De laatste strijd
II
De tijd is haast voorbij, de stormen razen met grote kracht door 't bevende heelal. Zij komen aan als nietsontziende dwazen, en al wat goed en schoon was komt ten val.
En overal huilt 't onheilspellend blazen, door bomen, langs de huizen en de stal. De eiken vallen, rinklend breken glazen en uitgehold stort straks de dijkenwal.
Zal niets de woede van de geesten keren? . . . De jongelingen bij het beeld staan pal. Zij zullen deze goden niet vereren.
Zij buigen niet als 't schetterend geschalvan alle zijden opklinkt in het dal, al moet de gloed t> an d' oven hen verteren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 februari 1971
Daniel | 16 Pagina's