HET RODE KRUIS
In 1853 ontstond een oorlog tussen Rusland (tsaar Nicolaas I) en Turkije. De aanleiding was de bezetting door de Russen van de Donauvorstendommen: Moldavië en Walachije. Engeland (koningin Victoria), Frankrijk (Napoleon III) en een jaar later ook Sardinië trokken partij voor de Turken. De strijd tussen Rusland enerzijds en Engeland, Frankrijk, Sardinië en Turkije anderzijds, wordt beslist op de Krim, een schiereiland tussen de Zwarte Zee en de Zee van Azov. Het werd een bloedige oorlog. De hulpverlening aan gewonden en stervenden was heel gebrekkig. In Scutari bevinden zich de hospitalen van de Engelse troepen. Van hulp aan de vijand is echter geen sprake. Een internationale hulpverlening kent men niet. Rode Kruis soldaten of verpleegsters waren er in die tijd niet. Na d.e veldslag is de ellende op het slagveld onvoorstelbaar. Wie zal de gewonden helpen, de stervenden troosten, de doden begraven?
Florence Nightingale.
Bij het uitbreken van de Krimoorlog (1854) vertrekt uit Engeland een verpleegster naar het slagveld op het Russisch schiereiland. Samen met nog veertig andere dames richt zij een hospitaaldienst in. Ze kijkt niet naar vriend of vijand, ze brengt — ook op het slagveld — troost aan stervenden en probeert het lijden der gewonden te verzachten. Zij vraagt niets, zij geeft alleen maar en is samen met de andere verpleegsters dag en nacht in de weer. Je ziet haar gaan langs de rijen gewonde en gekwetste soldaten, haar lamp in de hand. Ze bemoedigt, verzorgt en vertroost. Is zij soms de oprichtster van het Rode Kruis? Heeft zij die over de hele wereld bekende vereniging gesticht? Nee, Florense Nighiingale, the lady with the lamp, heeft met de oprichting van het Rode Kruis niets te maken. Je kunt haar wel beschouwen als de grondlegster van de moderne ziekenverpleging, maar het Rode Kruis is opgericht door:
Henry Dunant.
In 1859, drie jaar na het beëindigen van de Krimoorlog, verslaat Napoleon III van Frankrijk de Oostenrijkers bij Solferino, een stad in Italië. Henry Dunant een Zwitser, ziet cle grote ellende op het slagveld na cle strijd. Geen hulp voor gewonden en stervenden, geen graf voor de doden. Tot in het diepst van zijn hart bewogen gaat deze man aan het werk. Kerken en' kloosters richt hij in als hospitalen en vriend en vijand worden verzorgd en verpleegd. Als het slagveld is ontruimd, als de doden zijn begraven, als niets meer herinnert aan die vreselijke strijd, gaat Henry niet naar huis met de woorden: „Zie zo, dat hebben we gehad".
Nee, de gedachte aan een nieuwe oorlog, aan een nieuwe strijd, misschien wel in een heel ander deel van Europa, of waar ter wereld dan ook, laat hem niet los. Hij zal ieder laten weten, wat hier is gebeurd. Hij zal de mensen toeroepen' welke grote ellende iedere slag meebrengt, hce vreselijk het is als de strijd voorbij is en de gewonden op het slagveld achterblijven. En hij schrijft zijn herinneringen aan de slag bij Solferino op. „UN SOUVERNIR DE SOLFéRINO". Dit boekje schudt de wereld wakker. Vier jaar later wordt het Rode Kruis opgericht. (1863)
Waarom een kruis, waarom een rood kruis?
Zoals je al gelezen hebt was Henry Dunant een Zwitser. Zijn geboorteplaats was Genève. En die — ook voor ons zo bekende (waarom? ) — stad wordt de hoofdzetel van het Rode Kruis. Genève wordt de stad, waar men zoeken gaat naar een teken, naar
een embleem, dat bekendheid moet verkrijgen overal, waar mensen wonen. En dat teken is gevonden! Men heeft om het vaderland van Henry te eren, de vlag van dat land „omgedraaid". Het witte kruis in de vlag van Zwitserland wordt rood en het rode veld, waarin dit kruis staat wordt wit. Hebben alle landen dit rode kruis in het witte veld als teken van hulp in nood? Nee, Irak, Jordanië, Turkije, Perzië en alle andere z.g. Moslimlanden' voeren een Rode Halve Maan of de Rode Leeuw en Zon. Maar hoe dan ook, een Kruis, een Leeuw of een Maan, dit teken garandeert neutraliteit! In tijden van nood, in geval van oorlog zullen allen, die dit teken in hun vlag, op hun mouw, jas of waar dan ook dragen èn vriend èn vijand te hulp komen.
Het Nederlandse Rode Kruis.
