ZINLOOS VERZET
ER IS GEEN WIJSHEID EN ER IS GEEN VERSTAND. EN ER IS GEEN RAAD TEGEN DE HEERE. (Spr. 21 : 30)
De mens leeft van nature bijna altijd in de contramine. Als het anders is, dan is dat de bewarende hand Gods, Die in Zijn algemene goedheid nog samenleving mogelijk maakt. U kunt het een vertekend beeld noemen van de werkelijkheid, maar toch is het de werkelijkheid, vooral als we het zien in het licht van Gods Woord. Overal openbaart zich verzet. In het maatschapplijk leven door het ontstaan van alle mogelijke ontsporingen tegen de algemene rechtsorde. Echter ook in ons persoonlijk leven, al is het, dat we nog veel goeds mogen genieten en de Heere ons nog vele zegeningen geeft. Hoeveel gevoel van onbehagen hebben we niet dagelijks te verwerken, thuis of in de werkkring, in het goddelijk beroep waarin ons de Heere geplaatst heeft. Dat onbehagen en al die ontevredenheid, die in ons leven' zo'n overheersende plaats inneemt, hebben we echter aan onszelf te danken. De een kan het gemakkelijker verdragen dan de ander. De een aanvaardt het gemoedelijker dan de ander. De een lijkt naar buiten een opgewekt en soms los karakter te openbaren, hoewel dit niet samen behoeft te gaan; de ander leest men het ongenoegen' en de ontevredenheid van het gezicht af. Natuurlijk is het zo, en daar weet ook Gods woord van, dat vaak de goddelozen hier in dit leven voorspoed hebben; en lijkt het of degenen, die naar eer en geweten proberen te wandelen er onderdoor gaan. Toch kunnen we al deze zorgen en moeilijkheden onder dezelfde noemer terugbrengen, omdat God ons alzo niet geschapen heeft, doch naar Zijn Beeld, bestaande in kennis, gerechtigheid en heiligheid. Zodoende openbaart zich in ons leven verzet, ja, een onverbiddelijk verzet tegen alle mogelijke scheppingsordinanties en wetten, al is het gelukkig zo, dat bepaalde wetten nog gehandhaafd worden, al is de strafmaatregel op het overtreden van die wet soms belachelijk.
Dan wordt het ook begrijpelijk, dat er in deze wereld zoveel onrecht plaats vindt en de een de ander vereet. Dat volkeren tegen over elkaar staan in voortdurende haat, of in een zodanige verhouding, dat de geringste vonk een wereldbrand van ongekende orde kan veroorzaken. Zoveel mensen in achtergebleven gebieden die geringste middelen van comfort, ja, zelfs de meest primaire levensbehoeften moeten missen. Vult U zelf al die narigheid maar in, ciie er zoals gevonden wordt. Een sociale bewogenheid zou ons moeten bezetten tegen deze misstanden. Maar laten we toch niet vergeten, wat van dit alles de oorzaak is. Wij hebben God verlaten, en onze vaderen tevens. Maar met constateren van dit feit zijn we er nog niet. Het is verzet tegen een Godsregering, die wij niet kunnen begrijpen en ons, mensen, des te erger tegen de Heere doet opstaan, door te denken, dat als wij God waren, wij het wel anders zouden doen. Niets is minder waar dan dat. Het is nog de goedheid Gods, dat alles nog zo is, zoals het is. Als God ons losliet, dan kwamen wij ook openbaar als beesten. Welke houding past ons dan in deze gecompliceerdheid? In de eerste plaats te aanvaarden de Goddelijke Wijsheid, Zijn verstand en Zijn Raad. Uiteindelijk is Hij de Schepper, de Onderhouder, maar even zo goed ook de Oordeler, die ons over alles zal doen komen in het gericht.
Als we dan in ons persoonlijk leven mogen gaan zien, clat wij Hem, de Springader des Levens verlaten hebben, dan wordt alles een wonder. Een wonder van goedertierenheid en de verdraagzaamheid Gods. Zo Gij de ongerechtigheden gadeslaat, Heere, wie zal bestaan? Als dit in het persoonlijk vlak terecht komt, dan zal die sociale bevoegdheid niet achterblijven, maar ons gebed vermenigvuldigen voor anderen, die die aanvaarding en overgave moeten missen. Dan komt het ook in daden
openbaar van geloof en bekering. Dan wordt Zijn wijsheid, Zijn verstand en Zijn Raad zo wonderlijk en aanbiddelijk. De Heere zal al Zijn welbehagen doen, al begrijpen wij het niet: Schoon de heidenen samen, list op list beramen enz. In de diepste betekenis geldt dan ook de uitdrukking: Verbeter de wereld, maar begin bij U zelf. Bekeert U, want het koninkrijk der hemelen is nabij gekomen!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 augustus 1972
Daniel | 20 Pagina's