ALLEEN VARIATIE IN DE SOORT
Byron C. Nelson: „Naar hun aard". Uitg. Buyten & Schipperheyn, in samenwerking met de Stichting Uitgave Reformatorische Boeken, Amsterdam, 1972, 160 blz., royaal geïllustreerd, prijs ƒ 12, 50.
In dit boek, voor het eerst uitgegeven in Amerika in 1927 en herzien in 1952 en 1967, krijgen we een grondige en heldere bespreking van cle evolutietheorie. „Naar hun aard" heeft in Amerika al negentien drukken beleefd en is nu voor het eerst in het Nederlands verschenen. Het is keurig uitgegeven. U krijgt waar voor voor Uw geld, want het boek herhaalt niet wat U al gelezen hebt in de reeds eerder besproken boeken van A. Rehwinkel over De Zondvloed en Evolutie, wetenschap of dwaling? door J. R. Howitt.
Dit boek geeft n.1. een schat van voorbeelden om aan te tonen dat de soorten dezelfde „aard" handhaven. Alleen binnen cle soorten' zelf kunnen er grote variaties voorkomen. Dat hangt af van cle situatie. Vervolgens worden er in hoofdstuk 2 een aantal beweringen van evolutionisten kritisch en konstruktief onderzocht. De schrijver komt, en m.i. terecht, steeds weer tot de slotsom, dat de evolutie geen wetenschap is, waarvan de resultaten te kontroleren zijn, maar een theorie, opgebouwd op een aantal vooronderstellingen, hypothesen. De evolutie-theorie wordt met een grote overtuigingskracht afgewezen en de oproep tot het vasthouden aan het onfeilbare Woord van God klinkt er steeds weer door heen.
In hoofdstuk 3 worden de theorieën van Darwin e.a. besproken. Uit het aangevoerde blijkt duidelijk, dat de evolutie geen verklaring heeft voor de vraag: Hoe ontstaan de nu levende wezens?
Hoofdstuk 4 brengt ons in kontakt met de erfelijkheidswetten van Mendel (1869). „Het laatste woord over de evolutie" noemt de schrijver deze wetten. De evolutionisten hebben deze wetten doodgezwegen, omdat ze niet pasten in de leer van Darwin, die ook in die tijd leefde. De afstamming gaat volgens Mendel volgens een zekere orde, zodat er niet iets nieuws toegevoegd wordt. Variatie heeft altijd plaats binnen het soort (zie ook hoofdstuk 1). Darwin echter beweert, dat bij overerving alles willekeurig en lukraak toegaat!
Het laatste hoofdstuk geeft aandacht aan de gevonden resten van schedels én aan het onderscheid tussen mens en dier. De overgangsvormen ontbreken' ten enenmale. De evolutietheorie en het bijbels Christendom zijn totaal verschillende gedachtenwerelden. Ze zijn als water en vuur.
Dit boek is voor de mensen, die veel belangstelling hebben voor de vragen rond „Schepping en Evolutie" heel geschikt. Het is tevens een goed boek voor de jongelui, die vervolgonderwijs ontvangen op allerlei soorten van scholen'. Voor de discussies biedt het veel materiaal. Het zorgt ervoor dat je goed beslagen ten ijs komt.
De opvatting van de schrijver op blz. 141 over de ouderdom van de mens, moeten we op grond van overwegingen, ontleend aan de Schrift, de Belijdenis en de wetenschap afwijzen. De foto's en tekeningen vormen ter verduidelijking een waardevolle bijdrage aan het boek.
Wij zijn de uitgever dankbaar voor deze uitgave én we hopen dat hij doorgaat met het uitgeven van betrouwbare boeken', die kunnen dienen om aan het protestantse volksdeel, te midden van de zuigkracht van de wereld, wat meer staalkracht te geven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 juni 1972
Daniel | 16 Pagina's