Gedachten rond Pasen
En zie, Ik ben levend tot
in alle Hoe we ons moeten wapenen.
De Humanist.
Kent ge persoonlijk die humanist? We dragen die humanist in ons; dat eigen-ik, dat God-enterend ik; dat zichzelf wil handhaven, dat nooit Gods weg wil, dat door eigen gevoeligheid, door eigen bewogenheid, ja zelfs door het zelf in het leven willen houden van wat God gewerkt heeft, dat eigen-ik is geheel door ons bestaan geweven.
Wat dan? Welke weg dan? De weg, die God wil, zoals Hij opgetekend heeft in Zijn Woord: Ik sterf alle dagen. De dood van ons ik, is juist het leven vcor de ziel. „Ik ben met Christus gekruisigd, en ik leef, doch niet meer ik, maar Christus leeft in mij; en' hetgeen ik nu in het vlees leef, dat leef ik door het geloof des Zoons Gods, die mij liegehacl heeft, en Zichzelven voor mij overgegeven heeft". Dat is het echte leven. Dat is niet de mens die op weg is naar zijn identiteit.
Paulus beschrijft een mens, die door Gods Geest weet, dat zijn hart een bron van verdorvenheden is, maar die oude mens moet gekruisigd worden, opdat de zonde teniet gedaan worde. Dit gebeurt aan deze zijde van het graf nooit geheel volmaakt. Maar met de laatste snik sterft alle zonde, het eigen ik, en dan zal het gelden, ontbonden en met Christus te zijn is mij verre weg het beste.
Het leven ligt niet meer in ons. Het leven ligt in Hem, Die getuigd heeft: En zie, Ik ben levend tot in alle eeuwigheid. Als dit niet waar was, de kerk zou tenonder gaan. Maar Hij leeft! Ook door de grote eindworsteling zal de Levensvorst de Zijnen voeren. Niemand zal ze uit Mijn hand rukken. Daarom is er nog hoop! Ook voor de late nageslachten.
Hij leeft! Laten we luisteren naar Paulus' vermaning aan Timotheus: O, Timotheus, BEWAAR HET PAND, de gezonde leer des geloofs (zie kanttekening). Het is u toevertrouwd. Wij mogen het Woord nog onder ons hebben. Bewaar dit PAND! Durft u te distantiëren van Schriftkritiek. Durft neen te zeggen tegen het ongoddelijk roepen, tegen de valse wetenschappen. Buigt onder het gezag van Gods Woord!
We moeten Schrift met Schrift vergelijken. Zij, clie het verstand boven het geloof plaatsen, zijn in gevaar het geloof te verlaten. Durft neen te zeggen tegen de twijfel aan de historiciteit van het Woord! Zie, hoe gevaarlijk dit is: Als Genesis 3 geen historie is, is de zoncle geen werkelijkheid, en bijgevolg kan de verlossing cloor Christus nooit werkelijkheid worden! Aanvaardt de belijdenisgeschriften als gegrond op Gods Woord. De grote Reformatoren hebben dit altijd gedaan. Luther eindigt de verklaring van elk artikel van de Twaalf artikelen des Geloofs met de zinsnede: „Dit is absoluut zeker waar". Laten wij de geschriften van de onder ons bekende „oudvaders" blijven waarderen. Ik zeg niet: boven de Schrift! Be Schrift is de Bron!
Maar, wie enigszins bekend is met de geschriften van de Reformatie en de Nadere Reformatie, komt daarin de gezonde leer naar de godzaligheid tegen, gegrond op Gods Woord.
Is de „taal'' een bezwaar? Vele geschriften worder voor de eenveudigen in hedendaags Nederlands weergegeven. Maar de intellectuelen raad ik aan: lees ook de oorspronkelijke geschriften. Vele vreemde talen worden geleerd; ons oud-Nederlands is ook zeer schoon. Waarom zouden we de erfenis onzsr vaderen verwaarlozen?
Laten wij niet meezingen in het koor der modernen: „Spreek ons aan in onze taal"; wij hebben gezien, dat dit ten koste van de waarheid gaat.
Zeer zeker, de boodschap van Gods Woord wordt gebracht in een voor ons verstaanbare taal; met beelden die we mogen ontlenen aan onze tijd, maar dit mag nooit de inhoud van het Woord aantasten. Elke prediker, cok elk lid der gemeente, moet zich altijd deze vraag stellen: Wat is de bedoeling cles Geestes geweest. Dit leidt ons tevens tot de noodzakelijke voorwaarde voor het rechte verstaan van de bijbel: „Ontdek mijn ogen, opdat ik aanschouwe cle wonderen Uwer Wet!"
Bedenkt ook, dat de prediking ambtelijk is. Gods Woord komt tot ons met autoriteit! Het verachten van een ambtsdrager, die het Wcorcl Gods brengt, is een vreselijke zonde. Laten we een voorbeeld nemen aan de gemeenteleden van Berea: die ontvingen
het Woord Gods met alle toegenegenheid, onderzochten dagelijks de Schriften, of deze dingen alzo waren. Is dat niet beter dan kritiek?
En nu, tenslotte, dat wij wanhopen aan ons zelf, maar ncoit aan God: En zie, Ik leef tot in alle eeuwigheid.
Kom, Schepper, Geest, bezoek Uw kerk. Smeekt om de verlichting des Geestes. Al gaat het dan door duisternis, door beproeving, door verlating, door verbanning; het echte geloof wordt beproefd, maar net houdt stand, omdat het een plant van God is.
Ik ben de Eerste en cle Laatste, de Alpha en de Omega, Die is en Die was en Die komen zal.
En zie, Ik ben dood geweest, en Ik leef in alle eeuwigheid!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 april 1971
Daniel | 16 Pagina's