ACHTER-GRONDEN VAN MODERNE MUZIEK
VRAAGGESPREK MET DHR. PROF. DR. H. R. ROOKMAKER
Beat-en popmuziek hebben de laatste tien jaren onze samenleving veroverd. Na de rock 'n roll was er geen' houden meer aan. In garages, werkplaatsen en kantoren gieten luidsprekers dagelijks golven hard geluid over personeel, klanten en bezoekers uit. Miljoenen grammofoonplaten met deze muziek vinden nog steeds hun weg naar gezinnen, naar meisjes-en jongenskamers.
Deze feiten vragen om bezinning. Welke achtergronden heeft de wereld van de moderne jazz, de beat en de pop? Zijn er samenhangen met het moderne levensbesef? Hoe moeten we waarderen, oordelen, handelen? Die vragen hebben we met andere voorgelegd aan prof. dr. H. R. Rookmaker, hoogleraar in de kunstgeschiedenis aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Prof. Rookmaker, die behoort tot de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt, heeft bekendheid gekregen door zijn publicaties over hedendaagse kunst en muziek.*) Hij is een van de zeer weinigen die foij de analyse en beoordeling van de moderne kunst van een bijbels standpunt uitgaat. We hebben het daarom zeer gewaardeerd, dat hij spontaan zijn medewerking toezegde voor een vraaggesprek.
Het interview werd geopend met enkele vragen over de jazzmuziek, die aan het begin van onze eeuw ontstond en het begin vormde van een nieuwe ontwikkeling.
Waarom vond de klassieke jazzmuziek in onze westerse cultuur zo'n weerklank?
In de eerste plaats is van belang, dat de eigen amusementsmuziek van die tijd — de jaren' twintig — zo leeg, zo volkomen oppervlakkig was, dat een flinke injektie gewoon noodzakelijk was. Die vond men in deze negermuziek. Vanuit de neger gezien is het in zekere zin een stuk tragiek, dat alles wat hij doet, door de blanke wordt opgepikt voor zijn ontspanning.
Ook bood de jazz een mogelijkheid voor de Westerling, een mogelijkheid tot protest, zijn protest tegen een verburgerlijkte samenleving. Dat verburgerlijkte zou ik willen omschrijven als het proberen om een net menselijk leven op te bouwen, zonder dat daarvoor een principiële basis aanwezig was. Dat protest heeft echter niet lang geduurd, omdat de commercie zich op de jazz wierp en die klaar maakte voor massaconsumptie. Daartegen zijn de musici zelf in opstand gekomen. Dan kom je o.a. bij de moderne jazz, die na de tweede wereldoorlog opkomt.
Is er samenhang tussen deze moderne jazz en het huidige levensbesef, zoals dat in het existentialisme door Sartre en anderen wordt vertolkt?
Deze muziek is in de veertiger jaren gemaakt door intellektueel begaafde musici, die diep hebben nagedacht over de kernvragen van onze samenleving en de zin van het menszijn. Ik dacht inderdaad, dat er, in de diepte, veriband is tussen wat een man als Sartre zegt en dit soort muziek, die je in zekere zin existentialistische muziek zou kunnen noemen. Er zijn parallellen: de wanhoopstemming b.v. Na de oorlog sloeg deze muziek direkt aan. Het was toen een soort mode om in een wanhoopstemming te luisteren. Bij de beat generation 2 ) die in de literatuur de toon aangaf, hoorde deze jazz, waarin de muzikale normen werden doorbroken.
Daarmee kom je in een soort sneeuwbaleffekt terecht. Na de eerste gewenning blijft de behoefte bestaan aan soortgelijke felle prikkels. Als iets fel is, zal het steeds feller worden. Deze ontwikkeling is dan ook geëindigd in de z.g.n. free jazz, waarin geen enkele regel meer wordt aanvaard. Achteraf kun je natuurlijk zeggen, dat er wél regels waren, die werden gevolgd. Maar dat komt, omdat men iedere keer weer verder gaat. Het wordt dus steeds meer een in zekere zin anarchistische levensuiting.
Bestaan er verschillen tussen rock '11 roll en beat? En kunt U enkele algemene achtergronden schetsen?
Ik geloof dat je achter deze verschillende woorden niet te veel diepzinnigs moet zoeken. Ze geven variaties weer binnen één grote stroming. Rock 'n roll is een wat ouder genre. De Amerikanen spreken van rock. Beat is meer een Engels woord. Een heleboet beat is als het ware een imitatie van rock.
