Kruisverijdeling
.......opdat het kruis van Christus niet verijdeld worde. (1 Cor. 1 : 17b).
Paulus schrijft hier aan de gemeente in de Griekse havenstad Corinthe. Hij dankt vanwege de genade, die aan deze gemeente gegeven is in Christus Jezus. Er was echter ook reden tot droefheid voor Paulus en reden om hen te vermanen. Er was namelijk twist onder de leden van de Corinthische gemeente.
De één zei: „ik hoor Paulus liever preken" en cle ander: „neen hoor, geef mij Apollos maar" en een derde: „nee, dan Petrus, die blijft tenminste trouw aan de Wetten van Mozes, die breekt zomaar niet met het oude".
Ja, men kwam zover, dat men verschillende groepen ging vormen in de gemeente en dat de ene groep de andere groep ging bestrijden. De ene groep liet er zich op voorstaan door Petrus gedoopt te zijn en een andere door Apollos.
Het ergste w 7 as dat door dit alles het kruis van Christus verijdeld werd. Men steunde op iets anders dan op het kruis van Christus. De ene groep achtte zich veel gcdsdienstiger clan de andere. Men veroordeelde elkaar over allerlei bijkomstige zaken en men beriep zich in deze twisten op woorden of handelingen öf van Petrus öf van Paulus öf van Apollos. Men vergat dat het aanhangen van Paulus of Petrus of Apollos niets te betekenen heeft, indien men niet van Christus is.
Maar kan het kruis van Christus clan verijdeld worden? Dat kruis is toch door God Zelf op deze wereld geplant? En de vrucht van het kruis zal toch zeker eenmaal ingezameld worden? Inderdaad, het kruis is er, door God geplant. Niemand kan het wegnemen, het blijft staan tot de laatste der uitverkorenen zal zijn toegebracht.
De zon kan nooit door 's mensen hand worden weggenomen van haar plaats, maar wanneer iemand op de volle dag de luiken sluit van zijn kamer, dan heeft hij voor zich en voor allen, die met hem in de kamer zijn, de zon toch verijdeld. Gods werk in en door Christus' kruis kan de mens nooit ongedaan maken, maar de betekenis en de vrucht van dit werk voor zichzelf en voor anderen verijdelen, ja helaas, dat kan de mens wél.
Niet alleen door de ongelovige wereld, niet alleen door hen die leren dat de mens niet alleen door het kruis kan zalig worden, maar dat óók nog onze werken erbij moeten komen, wordt het kruis van Christus verijdeld, maar ook door zoveel trouwe kerkmensen die allerlei gronden hebben buiten dit kruis. Men kent niet de smart over de zonden, het zich door Gods Wet veroordeeld voelen, het bevend staan voor Gcds geduchte toorn. Men heeft nimmer het woord van Jesaja tot zijn diepe smart verstaan: „Hij was veracht en wij hebben Hem niet geacht". Dat kruis spreekt van de toorn Gods over de zonden, van de vloek Gods en van de straf Gods. Dat kruis predikt: zondaar, dit is Uw plaats, hier behoort gij te hangen onder de toorn en vloek van God en voor eeuwig om te komen.
O, nooit zal een zondaar zalig worden of hij zal dit moeten leren en zijn leven verliezen. Maar als zulk een ongelukkige, in zichzelf waardeloze zondaar dit recht Gcds toevalt en zichzelf mag afvallen en God toevallen in het veroordelen van zichzelf, begint het kruis zijn liefdegeheimen te ontsluiten en zijn schatten uit te delen. Dan wordt Christus' kruis de enige hoop van onze ziel. Dan omklemmen we dit kruis, sterker dan cle drenkeling de hem toegeworpen reddingsboei.
Dan wordt het de taal van ons hart, en bidt cle Heere of het uit genade ook Uw jubel mag worden:
„Liefde! in U is al ons leven, Gij, Gij zijt het hoogste goed; Ja, Uw kruis heeft ons gegeven, Wat ons eeuwig juichen doet".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 februari 1972
Daniel | 16 Pagina's