De laatste strijd
I
De teugels zijn gevierd: de woeste winden hollen wanhopig door de luchten heen; onzichtbaar, ongebreideld, als ontzinden, vanf de wijde zee waar ’t licht verdween.
Zij vallen aan om alles te verzwinden. Het speelse water, dat zo vredig scheen, wordt opgeschrikt als achteroolgde hinden en spat als rillend op ’t strand uiteen.
Wie gaf het sein om alles te vernielen, de hechte bouwsels uit de gouden tijd, die zoveel torsten en nog nimmer vielen?
De boze geesten, door hun varst geleid, zijn opgeroepen tot de laatste strijd: de hele wereld zal in Dura knielen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 januari 1971
Daniel | 16 Pagina's