DE „NIEUWE WERELD”
Het land waarover in het hoofdartikel geschreven wordt is nog niet zo verschrikkelijk lang geleden ontdekt. Daarvoor moeten we terug naar — 1500, om precies te zijn, het jaar 1492.
Vaak had hij gelezen in het boek van Marco Polo, Columbus. Hij was een zeeman. Dikwijls liep hij langs cle havens van Lissabon. Dan keek hij uit over de wijde zee naar het westen.
„Ginds ver ligt Japan", dacht hij dan. Hij had er juist gisteren nog van gelezen.
En als hij er dan met andere zeelui over sprak, dan lachten ze hem uit. „Japan in het westen? " riep er een'. „Ja, " zei Columbus.
„Ach man, Japan ligt in het oosten!" „Goed, maar de wereld is rond. Als je naar het westen vaart, kom je er ook."
„Ja, als je maar lang genoeg vaart" lachte een oude kapitein, „een jaar of drie bijvoorbeeld, nou — goeie reis!"
Die avond zat Columbus weer te meten en te rekenen. Hij draaide een grote wereldbol in het rond. Hij liet z'n vinger over landen en zeeën lopen. En hij cijferde nog eens.
„Achthonderd mijl", bromde hij, „dat is niet eens zo heel ver. Achthonderd mijl naar het westen en' dan ben je in het land van de miljoen wonderen "
En op een dag zei hij: „Ik wil erheen — ik ga er heen!"
Hij stapte naar cle koning van Portugal, legde z'n plan uit en vroeg om schepen.
De koning moest er eens over denken, maar zei tenslotte (na twee jaar): „Nee".
Columbus gaf de moed niet op en ging naar de koningin van Spanje. „Als u mij schepen geeft, is het land, dat ik ginds vind, voor u", zei hij. „U krijgt schepen vol goud en zilver."
De koningin vond dat een' goed plan en gaf Columbus geld voor drie schepen.
Toen hij uitvoer, stond hij trots als
een pauw op het hoge achterdek van zijn schip, de Santa Maria, en keek uit over de zee.
De dagen gingen voorbij met allerlei werkjes, tot de reis voor sommigen toch wel erg lang ging duren — meer dan zestig dagen had men nu al niets anders dan water gezien. Sommigen geloofden al niet meer in dat land aan de overkant. Er kwam onrust onder het scheepsvolk.
„We gaan terug!" riepen de mannen. Columbus schrok. Zou z'n plan nu toch nog mislukken?
„Luister, lui!" riep hij. „Nog twee dagen geduld! Nog twee dagen varen. En als er dan nog geen land in zicht is, gaan we terug!"
Dat was afgesproken — ze voeren verder. De volgende avond zag Columbus licht in de verte. „Ik heb vuur gezien, mannen", riep hij.
„Ach wat! Vuur van de zon, die ondergegaan is en een wolk bescheen", zei een matroos en gaapte.
Maar niemand sliep die nacht, 't Was „aarde" donker Tot de maan opging
Toen riep de uitkijk: Land in zicht!" Allen vlogen' overeind. En jawel, hoor: aan de horizon zagen ze een streep land. Een paar mannen liepen naar de scheepskanonnen — vreugdevuren daverden over de oceaan. De matrozen juichten, omhelsden elkaar. Sommigen knielden neer en dankten' God.
Toen het dag werd, stapte Columbus aan land en plantte er de Spaanse vlag.
Op een afstand stonden de mensen te kijken. Dat waren de bewoners van de „nieuwe wereld". Zouden ze ? De matrozen wachtten af, een beetje bang. Maar nee, die mensen deden hun geen kwaad. Ze lachten en kwamen met eten aandragen. En alles wat ze hadden, wilden ze wel delen met die witte mensen. Maar ze hadden niet veel, zelfs geen kleren. Alleen een vriendelijk hart.
Hè, hè! De matrozen konden' uitpuffen. Na tien weken — 70 dagen — varen hadden ze dan toch het verre land gevonden.
Columbus laadde zijn schepen vol met allerlei mooie dingen. Vooral goud en zilver. Hij voert terug naar Spanje. Daar bood hij de schatten van de „nieuwe wereld" aan de koningin aan.
Amerika werd later die nieuwe wereld genoemd. Niet naar Columbus, maar naar een Italiaans zeevaarder, Amerigo Vespucci, die kort na de dood van Columbus ontdekkinsreizen naar het westen maakte.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 april 1973
Daniel | 16 Pagina's