Niet direkt kreeg de vereniging, die door Henry Dunant was opgericht de voor ons zo bekende naam. Van 1863 - 1880 heette zij: „COMITé VOOR HULP AAM GEWONDE KRIJGSLIEDEN". Pas daarna ontving zij de naam: „HET RODE KRUIS". In Nederland werd het boekje „Un souvernir de Solférino" vertaald door Dr. Basting. Hij was het, die namens ons land te Genève de verdragen ondertekende. Hij was de initiatiefnemer tot stichting van het Nederlandse Rode Kruis. Koning Willem III had grote belangstelling voor de plannen' van Dr. Basting. En in 1867, de 19de juli, kwam men bij Koninkrijk Besluit tot de oprichting van het Nederlandse Rode Kruis.
Barmhartigheid in oorlog en vrede.
De oorspronkelijke taak van het Rode Kruis was — en dit was de kerninhoud van de besluiten, die in 1863 waren genomen — om tijderïs oorlog vriend èn vijand te hulp te komen en met dezelfde zorg te verplegen. Maar spoedig beginnen de landelijke Rode Kruisverenigingen in vredestijd bepaalde taken op zich te nemen. Zieke mensen zijn er altijd te verplegen. Overstromingen', aardbevingen en andere rampen vragen onmiddellijke hulp. Het werk van deze verenigingen, die in steeds meer landen worden opgericht, wordt veelomvattender. Er ontstaat een:
1. Materiële hulpverlening. Zonder aanzien van nationaliteit of godsdienstige richting wordt een land, dat b.v. getroffen is door een aardbeving geholpen. Er worden medicamenten, levensmiddelen, dekens e.d. gezonden.
En om nu bij het Nederlandse Rode Kruis te blijven, er komen:
1. Hulpposten langs de weg. Zo snel mogelijk hulp in geval van een ongeluk. 2. Hulpposten langs het strand. 3. Boottochten voor langdurige zieken. Wie van jullie kent nu niet het Rode Kruisschip „De J. Henry Dunant"? 4. Er komt een Henry Dunanthuis te Zeist, waar invaliden gratis een vakantie mogen doorbrengen. 5. Bloedtransfusiedienst. 6. Lectuurdepöt. Jullie weten ze vast wel te staan, de Rode Kruis „brievenbussen", waarin je boeken en tijdschriften kunt gooien. 7. En niet te vergeten het Welfarewerk. Werkstukjes (b.v. brei-en naaiwerk) doolzieken vervaardigd, worden verkocht ten bate van het Rode Kruis. 8. Ook is er de Blindenzorg en Hoornvliestransplantatiedienst.
Het Jeugd-Rode Kruis.
In 1946, dus vlak na de tweede wereldoorlog, toen het leed en cle ellende, die deze oorlog had veroorzaakt, nog zo vers in het geheugen lag, werd het Jeugd Rode Kruis opgericht. Meer dan 60 miljoen kinderen, verdeeld over 83 landen, zijn betrokken bij het werk van deze vereniging. Vooral de laatste twee jaren heeft het werk van het Jeugd Rode Kruis zich enorm uitgebreid. Wat is nu eigenlijk het doel van deze vereniging? Kunnen kinderen, die lid zijn van dit „Rode Kruis" dan helpen bij de Bloedtransfusiedienst? Of zouden' ze misschien kunnen helpen op de „Henry Dunant"?
Nee, je snapt heus wel, dat het niet de bedoeling is om „grote mensenwerk" te gaan doen. Dat verwacht niemand van jullie. Maar wat doet het Jeugd Rode Kruis dan?
1. Het inzamelen van boeken en tijdschriften.
2. Jeugd E.H.B.O.-onderwijs. Op eenvoudige en duidelijke wijze leer je eerste hulp verlenen bij kleine (soms „alledaagse") ongelukken. Wat te doen bij een bloedneus b.v.?
3. Hulp bij rampen. Stuur een' pakje naar een slachtoffertje in dat rampengebied.
H. Dunantfonds. Je kunt geld inzamelen om invaliden en zieken te helpen.
Beterschapswensen voor zieke kinderen. Er zijn bedrukte beterschapskaarten verkrijgbaar. Zo'n kaart draagt het embleem van het Jeugd Rode Kruis links bovenaan. In wel twintig verschillende talen staat te lezen: Van harte beterschap.
6. Ook zijn er Getekende nieuwjaarskaarten voor zieken en bejaarden.
7. Bevordering van het internationale wederzijdse begrip. Je kunt met je klas een plakboek maken. Niet zomaar wat plaatjes verzamelen en inplakken, maar b.v. een fijne aardrijkskundeles over een bepaalde stad of provincie „uitbeelden". En dan zo, dat de klas in het vreemde land, waar je het boek heenstuurt, goed begrijpt hoe die stad er uit ziet.
Wil je graag alles weten over „jullie" Rode Kruis, lees dan het boekje „Jeugd Rode Kruis". Er staat niet alleen veel in te lezen, maar er valt ook veel uit te leren. Je kunt het krijgen bij: Nederlandse Jeugd Rode Kruis, Prinsessegracht 27, Den Haag.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 maart 1973
Daniel | 24 Pagina's