STEMMEN ! WAAROP ? WAAROM ?
Op 29 november a.s. zullen er weer a gemene verkiezingen worden gehoude Voor de eerste keer zullen dan ook 18 tot 21 jarigen hun stem mogen ui brengen. Een belangrijke gebeurten dus. Het is dan ook zinvol eens na gaan wat er op deze woensdag op h spel staat. Ons land bevindt zich mo menteel niet alleen in economisch op zicht in moeilijkheden; ook op het poli tieke terrein stapelen de probleme zich op.. Het kabinet-Biesheuvel is reed na een jaar gevallen, hoewel het in ze is gegaan als het kabinet-der-sterk mannen. Volgens de tot nu toe gehoude opinie-onderzoeken zullen de komend verkiezingen echter geen oplossing bie den. Zomin „rechts" als „links" zulle een meerderheid kunnen behalen. Hie onder volgt een staatje. Het eerste rijtje cijfers is het percentage dat de partijen behaalden bij een enquête gehouden in september j.1. Het laatste rijtje is het percentage dat deze partijen behaalden bij de laatstgehouden 2de Kamerverkiezingen.
De P.v.d.A. zou dus de grootste winst maken. Zij voert helaas af en toe haar verkiezingscampagne op een platvloerse wijze. Zo werd in een radio-uitzending van de P.v.d.A. Biesheuvel omschreven als „een groot brok vlees" en een „gluiperd". Over de koningin werd gesproken als „dat goede mens". De heer Wiegel, fractieleider van de V.V.D., had indertijd met „het badwater weggegooid" moeten worden en was „een onzalig stuk vreten". De grootste partij in Nederland voert dus haar verkiezingscampagne niet met zakelijke argumenten, maar met scheldwoorden! Een poging om zich geliefd te maken bij do jeugdige kiezers door zich hun woordgebruik eigen te maken? Tóch heeft de partij ook wel zakelijke wensen geformuleerd, maar we wrijven onze ogen uit als we deze eens lezen. Vanuit de partij is naar voren gebracht dat:
— de kernwapens van Nederlands grondgebied verwijderd moeten worden.
— de Navo moet verklaren nooit als eerste, kernwapens te gebruiken.
- de dienstplichtigen de vrijheid hebben te kiezen tussen burgerdienst dan wel militaire dienst.
- het defensie-budget fors besnoeid zal moeten worden,
- veel meer gedaan zal moeten worden aan enz. enz. enz. ontwikkelingshulp enn. enz. enz.
Men bleek niet bereid de argumenten vóór en tegen aangedragen door vooraanstaande olitici serieus af te wegen. Alles wat in de reuk van het radicale en' linkse stond, erd zonder noemenswaardige discussie geslikt. Nu heeft het partij-bestuur een en nder wel afgezwakt, maar het feit blijft bestaan dat, als men alle wensen van de .v.d.A. op een rijtje zet, het geld domweg ontbreekt om alles te financieren. Dit can alleen maar met een forse verzwaring van d.e lasten en uiteraard wordt dan, \ raadt het al, met de vinger gewezen naar de midden-en hogere stand. Men krijgt egenwoordig bijna de indruk dat het een schande is en dat men a-sociaal is als nen een redelijk inkomen heeft. Natuurlijk behoeft de „lagere stand" niet in d.e kou ezet te worden, maar het verbaast me ook wel eens dat allerlei loze en oppervlakkige, om niet te zeggen' domme, kreten als b.v. loonnivellering, door zovelen geslikt worden. (loonnivellering: het verschil in inkomen moet geringer gemaakt worden. Een fabrieksdirecteur mag niet twee, drie keer zoveel verdienen als zijn arbeider). Ze zijn n.1. vrij gemakkelijk te weerleggen. Maar genoeg hierover. Ik kom tot de conclusie dat de P.v.d.A. van dit moment met het badwater weggegooid meet worden, om het eens in de terminologie van de P.v.d.A. te zeggen'.
Nauw met de P.v.d.A. verbonden is D '66, een partij die nogal wat aantrekkingskracht had, op vooral de jeugd. Hun voorman, de heer Van Mierlo, werd eens door Godfried Bomans als volgt beschreven: „De heer Van Mierlo heeft het gezicht van een Leids student, over wie zijn ouders zich terecht ernstige zorgen gemaakt hebben, maar die dan nog net op zijn pootjes terecht is gekomen. Het getuigt van een ter elfder ure bedwongen losbandigheid, die men vroeger bij afgestudeerde kroegtijgers wel aantrof en nu bijna legende is". Uiteraard zijn dit geen' zakelijke argumenten om niet op deze partij te stemmen. D '66 is een voorstander van een gekozen burgemeester, een gekozen minister-president en van het districtenstelsel. Op geen van deze punten kunnen we hier uitvoerig ingaan terwille van de ruimte. Orn onze kritiek op deze partij heel kort samen te vatten:
D '66 is indertijd ontstaan met de bedoeling om een einde te maken aan de versplintering op politiek terrein, (vandaar b.v. het districtenstelsel: de consequentie hiervan is dat er vele kleinere partijen het veld moeten ruimen). Nu D '66 echter zelf ook een „arrivé" is, een partij met een bepaalde traditie, gaat zij meer en meer het accent leggen op haar eigen zelfstandigheid. Zij speelt dus braaf het politieke spel mee en' dreigt zelfs af en toe aanhangwagen van de P.v.d.A. te worden. Om politieke verdeeldheid te voorkomen zou D '68 net zo goed op kunnen gaan in de P.v.d.A., één stroming meer of minder maakt binnen de P.v.d.A. toch niets uit, maar D '66 blijft nu liever haar eigen identiteit oppoetsen.