Deze muziek past geheel bij de levensrevolutie, die wij in deze jaren meemaken. Vergeet U echter niet, dat de wortels van dit verschijnsel te vinden zijn in de periode van de Verlichting, de achttiende eeuw dus. Toen heeft dé revolutie in het denken plaats gevonden, die volop doorwerkt in onze hedendaagse samenleving. Ik herinner aan het boek van Groen van Prinsterer — „Ongeloof en revolutie" — dat in het midden van de vorige eeuw geschreven werd en een analyse geeft van de revolutiegedachte. Het is een boek dat iedereen' tegenwoordig zou moeten lezen, omdat het profetisch is. In zekere zin zou je - kunnen zeggen, dat in onze zestiger jaren de Verlichting op straat is gebracht. In de rock 'n rollwereld stuit je op dezelfde gedachten. Ik citeer daarvoor vaak een lied van Bob Dylan. Hij zegt daarin, dat hij vroeger zo goed wist wat goed en kwaad was. Maar in zijn nieuwe wereld, waarin hij nu gekomen is, bestaan geen normen meer Onlangs sprak ik met een' student die het niet erg vond dat er winkeldiefstallen waren. Hij kon daarvoor allerlei sociologische verklaringen geven, maar hij wilde er niet aan dat die winkeldiefstal als zodanig zónde was. Dat is het normverlies wat we om ons heen zien. Duizenden gaan over de drempel van een wereld-met-normen naar een wereld-zonder-normen. Dat is géén kwestie van een nieuwe generatie. Veel jongeren gaan die drempel over, maar ook veel ouderen.
Hoe komt het dat bij beat je horen en zien vergaat? Waarom dat maximum aan geluid?
Dat is een moeilijke vraag. Ik weet niet of er iemand is die het waarom helemaal onder woorden kan bren'gen. Zeker speelt de factor „cool communication" (koude communicatie) een rol. Vroeger probeerde je al luisterend iets van de muziek te begrijpen. In het genieten speelde een stuk analyse mee, ai was dat niet puur een verstandskwestie. Dat is met deze nieuwe muziek niet het geval. Daarin worclt je opgenomen. Je gaat er deel van uitmaken. Je maakt tot op zekere hoogte een trip. Dat kun je met drugs doen, maar ook met muziek. Je verliest je zelf er min of meer in. Dat is de bedoeling. Het gaat helemaal niet om een analyse. Vandaar ook de lichteffekteri, waardoor je de zanger of zangeres niet goed ziet. Het blijven flitsen. Toch komt er iets over. Er is „cool communication" — de term is van Mac Luhan, schrijver van het bekende „Mens en media" — waarbij alle zintuigen' zijn ingeschakeld. Deze communicatie is er niet door het overtuigen van de ander, maar door het meedoen met
Welke kant gaat deze muziek de laatste tijd op?
Er is wel een ontwikkeling geweest. Het is de afgelopen jaren allemaal wat zachter geworden. Maar om nu precies aan te geven wat het verschil is tussen beat en pop is verschrikkelijk moeilijk. Er zijn liedjes bij met een' serieuze bedoeling, met een echt protest, maar er is ook het geldmaken met deze dingen, het uitbuiten ervan door de commercie. Soms zit er wel een aardig liedje bij. Je hebt die harde tripmuziek, die al ter sprake kwam, maar er is ook veel wat vrolijk of sentimenteel is. Meestal
is er nog net iets meer inhoud dan bij d.e Hollandse smartlappen als „Abraham en zijn zonen", waar de inhoudsloosheid en de onbenulligheid afspringt.
Ik hoor nog al eens de vraag: „Kun je als christen deze moderne muziek aanvaarden, die zo vaak ellende, wanhoop of revolutie vertolkt? "
Kijk, ik vind die probleemstelling onaanvaardbaar. Als mijn buurman Pieterse communist is, moet ik hem dan daarom niet als mijn naaste aanvaarden? Ik moet dat doen, omdat hij mens, schepsel Gods is. Dat betekent niet, dat ik het met hem eens moet zijn of vriendschap in diepe zin met hem moet sluiten. Maar ik mag aan zijn nood niet voorbijgaan; ik moet kontakt met hem zoeken. Anders lopen we met de priester en de Leviet uit de gelijkenis de gewonde voorbij. Het is juist daarom onze plicht om te weten wat er in deze wereld omgaat. Neem nu die existentialistisch gekleurde muziek. Daarin wordt in zekere zin het eerste stuk van onze catechismus vertolkt: de ellen'de wordt uitgeschreeuwd. De leugen is echter, dat hier de ellende alles is, dat de verlossing ontbreekt. Er is geen antwoord. Dat antwoord moet de christen wél geven.
