

Alzo niet in Amerika. Daar gaat de enkeling onder in de geweldige massa. Jongelui hebben weinig binding meer met het gezin. Zakgeld is er volop, een eigen „car" ook. Daarmee crost men in de weekenden door het land. Onder de jongemensen vallen de meeste wegslachtoffers. Er zijn volop openluchttheaters, drive-in-bioscopen en jeugdmeetings die bezocht kunnen worden. De ouders vinden het wel goed. Amerika is het land van de vrijheid. Vader gaat immers naar de kegelbaan en moeder naar de bingo.

Deze jongelui, en speciaal zij die eert universiteit bezoeken, kunnen zich heel wat veroorloven. Ze hebben veel vrije tijd of ze nemen die eenvoudig.

De universiteit, een haard van verzet.

Er is bij de studerenden een toenemende belangstelling voor vakken als psychologie en sociologie, hoewel de maatschappij daar nu niet bepaald om zit te springen. En het zijn vooral de studenten van deze faculteiten die de meeste obstructie voeren. Zij zijn het stilzitten en' gehoorzaam luisteren naar de docent zat. Het overwicht en de meerdere kennis van de docent wordt als arrogantie aangemerkt. Zij willen zichzelf doen gelden, hun leven een zinvol bestaan geven, zij hebben zogenaamd meer werkelijkheidszin. Gevolg hiervan is dat er van de studie weinig terecht komt en de jongelui zich te buiten gaan aan eindeloze discussies, waarbij ze zichzelf graag horen praten, en clie men gerust als zwammen in de ruimte kan bestempelen, vooral ook doordat er geen twee het met elkaar eens zijn. Zeer velen halen de eindstreep nooit, blijven wat rondhangen (het zakgeld van de ouders gaat wel door), ze hebben af en toe een baantje en wonen in communes in een bouwval of een caravan. Ordeverstoringen, discussies met de leerkrachten, protesten' en stakingen zijn er aan de orde van de dag. Veel hoogleraren, die een goede naam hebben, zoeken ander werk (wat er voor die genoeg is), anderen sluiten zich bij de opstandige jeugd aan, om bij hen in een goed blaadje te vallen, om te vissen in troebel water of om hun collega's de rug toe te keren wegens een vermeend onrecht. Over 't algemeen is het zo (wij merken dat bij ons ook) dat studenten wel een potje kunnen breken. Maar als clie potjes tot potten worden... In het voorjaar van 1970 bleef het niet bij protestmarsen en bezettingen, er werden harde acties door de jeugd gevoerd. Dit werd niet genomen' door de overheid, gevolg:4 doden bij een schietpartij in Kent State en 2 in Mississippi. Ondanks vele protesten vond het optreden van de politie tegen de rebellerende jeugd toch wel bijval, daar de hard werkende Amerikaan de belasting moet opbrengen, waarmee de universiteiten worden onderhouden, en' men zich wel eens afvraagt of oproer de hoofdfaculteit soms schijnt te zijn.

De hippies.

Een groot deel van de Amerikaanse jeugd trekt zich niets van deze dingen aan. Het zijn cle hippies, die soms in grote benden door het land zwermen, als trekvogels in hele troepen verschijnen en opeens weer verdwenen zijn. Het zijn de havelozen, de naïevelingen, clie elkaar opzoeken', geen agressie plegen, maar doen waar ze lust in

hebben. Deze doen gewoonweg niet meer mee, leven buiten de maatschappij, bestaan van het zakgeld van de ouders en een handeltje in softdrugs. Hun stelling is: Bemoei je niet met ons, wij bemoeien ons ook niet met u. Ze willen een wereldorde zonder regering en zonder politie, waarin de liefde de basis vormt, 't Lijkt wel heel mooi, maar deze horden zwervers kunnen alleen leven in een welvarende maatschappij die o.a. de rommel opruimt, welke zij achterlaten.

De Nieuw-Linksen.

Een andere vorm van protest wordt geuit door hen die de nieuwe orde af willen dwingen door sit-ins, zwijgende demonstraties en vredesmarsen. Zij moeten over 't algemeen wel intelligenter worden geacht dan de hippies. Ze verwerpen elk „systeem", maken overvloedig gebruik van drugs om „de geest te verruimen" en zien in elke oudere boven de 30 jaar een vijand.

De t. v. leidt op voor de misdaad.

Volgens dr. Wertham (die al jaren een actie voert tegen moorden op de t.v.) heeft een Amerikaans kind van 8 jaar al 8000 keer moorden kunnen zien. Ieder kind kan op elk uur van de dag getuige zijn van folteringen en gruwelmoorden. Is het dan een wonder dat een jongetje zijn rustende vader met een pijl doodsteekt? Of het bed van zijn slapende ouders met benzine in brand steekt? Dat jongelui hun leraar in de klas bewusteloos slaan? Dat men een „onwillig" meisje een arm breekt? Dat inbraak, beroving, autodiefstal en vandalisme zo'n vorm hebben aangenomen dat veel ouderen zich niet meer veilig voelen? Dat er komplete jongensoorlogen worden gevoerd, waarbij doden' en gewonden vallen? Er schijnt geen kruid tegen gewassen te zijn. In Amerika is men niet kinderachtig met het geven van straf. Werk-en strafkampen moeten de ontspoorde jongelui weer in goede banen leiden. Evenwel komt 60-80 °/o na de straftijd weer in de gevangenis terecht. Het schijnt dat men kannibalen uit het steentijdperk beter tot eerlijke burgers kan opleiden, dan de jeugdige bceven, de leeglopers en de krachtpatsers uit de grote Amerikaanse steden.

Kinderen van de duivel.

In 1S66 werd in Californië de eerste „kerk van satan" gesticht. Vanuit deze staat met het hoogste criminaliteitscijfer verspreiden zich de volgelingen van de duivel; het zijn de jongelui die verdwaasd door het gebruik van hard-clrugs en door het lezen van occulte lectuur de schrik van Amerika zijn geworden. Liefst tijdens een hevig onweer voeren deze in communes levende krankzinnigen hun sexuele en gewelddadige gruwelen uit. Twee jaar geleden werd cloor een stel van deze satanaanbidders een kampeerder vermoord en opgegeten. De rituele moorden van cle Mansongroep liggen' nog vers in 't geheugen.

De jeugd heeft de toekomst. Maar wat voor een toekomst? Zal een of andere idioot straks op de knop drukken, die cle atoombom doet ontspringen? Al zou dat gebeuren dan is er nog een toekomst voor hen die naar Gods wet willen leven. Het sein staat op rood.

Slechts één Waarheid torent boven alle wereldbeschouwingen uit: Bekeert u, want het Koninkrijk der Hemelen' is nabij gekomen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 mei 1973

Daniel | 20 Pagina's

JEUGD IN AMERIKA 2

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 mei 1973

Daniel | 20 Pagina's