JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Kleine beroepenspiegel

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kleine beroepenspiegel

„Bij ons op de bank”

7 minuten leestijd

„Bij ons op de bank"

Alle begin is moeilijk.

En daar sta je dan. Vanaf vandaag hoor je bij de werkende jeugd. Je bezit een heleboel theoretische wijsheid, maar een minimum aan praktische kennis. En je hebt nog minder durf. Hoe zal clat aflopen?

'k Ben nog maar een enkel keertje op de bank geweest. Laat staan dat ik weet hoe het er achter de balie toegaat

Ik kijk op mijn horloge. Veel te vroeg natuurlijk. Zou ik nog een eindje omlopen? Of zou ik aanbellen? Maar zou ik dan deze deur moeten hebben of

Natuurlijk viel het allemaal erg mee. Een week later liep ik al aardig zelfbewust in en uit, ., Ik durfde nog niet net op het nippertje aan te komen, zoals de anderen deden. Of zelfs even te laat. Daar stond echter tegenover, dat ze dan 's avonds een uur of langer overwerkten. Ja, van overwerken weet je mee te praten op een bank.

Ik hoefde dat de eerste tijd echter nog niet. Alleen de in mijn ogen belangrijke personages bleven 's avonds soms wat langer. Zoals de chef, de kassier enz. Vooral de kassier imponeerde me heel erg. Verbaasd keek ik toe, hoe hij grote stapels bankbiljetten telde in een ogenblikje tijd. Ik weet nog goed, dat ik hem in een verloren ogenblikje moest helpen „bossen".

Dat was het bundelen van bankbiljetten in stapeltjes van twintig stuks. Wat een ervaring was dat! Die avond lette ik heel angstig op of het woord „kasverschil" niet viel. Het liep goed af, ditmaal klopte alles. Dat was echter niet altijd zo. Soms was er wel een verschilletje. Het verbaasde me, dat ze dat zo lakoniek konden opnemen en heel rustig naar de fout gingen zoeken. Ik zou me geen raad weten!

Eén jaar later.

Ik werk op de afdeling boekhouding. Voor zover je dan op een kleine bank als de onze over afdelingen kunt spreken.; Het hele personeel bestaat n.1. uit zegge en schrijve zes man.

Het w7erk op deze afdeling bevalt me best. Het is heus geen saai werk. En tussendoor doe ik vaak nog andere dingen, zoals klanten helpen aan de balie. Maar dat is wel moeilijk, want je moet van alles een heleboel weten.

Dit eerste jaar is een jaar vol veranderingen. Het kantoor wordt verbouwd, het personeel uitgebreid en de boekhouding wordt gemechaniseerd. Van nu af aan hoeven we dus de boekhoudkaarten niet meer te schrijven, maar kunnen we ze door „de boekhoudmachine halen". In het begin vonden we die machine een wonder. We wilden allemaal graag boeken, hoewei we al die knoppen en toetsen wel een beetje eng vonden. Gelukkig was onze baas zo verstandig om toerbeurten in te stellen. Want na drie maanden was de aardigheid er af. Je kon het werk bij wijze van spreken slapend doen. Het was dan wel fijn, dat je nu maar een van de drie maanden achter de boekhoudmachine hoefde te zitten.

„Machinebankwerker" noemden we dat.

Vier jaar later.

Waar is de tijd gebleven? Met heimwee denk is soms terug aan het kleine knusse kantoortje van vroeger.;

Nergens gaat de tijd zo vlug als op een bank, zeggen we altijd. Dat komt omdat het altijd zo druk is. Steeds meer klanten, steeds meer werk. Natuurlijk krijgen we er ook geregeld nieuw personeel bij. Maar dat duurt vaak een tijdje voor je ze ingewerkt hebt. Ondertussen stapelt het werk zich op. Iedere dag hebben we onze handen vol aan de „boeking-gang". De dagafschriften moeten n.1. altijd dezelfde dag de deur uit. Daarnaast hebben we dan nog voorbereidend werk voor „het eind van het jaar". Want dat is me altijd iets, die jaarwisseling. Over het algemeen is trouwens de hele winter drukker dan de zomer. 's Winters doen de boeren op hun gemak de bankzaken af. Vaak zijn ze dan een of meer dagafschriften verspeeld in de drukke hooitijd. Dan moeten wij (intussen zijn we al met z'n elven) er maar weer aan te pas komen. „Ik zij er weer een kwijt. Gij maakt zeker wel weer een aander veur mijn " Ja, zo gaat dat op een dorp, heel gemoedelijk allemaal.