Maar je kunt toch moeilijk volhouden, dat iedere christen van alles op de hoogte moet zijn?
Zo bedoel ik het ook niet, maar de christelijke gemeenschap als geheel moet zich met deze dingen bezig houden. De een met dit, de ander met dat. Anders mis je de boot. Dan wordt het ene terrein na het andere volledig en voetstoots aan het ongeloof prijs gegeven.
Waarom zijn wij niet de eersten' geweest, die over de bedreiging van het leefmilieu zijn gaan praten? Wij hadden toch vooraan moeten staan en moeten zeggen: „Dit is Gods schepping. Die mogen wij toch niet kapot maken? " Waarom hebben wij jaren terug de oorspronkelijke negerjazz afgewezen zonder ook maar te luisteren en ons af te vragen of er impulsen uit konden worden geput voor de vernieuwing van de christelijke muziek? Beseffen we onze roeping nog wel voldoende?
Is er dan helemaal geen oorspronkelijke christelijke muziek gemaakt in deze eeuw?
Het enige zinnige wordt gevormd door de gospel songs van Mahalia Jackson c.s. In de vijftiger jaren is er in dat genre veel nieuws ontstaan. Daarnaast hebben we alleen onze psalmen en gezangen, die naar inhoud goed, maar naar vorm, taal en stijl oud zijn. Buiten de gospel bestaat er geen hedendaagse muziek van enige waarde en betekenis.
Nu we toch over de gospel spreken, wil ik nog even op de vorige vraag terug grijpen. In de jaren vijftig hoorde ik nog al eens: „Die negrospirituals zijn machtig mooi, hè? " Vroeg je vervolgens naar Mahalia Jackson, dan was de reaktie volstrekt negatief: „Zo ritmisch; heidens". Wat was het geval? Men „genoot" van de volkomen geromantiseerde en ontkerstende versie van de Maastreechter Staar. Dat gebeurt er, wanneer je de dingen niet volgt. Dan laten wij 'het goede liggen en pikken we het slechte op. We hobbelen op een afstandje met de wereld mee en verwaarlozen onze eigen opdracht.
Hoe pak je nu de begeleiding van jongeren aan, die door de moderne muziek geboeid zijn geraakt?
Ik geloof niet, dat je op de goede weg bent door het luisteren zondermeer te veribieden. Als God ons in Zijn Woord, geen verboden geeft, dan zullen wij ze niet opleggen'. Het is duidelijk, dat overspel zonde is. Dat zegt Gods Wet. Maar wij mogen zelf geen verboden erbij maken om het luisteren naar muziek te verbieden. Hiermee mag je niet volstaan! Je moet jongeren leren, dat muziek geen neutrale zaak is, dat er inhouden zijn die moeten worden onderkend. Dan moet je zeggen: Luister hier eens naar, luister daar, neem dit punt eri dat. Dat is het strijden van de geestelijke strijd, ook op het terrein van de ontspannende muziek.
Onlangs las ik een uitspraak van Mahalia Jackson: ..Flet is onmogelijk om zondags in de lcerk spirituals te zingen je op maandag over te geven aan rock 'n roll".
Helemaal mee eens. Het zelf produceren van deze muziek is uitgesloten. Het is n.1.
een groot verschil of je iets zelf maakt of dat je naar iets luistert. Jezus zegt niet: Wat bij de mens ingaat, verontreinigt hem, maar: Dat wat van de mens uitgaat, dat verontreinigt. Ik mag mij niet overgeven aan deze muziek, die duidelijk niet-christelijk van signatuur is. Evenmin kun je deze rock overnemen in de zin, dat je de vorm handhaaft, maar er andere woorden' bijzet. De inhoud van de rock zit niet in de woorden, maar in de vorm. De muziek heeft al gecommuniceerd voor dat je cle woorden hebt gehoord. „'Gedoopte rock" is met zichzelf in volstrekte tegenspraak. De algemene norm ligt in de liefde tot God en de naaste. Dat betekent dat we onszelf rein moeten houden, maar dan moet je terdege weten wat er gaande is. Dan alleen kun je anderen helpen.