De welwillende lezer, die tot hiertoe dapper dit artikel heeft doorgezwoegd, zal nu mischien zeggen: „Goed, tot dusverre helemaal akkoord. Ik was toch al niet van plan mijn stem aan een linkse partij te geven. Maar wat dan? Is het dan niet beter mijn stem uit te brengen op de A.R.P., de C.H.U. of D.S. '70? Die kunnen als middelgrote partij tenminste nog een' tegenwicht vormen. Als ik mijn stem aan een kleine rechtse partij geef, is die vanuit dit standpunt verloren."
Het is hier de plaats om eens in te gaan op het verschil tussen „links" en „rechts" in de politiek. Heel populair gezegd kunnen we het volgende schema opstellen:
— extreem-linkse partijen. Zij willen deze maatschappij afbreken en een nieuwe maatschappij stichten, waarin begrippen als eerlijkheid, gelijkheid en' rechtvaardigheid tot hun recht kunnen komen. Weg dus met de kapitalisten, leve het socialistische ideaal van de gelijke mens. Koppig blijft men hieraan vast houden, hoewel uit de loop der eeuwen hen toch wel eens duidelijk had moeten worden dat de ene mens nooit gelijk is en gelijk kan worden aan de ander. Er zullen er altijd zijn en blijven die zich ontworstelen aan de „grauwe massa". Kijkt u maar eens naar het communisme in Rusland; er is altijd een kleine elite die leiding geeft en een grote massa die gehoorzaamt. Het is dan nog maar een kleine stap om zich de daarbij behorende statussymbolen eigen te maken. Dan kun je nog beter in het
Westen zitten, daar is die bevoorrechte groep tenminste heel wat °roter v.b.: de C.P.N.
— linkse partijen. Ook zij leven in onvrede met deze maatschappij en willen dez drastisch hervormen. Het verschil is echter dat zij dit op een democratische* mani° willen doen en iets minder vérgaand dan extreem-links. Dus: de verkiezingen 29 november winnen en een regering vormen. (Zoals we gezien hebben /.al volgen' de huidige enquêtes geen partij, ook geen combinatie van linkse of van rechtscL partijen een meerderheid kunnen behalen, zodat in dat geval de verkiezingen - vt; oplossing zijn.) v.b.: P.v.d.A. en D'66.
— rechtse partijen. Zij voelen zich wel op hun plaats in deze maatschappij, ma'! geven toe dat hervormingen noodzakelijk zijn. Je moet je nu eenmaal aanpasser aan gewijzigde omstandigheden. Ze willen clie wijzigingen in een kalm tempc doorvoeren, v.b.: K.V.P., A.R.P., C.H.U. en D.S. '70.
— extreem-rechtse partijen. Zij voelen zich helemaal niet thuis in deze maatschappij, maar zijn helemaal afkerig van het toekomstideaal van links en extreem-links Dan nog liever willen ze houden wat ze nu hebben. Vaak tref je hier een heimwee naar en een idealisering van het verleden aan (die goede oude tijd), v.b.: Ned. Appèl, Boerenpartij.
Op de brenzen van deze vier categoriën treffen we dan enerzijds P.S.P. en P.P.R. aan en anderzijds G.P.V. en S.G.P.
Het verschil tussen de A.R., C.H.U. en D.S. '70 met links is dus o.a. een kwestie van tempo. Er is meer, ik weet het. En met de verkiezingen in het vooruitzicht worden die tegenstellingen scherper gemaakt. Maar als men in het verleden met elkaar in één kabinet heeft gezeten en dat voor de toekomst niet geheel is uitgesloten, moet men dichter bij elkaar staan dan het lijkt. Een compromis is dan mogelijk gebleken.
Er is nóg meer. A.R. en C.H.U. zijn eigenlijk nauwelijks meer de naam van christelijke partijen waard. Ook al heeft met name de C.H.U. een zwaai naar rechts gemaakt, tcch is de evangelische inspiratie waaruit deze partijen beweren te leven nauwelijks meer dan een vlag die de lading moet bedekken. Ik weet dat heel veel mensen hier schouderophalend aan voorbij zullen gaan en dat dit voor hen geen motief zal zijn om niet op deze partijen te stemmen. Dat gaat zo in een ontkerstende en ontkerstenende maatschappij.