Een lach en een traan..

Eens in het jaar hebben we spaarweek. Dan krijgt iedereen, die wat in komt leggen, een

attentie. Vooral de kinderen zijn daar dol. op. Maar oei, het is zo moeilijk om iets uit te kiezen.

„Hedde geen puntenslijpers meer? " of „Ik wil zo gère een zakmes net als onze Jan..." Natuurlijk zijn cle zakmessen op. „Maar vind je deze notitieblok niet veel leuker? " zegt mijn collega, niet helemaal eerlijk. , , Eh... nee... meester..." stamelt het kind verward.

Soms komen er wel eens twee kinderen tegelijk in het loket. Ze houden hun commentaar niet voor zich. „Hoeveel hedde gij in oe spaarpot? Ik heb lekker toch veel meer cente!" „Ah joh, aan cente hedde niks", zegt het vriendje wijs. De ander gooit het dan maar gauw over een andere boeg. „Kijk eens hoeveel typemachines ze hier hebben. Nou, die ene daar kan er ook niet veel van... Ge hoort af en toe maar 'ne klap!" Tenslotte verdwijnen ze met een luid „Houwdoe..."

Aan de andere kant maak je ook wel eens dingen mee, waar je wel om kunt huilen, Wij hebben wel uit cle eerste hand gezien, dat geld niet gelukkig maakt. Er komen soms familievetes en afschuwelijke ruzies om erfenissen van. Geld vervormt de karakters, vooral van oudere mensen. Wat kunnen de ogen van sommigen begerig glinsteren, als ze hun geld uitbetaald krijgen. Achterdochtig gaan anderen weer cle handelingen van het baliepersoneel na. Gaat alles wel goed met hun geld, hun bij - eengepotte spaargeld?

Automatisering,

Dertien man personeel hebben we nu. De voorbereidingen voor de „automatisering" worden gemaakt. Dat betekent dat een groot gedeelte van het werk door een computer zal worden verricht. Je kunt op het kantoor nu echt van afdelingen spreken. Het komt nu voor, dat je de hele morgen b.v. girokaartjes zit te tikken. Of een ander werk, dat je vroeger in een uurtje afdeed. Dat is een nadeel. Toch is de teamgeest gebleven. Het werken op een bank is wel druk, maar het fijne is, dat je echt veel resultaten van je werk ziet.

Opleiding.

Toen ze mij (vlak voor ik van de ULO ging) vroegen wat ik ging doen, zei ik natuurlijk ook: „Dat weet ik niet, maar in ieder geval niet naar kantoor "

Ik denk dat het met velen wel zo gaat.

Dat door zo velen versmade kantoorwerk valt echt veel mee. Een bank is trouwens wel afwisselender dan een besloten kantoor. Over het algemeen heb je wel MAVO nodig. Op grotere banken kun je misschien ook met LAVO terecht. Het spreekt vanzelf, dat je dan met eenvoudiger kantoorwerk moet beginnen. Maar de mogelijkheid om je op te werken is er altijd.i Bij een bank kun je een goede positie verwerven. Vooral voor mannen zit er veel toekomst in. Maar je moet dan wel in je vrije tijd studeren (Praktijkdiploma Boekhouden

enz.). Verder geven sommige banken ook speciale cursussen voor b.v. baliepersoneel, reisbemiddeling enz.

Natuurlijk kun je met een hogere opleiding ook terecht.

Ik zou het werken op een heel grote bank niet zo fijn vinden. Het lijkt me minder afwisselend. Maar dat is misschien een kwestie van persoonlijke smaak. In elk geval moet je wel een bank kiezen, niet landelijk klein is.

Als je interesse hebt, ga dan eens bij verschillende banken informeren wat de voorwaarden en vooral de mogelijkheden zijn en vergelijk deze dan zorgvuldig. Dat is de beste raad die ik je geven kan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 augustus 1971

Daniel | 16 Pagina's

Kleine beroepenspiegel

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 augustus 1971

Daniel | 16 Pagina's