Sneeuw
De sneeuw die is zo zacht bij nacht gevallen uit grijze hemel ondoordringbaar dicht — en neergedwarreld over 't huis van allen, die hebben nog hun deur en vensters dicht.
Voor die nog schuilen achter aarde's wallen, hun droeve ogen naar 't beneen gericht, is troost gekomen in een vloed kristallen. De sterren storten in de sneeuw hun licht..
Die moeizaam gaan langs lange vreemde wegei en nergens komen 't zo gezochte tegen, de eenzamen die zwerven overal — zij vinden na 't onwezenlijk' en vege, hei oversneeuwde, nu nog ver gelegen, waar 't wit op wit en witter wezen zal.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 januari 1972
Daniel | 16 Pagina's