Met diegenen van de lezers die nu nog bereid zijn verder te lezen, zullen we nu de laatste stap gaan wagen.
„Goed", zult u zeggen, „dan geef ik mijn stem aan een partij die oprecht christelijk probeert te zijn. Maar welke dan: G.P.V. of S.G.P. ? clan heeft het G.P.V. mijn voorkeur. Jongeling is wat soepeler en wat zakelijker dan de S.G.P. Die is star, zwaar op de hand en nauwelijks in staat met zakelijke, politieke argumenten te komen". Laten we tot slot ook dit argument eens aan een nader onderzoek onderwerpen.
Op de Chr. Scholengemeenschap „De Driestar" te Gouda is niet zolang geleden een enquête gehouden omtrent de politieke voorkeur der leerlingen. Op de Havo stemde 50% voor de S.G.P., 25% voor diverse andere partijen en 25% blanco (een blamage voor het geschiedenisonderwijs). Er was één leerling bij die grappig wilde zijn en op de Bejaardenpartij had gestemd. Op de kweekschool lagen de verhoudingen als volgt: Klas I. Totaal 21 leerlingen. V.V.D. 1 stem, S.G.P. 16, C.H.U. 1, D '66 1, A.R. 2. Klas II. Totaal 24 leerl. P.P.R. 1, V.V.D. 1, S.G.P. 12, C.H.U. 3, A.R. 6 en G.P.V. 1. Een duidelijke voorkeur dus voor de SG.P. Vanwaar die geringe belangstelling voor het G.P.V. ? Ik dacht dat een duidelijke oorzaak was, dat het G.P.V. sterk kerkgebonden is. Iedereen mag uiteraard zijn stem geven aan het G.P.V., maar alleen diegenen die lid zijn van de Gereformeerde Kerk art. 31 kunnen en mogen lid worden van het G.P.V. De S.G.P. is dus wat ruimer van structuur. Deze partij heeft een duidelijke afkeer van alles wat naar links riekt. Godfried Bomans schreef eens het volgende over, de overigens door mij zeer gewaardeerde, ds. Abma: „Het viel mij op, dat ds. Abma tijdens bewogen passages even de hand op het hart legde, hiertoe telkens de rechterzijde van zijn vest kiezend. Een zo ver doorgevoerde afkeer van links is niet zonder neurotische trekken". Natuurlijk wil ik graag toegeven dat men zich moet hoeden voor een extreme standpuntbepaling. Alweer Godfried Bomans geeft daar een fraai staaltje van. „U zult het niet geloven, maar
een man als Scholten pleitte in aile ernst voor handhaving van het. processieverbod en voerde als argument aan, dat de gereformeerden anders gedwongen waren zich „voor de roomse broodgod in de modder te werpen"."
Een eventuele samenwerking' met de K.V.P. werd afgedaan met de opmerking: „Als u zich herinnert wat er met Naarden en Haarlem gebeurd is, dan weet u toch, w r at ons van de K.V..P. te wachten staat? " Daarbij werd gedoeld op de tachtigjarige oorlog!
Toch heeft de partij op dit moment bekwame vertegenwoordigers in de Tweede Kamer zitten. Een bewijs hiervoor? Normaal is dat een minister met een wetsvoorstel komt; ook een tweede kamerlid heeft dit recht, maar aangezien dit een moeilijke zaak is, is dit sinds 1921 nog maar één keer gepresteerd. En dat is verricht door een vertegenwoordiger van de S.G.P. in de Tweede Kamer, (n.1. Ir. Van Rossum).
Tot slot nog dit. Wie er oog voor heeft, kan duidelijk allerlei ontbindingsverschijnselen waarnemen in onze samenleving. Niet alleen op politiek en economisch terrein, maar ook in moreel opzicht nadert deze maatschappij het nulpunt. Dat is het resultaat van de ontkerstening, van het schipperen met het Evangelie. Christelijke politiek heeft echter een totaal karakter. „Wie niet voor Mij is, is tegen Mij". Zodra de christen zijn toevlucht zoekt tot het compromis, betekent dat voor het christendom de verwereldlijking. De Bijbel leert ons dat. De geschiedenis ook.
Daarom: blijft u op 29 november niet weg van de stembus.. Er staat te veel op het spel. Ga naar het stemhokje en maak daar een welbewuste, verantwoorde keuze. Laten we pogen nog iets van de christelijke waarden in onze samenleving te redden. We mogen niet toegeven aan een onverschillige houding in deze. Vooral in onze tijd is het klemmend noodzakelijk een ander geluid te laten horen, een werkelijk evangelisch geïnspireerd geluid. Waarom de S.G.P. gestemd? Omdat deze partij zich wenst te richten naar Gods Woord en Wet!
Mijn excuses voor het feit dat in dit artikel vele zaken niet uitgewerkt konden worden. De mij toegemeten ruimte liet dit niet toe.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 november 1972
Daniel | 16 Pagina's