En als je nu niets van de achtergronden van de moderne muziek afweet?
Dan moet je beginnen met de moeiten' en tekorten van deze tijd te accepteren. Als je als ouders je kinderen niet kunt begeleiden, ga dan ook niet proberen er negatief tegen in te gaan zonder dat je een motivering kunt geven. We staan nu eenmaal in een verzondigde, kapotte situatie. Je kunt niet verwachten, dat met een handomdraai alles weer ineens goed komt. Laten we beginnen met een' stuk schuld te belijden. En dat woord schuld neem ik in zijn volle zwaarte. Wat heeft een vorige generatie, wat hebben wij aan het maken van goede muziek gedaan? Na deze schuldbelijdenis moeten we eenvoudig aan het werk gaan. Op hoop van zegen.
Wilt U die opdracht wat praktisch toespitsen?
Wij zullen er als christelijke gemeenschap aan moeten gaan werken om werkelijk nieuwe dingen' te maken. En die vernieuwing kan er komen door doelbewust te schiften, goede dingen op te nemen, slechte dingen uit te zuiveren. Onze eigen uitingen moeten we toetsen aan Eilip. 4 : 8. Wel moeten we steeds bedenken, dat het in die tekst om meer gaat dan het zoete en lieflijke. We hebben tenslotte ook de moeiten en zorgen van onze wereld onder ogen te zien. Voor die vernieuwing zullen we heel veel moeten over hebben. Als de geestelijke reformatie komt, waarom we bidden, als cle Geest werkelijk gaat blazen, moeten er ook mensen zijn, die er alles voor over hebben' om zich op dit gebied te begeven. Die dingen hebben hun voorbereiding. Een man als Dürer was een echt reformatorisch kunstenaar, die al bezig was voor dat Luther kwam.
Er klinken tegenwoordig veel stemmen, die pleiten voor een getuigenis-zonder-meer en een keuze voor een maatschappelijk isolement.
Dat weet ik, maar ik geloof niet dat wereldmijding ooit een antwoord is geweest. Getuigen gaat altijd gepaard rnet strijd in deze wereld. Wanneer die strijd ontbreekt, wanneer er geen daadwerkelijk bezig zijn is, zijn we zouteloos zout geworden, waard om te worden' weggegooid.
U vindt zich geheel terug in het woord van Luther: Als ik lüist dat morgen de wereld verging, zou ik heden nog een boom planten?
Ja, maar ook in de woorden van Jeremia en Jesaja, die doorgegaan zijn om van hun Heere te getuigen dwars tegen hun eigen cultuur in. We staan niet voor de keuze: onthouding of deelneming, maar we worden geroepen tot „profeteren". Dat' betekent door Gods genade in deze wereld staan en zeggen': „Mensen, deze wereld gaat kapot". En dan niet op een oppervlakkige manier in de zin van: „O, dat is slecht en werelds en daarmee uit", maar analyserend. We zullen precies moeten aanwijzen waar het goed is en waar het slecht is en waarom het slecht is. Anders luistert er niemand. Dan is alle evangelisatie voor niets, omdat we dan de vragen van de van God vervreemde mens ontwijken of niet kunnen beantwoorden'. Ik geloof dat deze profetische houding in de wereld van vandaag onze roeping is. Of die roeping een eindpunt heeft? Dat punt wordt bereikt, wanneer de mensen je in een concentratiekamp duwen en zeggen: Het hoeft niet meer. Wij kunnen noch mogen bepalen, wanneer er voor niets meer plaats is dan voor een! getuigenis-puur. Dat bepalen de door God geleide omstandigheden. Als ik op een goed moment op de brandstapel sta, ja dan.
1)Jazz, blues, spiritus. Wageningen, 1960; Kunst en amusement, Kampen 1962 e.a. Zijn jongste publicatie „Modern art and the death of a culture", Londen, 1971, tweede druk hopen we in ons blad nog uitvoerig te bespreken.
2 ) Naam van een groep (beat = geslagen of verslagen).
1 ) Beat = slag, het rhythme. Deze term beat en clie hiervoor gebruikt hebben geen direct verband met elkaar.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 november 1972
Daniel | 20 Pagina's